Benen met dank aan de genen

©Photo News

Als Mathieu Van der Poel wereldkampioen wielrennen wordt, wordt de optelsom weer gemaakt. Zijn opa Raymond Poulidor en zijn vader Adri waren toprenners: genetica! Dat klopt. Maar ook maar een beetje.

Door haar huwelijk verloor ze haar eigen familienaam, maar Carine Hazard was ooit topvoetbalster in België. Ze trouwde dan met Thierry Hazard, die met La Louvière in tweede klasse speelde, en hun vier zonen kennen we. Eden, Thorgan, Kylian en Ethan zijn allemaal voetballers, twee zijn Rode Duivel.

Ook hier spreken we dus over genetica. En kijk maar rond. Greg Van Avermaet, Jonathan, Kevin, Dylan en Olivia Borlée, Thibaut Courtois en Max Verstappen: allemaal kinderen van sportmannen en -vrouwen uit diverse disciplines. Dat je net zo goed andere voorbeelden vindt, wordt wel eens vergeten. Voetbalde de vader van Kevin De Bruyne? De ouders van Philippe Gilbert fietsten niet veel verder dan Remouchamps. De ouders van Delfine Persoon zijn landbouwers. Of ze talent hadden, weet je niet, alleen zei de boksster in een interview ooit: ‘Mijn vader is wel competitief. Als kind hielpen mijn zus en ik al op het land. Als het etenstijd was, riep mijn vader altijd ‘om ter eerst thuis!’ Dan liepen we met onze botten op het veld.’

Mathieu Van der Poel is toch een fenomeen. Ook in het veld, weliswaar niet op botten, werd hij in januari wereldkampioen. Nadien won hij tien van de 28 wegwedstrijden waarin hij startte, en zoek op YouTube nog eens de finale van de Amstel Gold Race die hij won. Tussendoor werd hij Europees kampioen in het mountainbiken. Alleen die wereldtitel won hij niet. Omdat hij niet deelnam.

Zondag kijkt iedereen naar hem, en nog het meest zijn vader Adri Van der Poel en moeder Corine Poulidor. Zij fietste nooit, maar het palmares van haar vader (en dus zijn opa) is impressionant. Hij won de Ronde van Spanje en Milaan-Sanremo en was drie keer tweede in de Tour. Vader Adri Van der Poel won de Ronde van Vlaanderen, Luik-Bastenaken-Luik en (net als zijn zoon) de Amstel Gold Race. Ook hij was wereldkampioen veldrijden. Toeval: opa Raymond was in 1974 na Eddy Merckx tweede op het WK en vader Adri pakte in 1983 het zilver na Greg LeMond.

‘Natuurlijk zitten de genen om tot goede sportprestaties te komen in deze familie’, zegt Maarten Larmuseau, professor in de genetische genealogie verbonden aan de KU Leuven en Histories vzw. ‘Niet iedereen heeft het fysiek in zich om aan topsport te doen. Hij duidelijk wel.’ Maar je voelt een ‘maar’ aankomen en inderdaad: ‘Maar ook omgeving is van groot belang. Stimulansen van de mensen rondom je. Bij Van der Poel is zeker dat laatste, met zijn grootvader én vader uit het milieu, alvast geen punt. Maar er is ook training, voeding, psychologie. Misschien traint Mathieu meer? Misschien kan hij het mentaal aan om dieper te gaan dan anderen.’

Het is wat wetenschappers het verschil tussen ‘nature’ en ‘nurture’ noemen. Nature is de aanleg, het genetisch materiaal. Nurture is wat je ermee doet. Ooit plakte professor emeritus Jean-Jacques Cassiman, specialist van de menselijke genetica, daar een cijfer op: nature is goed voor 10 tot 20 procent, de rest is nurture. Larmuseau vindt dat moeilijker. ‘Veel hangt af van wat je meet. Spiermassa, ademhaling, andere fysieke kenmerken. Het is te complex om daar één globaal antwoord op te geven, er is verder genetisch onderzoek nodig.’

Identieke tweelingen

Dat zou je wel kunnen doen dankzij een vergelijkende test van twee identieke tweelingen. Kijk naar de lopende broers Jonathan en Kevin Borlée. Of, in het wielrennen, de tweeling Simon en Adam Yates. Genetisch zijn eeneiige tweelingen identiek. ‘Dus als je deze tweelingen van elkaar scheidt en je laat ze in twee andere werelden opgroeien en trainen, kun je het best zien in hoeverre sportgenen erfelijk zijn’, zegt Larmuseau. Bij ‘gewone’ broers of zussen is dat veel moeilijker, want je ouders geven wel hun genetisch materiaal mee, maar enkel in geval van eeneiige tweelingen is dat identiek. Mathieu Van der Poel heeft een broer die David heet, die ook profrenner is, maar het verschil is groot. Met één cijfer: Mathieu staat op plaats 11 in de huidige UCI-ranking, David op 2.351.

‘De genetische mix is nooit dezelfde’, zegt Martine Thomis, gewoon hoogleraar aan de faculteit bewegings- en revalidatiewetenschappen van de KU Leuven. ‘Broers delen gemiddeld 50 procent van het genetisch materiaal en dan is het nog afwachten hoe de mix gebeurd is. Zijn er relatief veel of weinig gunstige genvarianten gedeeld?’ Uniek bij Van der Poel is dat de genen van beide kanten komen: van vader en van de grootvader via moederszijde. ‘Dat klopt,’ zegt Thomis, ‘maar ook daar zitten dan weer mixen in. En voorts blijven de omgevingsfactoren spelen.’

David en Mathieu Van der Poel schelen drie jaar, ze hebben dus niet per definitie hetzelfde leven geleid, ook al kwamen ze uit hetzelfde gezin. ‘En dan reageert iedereen nog anders op prikkels. Je hebt sporters die goed reageren op hoogtestages en anderen die dat minder doen. Mathieu staat zowel in het veld en op de weg als in het mountainbiken aan de top, wellicht omdat hij positief op heel verschillende trainingsprikkels reageert.’

Andere werelden

We trekken het verhaal open. Johann Sebastian Bach kwam uit een muzikale familie. In de familie Kennedy zat politiek in het bloed. Actrice Chiara Mastroianni is de dochter van Marcello Mastroianni en Catherine Deneuve. Andere werelden, andere talenten, wel doorgegeven genen? Larmuseau en Thomis bevestigen, al zeker als het over muzikaliteit gaat. ‘De zogenaamde ‘perfect pitch’ zal wel in de genen zitten’, zegt Thomis. ‘Maar het zit vooral in de stimulerende omgeving die gecreëerd wordt.’

Larmuseau: ‘Het is logisch dat je, als je bijvoorbeeld opgroeit in een politiek milieu, vanzelf geïnspireerd geraakt. Ook dat is nurture. Zoals bij Van der Poel: hij hoorde thuis wellicht veel over koers praten.’

‘Talent is een vaag begrip’, zegt professor Olivier Vanakker, klinisch geneticus aan de UGent. ‘Als je in een bepaald milieu zit en je wordt daarin constant aangemoedigd, kom je sneller tot die niche. Maar dan nog is die basis nodig. (lacht) Leg mij en Mathieu Van der Poel hetzelfde trainingsprogramma op en het zal mij nooit lukken om de Amstel Gold Race te winnen. En wellicht zal hij omgekeerd, met dezelfde studiestof als ik, geen klinisch geneticus worden. Mijn ouders waren dan weer geen wetenschappers, maar wellicht hadden ze ook de intellectuele capaciteiten daarvoor. Alleen kom je dan opnieuw in een verhaal van kansen krijgen.’

Waarmee we een beetje terug zijn bij de ouders van Delfine Persoon. Of, zoals Maarten Larmuseau aanhaalt, bij Ludwig van Beethoven. ‘Zijn grootvader was een Vlaming en zong ook. Maar het bleek toch Ludwig te zijn die het grote talent had. Wat deden de ouders van Alejandro Valverde? Misschien waren dat geen topwielrenners omdat ze het nooit deden, maar hadden ze er wel het talent voor gehad.’

Rest één vraag: stel dat Mathieu Van der Poel op een dag Nafi Thiam tegenkomt. En stel dat, u weet wel. Zou een kind van een koppel topsporters per definitie zelf topsporter zijn? ‘Dat zou kunnen en de kans is niet klein dat dat kind inderdaad iets mee zou krijgen’, zegt Vanakker. ‘Maar het zou ook serieus kunnen tegenvallen. In extreme gevallen zou dat kind totaal geen sporttalent hebben. De genen zijn één verhaal, de variaties erop een ander.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud