Advertentie
reportage

Bij de vips van de koers: 'Ik kom al tien jaar en zag niet één coureur'

©Diego Franssens

De renner die zondag de Ronde van Vlaanderen wint, verdient volgend jaar meer. Maar ook tijdens de Vlaamse koersen zijn zaken van belang. In de viptent in Harelbeke, in Hof van Cleve, op de Oude Kwaremont of in de auto tussen Gent en Wevelgem. ‘Ik kom al tien jaar en zag niet één coureur.’

Alles verandert en dus ook de koers. Tientallen jaren schalde voor elke Vlaamse wielerwedstrijd ‘Rodania, tuut-tuut-tuut-tuut’ door de boxen van de eerste wagen voor de renners. ‘Als je een hele dag in de aanval zat en dus de hele dag achter die wagen reed, werd je zot’, zei ex-renner Roger Swerts ooit.

Maar het rijk van Rodania is uit. Op zondag, voor Gent-Wevelgem, hoor je nu net zo vaak ‘Matexi, Matexi, Matexi’ door de luidsprekers. Dat lijkt een detail, maar het is een symbool: een projectontwikkelaar als Matexi ziet zaken in de koers. En dat zakenmannen de koers als net-werkevent ontdekt hebben, zie je ook twee dagen eerder al bij de E3 BinckBank Harelbeke, zoals de E3 Prijs Harelbeke sinds dit jaar heet.

‘Wat Waregem Koerse voor Waregem is, is de E3 Prijs voor het Texas van Vlaanderen’, zegt Philip Vanderschaeve, strategisch manager bij Electro David in Kortrijk. Hij zegt dat ’s avonds, als de finale volop aan de gang is. Hij staat op het terras aan de viptent bij de aankomst in Harelbeke. Van hier zie je de finish niet. Je hebt ook geen zicht op een tv-scherm. Koers? ‘Ach,’ zegt een receptietafelgenoot, ‘dat is toch allemaal verkocht?’

Schrijven dat al die genodigden níét in koers geïnteresseerd zijn, is liegen. De spannende finale - Jungels voorop, Van Avermaet en Van Aert halen hem bij, Stybar wint, ‘ene van Quick-Step!’ - wordt gevolgd. De viptent leeft wel mee.

©Diego Franssens

‘Maar ik kom hier al tien jaar en ik heb nooit één coureur gezien’, zegt Barbara Callewaert, algemeen directeur van Callewaert NV uit Harelbeke. ‘De E3 Prijs is een hoogdag voor West-Vlaanderen. We hebben onze eigen bus, met daarin 45 gasten. Die worden uitgenodigd voor een ontbijt, dan gaan ze naar de koers kijken op de Holleweg en ’s avonds komen ze terug in de viptent. Dat kost ons 250 euro per persoon, maar die investering is het waard. Wie vorig jaar won? (glimlacht) Echt geen idee.’

Blinkende donsjasjes

29 maart, acht dagen voor de Ronde zijn we. De start- en aankomstzone in Harelbeke wordt afgezoomd door bussen: Kenny Tours, Albion Tours, Mandel Tours, Sima Tours, Coach Partners. De dresscode lijkt afgesproken: veel mannen dragen blinkende donsjasjes en bruine schoenen, de dames zijn gehakt.

Natuurlijk is de Ronde van zondag sportief belangrijker en in tenten op de Oude Kwaremont en de Paterberg zullen de genodigden in de watten gelegd worden. Formules genoeg: ‘VIP-ontbijt start Antwerpen’, ‘Paterberg Tailor Made’, ‘Drie keer Oude Kwaremont Loge’ of ‘VIP-wagen start tot finish’. Alles kan. Die laatste formule - ‘all-in’ - kost 4.000 euro.

Maar de E3 Prijs... ‘Die bestaat al 62 jaar en wordt nog altijd georganiseerd door wielerclub Hand in Hand’, zegt Henk Vlaemynck, salesmanager bij Top Motors, maar ook lid van de organisatie. ‘Dit is een vzw, met elf leden in het bestuur. Een jaar of 15 geleden begonnen we met de uitbouw van een programma voor vips.’ Enkele cijfers zeggen verder alles. ‘We ontvangen vandaag 5.500 vips. We leggen 58 grote autocars in en tien kleine busjes. Onze omzet ligt rond 1,8 miljoen euro.’

Het is halfelf, op het podium vijftig meter verderop, roept Michel Wuyts de teams naar voren: Katusha, Jumbo-Visma (‘met Wout Van Aert’), Lotto-Soudal, Deceuninck-Quick-Step. Voor dat podium staan honderden mensen met een gratis petje van de organiserende krant. In de tent staan een paar duizend mensen met de juiste badge en het juiste polsbandje. Op die badges het viparrangement waarvoor ze uitgenodigd zijn: ‘On the road’ (295 euro, renners zien op de Holleweg, lunch in de Willy Naessens Kwaremont Lounge), ‘Tradition’ (295 euro, drietal passages, Geraardsbergse mattentaart op La Houppe, aankomst op de viptribune) of ‘Castor’, ‘Boury’, ‘La Durée’ en ‘Hof van Cleve’.

‘Vroeger haalden we de sterrenchefs naar hier en kookten zij voor de vips’, zegt Vlaemynck. ‘We hadden in totaal elf sterren. Maar het was te duur. Sergio Herman wil alleen met een bepaald merk van ovens werken. Die moesten we dan huren. Toen hebben we het veranderd. Wij brengen de gasten naar de sterren. Negen in totaal. Dat bleek een topformule.’

©Diego Franssens

575 euro (zonder btw) kost de formule ‘Hof van Cleve’ en al snel stond op de site van de E3 Prijs: ‘Uitverkocht’. ‘Net als vorig jaar kochten wij alle 47 tickets’, zegt Mike Feys, salesmanager bij Duma, een bedrijf uit Marke dat vorkheftrucks verhuurt en verkoopt. Het driesterrenrestaurant van Peter Goossens is voor een dag omgedoopt tot Hof van Duma. Zo staat het ook op de wegwijzers in Kruishoutem. ‘We nodigen onze vertegenwoordigers uit, die enkele klanten uitkiezen. Verder zijn er leveranciers. Dit is voor ons geen commercieel evenement, het is meer een ‘dank u wel’ aan onze klanten. We doen dat ook bij de Rally van Ieper en op Waregem Koerse.’

Hoe ziet de dag eruit? Heel eenvoudig: de klanten komen eerst naar de viptent in Harelbeke, straks rijdt de bus hen naar Hof van Cleve, daar wordt lekker gegeten en kan de koers op tv gevolgd worden. Wie wil, wordt op tijd met de bus terug naar de finish gebracht. Wie wil, blijft. ‘Wij zorgen dan zelf wel voor shuttles.’

Lekker lunchpakket

We stappen in de wagen. Stilaan is de viptent leeggelopen, alle bussen zijn weg. Met Vlaemynck rijden we naar café In den Groenen Boom in Mater. Het staat er al lang. Firmin Roman, de opa van uitbaatster Leen Van Wambeke opende het op 1 mei 1948. In 1962 werd het verbouwd (‘het interieur van vandaag is dat van 1962’), Leens moeder Jeanette nam het in de jaren zeventig over van Firmin. ‘Ik heb nooit ergens anders gewoond en toen mijn moeder te oud werd, nam ik het over. Ik wil café houden. Zonder eten. Pinten, wat lachen, leute.’

‘Normaal’ gaat haar café pas om half-vijf open. Maar vandaag is niet normaal. ‘Koersdagen zijn superdagen’, zegt Leen. ‘Vroeger was de dag van de Ronde de drukste dag, omdat met de aankomst in Meerbeke Mater later in het parcours lag. De Ronde is nog goed, maar ook dit is een geweldige dag.’

Het is ongetwijfeld ook een ander publiek. Bruno Quartier zou hier op een normale vrijdag niet lopen, maar nu wel. Hij is bestuurder van Quartier nv, een kmo uit Heule, gespecialiseerd in de installatie van onder meer centrale verwarmingen Ze hebben klanten in de ‘Tradition’-formule, maar ook in een ‘Private’-busje: daarin passen zes mensen, het pakket kost 2.500 euro, zij zien de renners zo vaak mogelijk. Van sterrenrestaurants is geen sprake, er is wel een lunchpakket. ‘Maar wel een heel lekker lunchpakket’, grijnst Vlaemynck. ‘In die busjes worden vaak directieleden uitgenodigd of topmensen van klanten. Daar kunnen ze wat discreter praten.’

‘Zakendoen is vandaag niet echt belangrijk’, zegt Quartier zelf. ‘Hooguit onrechtstreeks. Maar het is fijn. En de E3 Prijs is belangrijk. Op de bureau is vandaag niemand. We zijn allemaal hier.’

Vlaemynck: ‘Toen we met de E3 onze vaste koersdag op zaterdag kwijtraakten, waren we eerst boos. Nu blijkt het een godsgeschenk. Het weekend is voor veel zakenmensen heilig, maar op vrijdag kunnen ze veel makkelijker klanten uitnodigen. We willen nooit meer weg van die vrijdag en we blijven onafhankelijk. Flanders Classics (de organisatie achter onder meer de Ronde, red.) krijgt ons niet.’

5.500 flessen champagne

Daar zijn de renners. Voor de mensen langs de twee zijden van de Holleweg hebben ze geen aandacht. Al is het beeld grappig. Bijna iedereen heeft een badge rond de nek. En allemaal stuiven ze, meteen na de doortocht, naar de bus en naar de volgende halte. ‘Achthonderd mensen gaan nu in het Hof van Oranje steak met frieten eten’, zegt Vlaemynck. ‘In dertig minuten worden ze alle achthonderd bediend.’

De bussen passeren, je ziet mensen met een champagneglas, ook op de bus is er voldoende drank. Later mailt Jo Desutter, ondervoorzitter van de E3-organisatie, het verbruik: 5.500 flessen champagne worden vandaag uitgegoten. Dat is een fles per man. In café In den Groenen Boom kost een glas Romy Pils 1,70 euro. Achter de toog lees je: ‘Liever een buik van het drinken dan een bult van het werken.’

Ik ken de helft van de mensen die hier zijn. Je kán eigenlijk niet wegblijven op de E3 Prijs.
Filip Vanderschaeve
Electro David

Is dit vandaag een werkdag of een drinkdag? Filip Vanderschaeve van Electro David heeft het ’s ochtends al gezegd. ‘In Kortrijk is het toch een beetje ‘ons kent ons’. De helft van de mensen die hier zijn, ken ik. In deze regio zijn veel grotere kmo’s. Je kán eigenlijk niet wegblijven op de E3 Prijs. Vandaag worden contacten gelegd die later gefinaliseerd worden. Op de oude manier: op restaurant, eten en drinken en dan de deal sluiten.’

Dat BinckBank, en niet een lokale speler, de koers sponsort is dan weer raar. ‘Toch niet’, zegt Jan Desutter. ‘De CEO van Binck Bank woont hier om het hoekje.’

Honderd meter van de Holleweg passeren de renners twee uur later nog eens op de Kapelleweg. Rennersvrouwen Terpstra, Lampaert en Stuyven kruipen boven op een container van Mahieu Construct (‘Your dream, our challenge’) om hun mannen beter te zien afzien, de helikopter kondigt ze aan, al passeren eerst nog 25 wagens van de publikaravaan. ‘Voor 175 euro heb je daarin een plaats’, aldus Vlaemynck. We horen ‘Matexi, Matexi, Matexi.’ De renners zijn zo voorbij. In een flits.

We moeten terug naar Harelbeke en in de laatste kilometers geniet Vlaemynck van de 250 gele en 75 groene stootkussens die sponsor Boplan, een bedrijf uit Moorsele, rond alle paaltjes en gevaarlijke obstakels in de finishzone heeft geplaatst.

In de tent schuimen Bavik en Kwaremont. Er zullen vandaag tweehonderd vaten bier leeggedronken worden. Het kaasbuffet is nog niet open. De oesters lonken. ‘Tienduizend oesters’, laat Jan Desutter later weten. Op grote schermen zie je hoe Bob Jungels wordt ingehaald, het buitenterras dat helemaal is afgehuurd door Immo François, geeft het beste zicht op de finish. Maar binnen staat Bert Tarras. Op zijn buik bengelt een badge waarop ‘Hof van Cleve’ staat. Hij glimlacht.

‘Ik werk voor Adirack in Roeselare en had een uitnodiging van Duma. Maar eerlijk: ik ben zot van de koers. Als kind wilde ik zelf koersen, maar mijn ouders waren er niet voor. En toen Eddy Merckx viel in Blois (eind 1969 op een piste, Merckx’ gangmaker op de motor overleed bij die val, red.) zei mijn mama: ‘Stop maar, jongen.’ Ik bleef wel altijd kijken. Dus ik kwam vanmorgen naar het ontbijt en ik ben hier vanavond. Maar tussenin zag ik onderweg de renners zes keer en dat vond ik fijner dan in het Hof van Cleve te gaan eten.’

‘Nog vlug ne foto’

Zondagochtend, 31 maart. Zdenek Stybar stapt in Tielt uit de ontbijtzaal van hotel Shamrock. Twee dagen eerder won hij de E3 Prijs in Harelbeke, straks koerst de Tsjech liefst zo snel mogelijk van Gent naar Wevelgem. Voor hij op de bus stapt, stopt hij voor een selfie met een genodigde van de ploeg. Dat doen de renners van Deceuninck-Quick-Step een voor een: Philippe Gilbert, Yves Lampaert, Elia Viviani, Tim Declercq. ‘Kom, nog vlug ne foto’, zegt Jo Planckaert, ex-renner en nu als chauffeur van de vips in dienst bij de ploeg van Patrick Lefevere.

©Diego Franssens

Vandaag zijn er drie groepjes van vijf vips verdeeld over drie BMW’s X7. Dit is de andere kant. ‘Patrick (Lefevere, de CEO van de succesvolste wielerploeg van het moment, red.) was de eerste die begreep dat je in het wielrennen ook je sponsors moet soigneren’, zegt Alessandro Tegner, de Italiaanse marketing- en communicatiemanager van de ploeg. ‘In oktober, als de ploeg voor het eerst samenkomt, zegt hij de renners altijd: ‘Vergeet niet dat jullie hier zijn dankzij onze sponsors. Wees altijd vriendelijk.’ Dat hebben ze begrepen.’

Zo vroeg in de ochtend, het is kwart voor acht en nét zomeruur, ontbijten de gasten in de buurt van de renners. Nadien leidt Jo Planckaert, samen met onder meer ex-renner Jean-Marie Wampers, ze rond op de luxueuze ploegbus. Dan is er tijd voor de foto’s en dan rijden ze naar de start. Daar valt het op: op de enkel voor mensen met badge toegankelijke teambusparking troept alleen bij de bus van Deceuninck-Quick-Step volk samen. We zien ex-renners Fons De Wolf en Leif Hoste, CD&V-politici Hendrik Bogaert en Stefaan De Clerck, Paul Lembrechts van de VRT, Wouter Vandenhaute. Maar ook iemand met een jasje van Groen en een groep oudere mensen in rolstoel die vanop de eerste rij mogen meekijken. Allemaal bij die ene bus. Succes trekt aan.

‘We merken dat goed’, zegt Jan Bosselaers, marketing director Belgium voor Alken-Maes. Sinds dit jaar staat Maes 0.0% op de rug van de renners van Deceuninck-Quick-Step. ‘Toen we naar een platform zochten om ons merk nog beter in de markt te zetten, kwamen we snel bij het wielrennen uit. Het is een heel populaire sport en het is een sport die verbindt. Niet zoals voetbal, waar het voor of tegen een ploeg is. Bij dit team, dat als ‘The Wolfpack’ bekend is en dus voor vriendschap staat, vonden we een perfecte match met onze waarden van Maes en makkers.’

Maes 0.0% staat op de trui. Zeker als er gewonnen wordt en de renners elkaar knuffelen, komt dat mooi in beeld. Maar er is meer dan visibiliteit. ‘Voor ons is business to consumer van groot belang. Voor de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix organiseerden we een wedstrijd waarmee vijf klanten een plaats in de volgwagen konden winnen. Duizenden mensen hebben daaraan meegedaan.’

Vandaag, tijdens Gent-Wevelgem, zijn de genodigden zakenrelaties. Eén busje voor mensen van Deceuninck, één voor genodigden van Quick-Step en één voor Maes. Iedereen krijgt een zakje met daarin een pet, een set foto’s van de renners, een drinkbus en een sleutelhanger van The Wolfpack. Blijkt magisch te zijn, ook voor top-CEO’s en managers.

In onze bus mogen ze, in de kleedkamer van Manchester United geraken ze nooit.
Alessandro Tegner
Marketingmanager van Deceuninck-Quick-Step

Is dat gek? ‘Helemaal niet’, zegt Tegner. ‘Het heeft met het iconische van de sport te maken. De weg is ons voetbalstadion. Jo geeft hen bij een passage al eens een wiel in handen, dat geeft het gevoel dat ze erbij zijn. Die bidon of dat petje zijn symbolen van de wielersport. En dan krijgen ze nog eens een rondleiding in de bus en mogen ze op de foto van Gilbert. Sponsoren die mensen in het voetbal, dan kunnen ze Cristiano Ronaldo nooit ontmoeten. In onze bus mogen ze, in de kleedkamer van Manchester United geraken ze nooit.’

Stukje curryworst

In Tielt stoppen we voor een pint bij een ploegsupporter, hooguit een kwartier. Net genoeg voor twee slokken en een stukje curryworst. Nick Gasnier en Olivier Bouckaert, van Ramaco in Tielt en hier uitgenodigd door Thomas Isebaert van Deceuninck, knikken: dit is het begin van een fijne dag.

‘Maar voor Deceuninck is de sponsoring niet alleen in Vlaanderen belangrijk’, zegt Isebaert, accountmanager raamprofielen van het bedrijf uit Hooglede. ‘Collega’s van mij zitten met klanten in de Ronde van Catalonië, iemand anders was in Parijs-Nice en we gaan dit jaar ook iets doen in de Ronde van California en tijdens de Giro. Je moet je merk in de aandacht brengen op een moment dat niemand aan je denkt.’

©Diego Franssens

Straks zien ze de renners een paar keer onderweg. En het is Patrick Lefevere die dit dus, voor de koers, bedacht: dat sponsors meer willen dan een plaats op de trui. ‘Wielrennen brengt ze soms ook samen’, zegt hij. ‘Door onze ploeg te sponsoren hebben Lidl en Maes elkaar beter leren kennen.’ Bosselaers bevestigt: ‘Enkele van onze bieren liggen al in hun rekken. Maar door in dit wielerproject samen te zitten hebben wij ook hun marketingafdeling ontmoet. We gaan nu samen acties opzetten. Dat was anders nooit gebeurd.’

Lefevere, die tussen Gent en Wevelgem de nieuwe Unilin-CEO Ruben Desmet in de auto heeft, vertelt: ‘Als een bedrijf ons sponsort, wordt automatisch een percentage vertaald in arrangementen voor vips. Dat werkt. Vroeger, toen GB (de voorloper van Carrefour, red.) nog sponsorde, was dat niet altijd makkelijk. Meestal waren de CEO’s Franstalige Brusselaars die weinig interesse hadden in koers. Op een dag had ik tijdens de Tour de marketingdirecteur mee. Die moest van zijn baas komen, maar je voelde dat het hem weinig zei. De avond voordien, in het hotel, ging hij liever met zijn vrouw eten dan met ons.’

‘Hij zei: ‘Ik heb alleen maar renners van Once vooraan gezien, waar zaten jullie?’ De dag nadien zat hij in mijn wagen. Het gesprek kwam maar niet op gang, ik werd bijna wanhopig. Tot Tony Rominger (een renner van hun ploeg, red.) in de finale mee in de aanval zat. Die man was niet meer te houden. Hij zat de hele tijd uit het raam te schreeuwen. Tour-directeur Lévitan gaf ons via de radio zelfs een waarschuwing: ‘GB/MG, gelieve uw invité in de auto te houden!’ De dag nadien raakte hij niet uitgepraat over de koers.’ GB bleef nog wat langer als sponsor.

Aankomst in Wevelgem. Deceuninck-Quick-Step wint niet. Het teamfeestje, waar vipgasten van de ploeg altijd welkom zijn, gaat vanavond niet door. Zegt Tegner: ‘Dat is jammer, maar het is ook het mooie van wielrennen. Usain Bolt moet één keer om de vier jaar winnen op de Olympische Spelen. Hier moet je elke week winnen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud