Advertentie

Deloitte: ‘Pandemie kost Belgisch profvoetbal 80 tot 120 miljoen’

Racing Genk-topschutter Paul Onuachu (rechts) in duel met Club Brugge-verdediger Odilon Kossounou. ©Photo News

Omdat de Belgische profclubs vorig seizoen goed boerden in de Europese competities blijft de financiële impact van Covid-19 voor de jaargang 2019/2020 beperkt. Maar de consultant Deloitte verwacht dat de pandemie dit en de komende twee seizoenen een gat van 80 tot 120 miljoen euro slaat in de inkomsten van de clubs.

De Pro League, de koepel boven de 25 profclubs in ons land, laat Deloitte het Belgische topvoetbal sinds 2016 doorlichten op basis van de jaarresultaten van de clubs. Van Sporting Lokeren (faillissement) en Excelsior Virton en KSV Roeselare (geen licentie voor het profvoetbal) waren geen cijfers beschikbaar.

373,5 miljoen
omzet
De omzet van de Belgische profclubs zakte vorig seizoen van 378,5 miljoen euro naar 373,5 miljoen, een daling met 1,3 procent.

Covid-19 zet logischerwijs een rem op de gestage inkomstenstijging van de jongste jaren. In het seizoen 2019/2020, dat in maart werd stilgelegd na de uitbraak van de pandemie, genereerden de clubs 1,3 procent minder cash dan een jaar eerder. De omzet zakte van 378,5 miljoen euro naar 373,5 miljoen.  

Europees voetbal

Vooral supportersgebonden inkomsten kregen klappen. Uit ticketing (-6%) en commerciële inkomsten (-18%) puurden de clubs 16 miljoen euro minder. Tickets zijn voor profclubs nog altijd de belangrijkste kaskoe, maar door onder meer het schrappen van de play-offs bezochten een kwart minder fans de Belgische stadions. Dat veel clubs hun abonnementen precorona al verkocht hadden en ze dus zeker waren van die inkomsten was een doekje voor het bloeden.

De sponsorinkomsten bleven met 76,4 miljoen ten opzichte van 76,2 miljoen op peil. Opvallend: de belangrijkste sponsorbijdrage aan ons voetbal komt van gokbedrijven, gevolgd door de industriële en de kledingsector. 2019/2020 was ook de laatste jaargang van het vorige tv-contract, dat 80 miljoen binnenbracht. Vanaf het huidige seizoen tot 2024/2025 zijn de clubs dankzij de deal met het sportrechtenbedrijf Eleven Sports jaarlijks verzekerd van gemiddeld 100 miljoen aan tv-inkomsten.

Dat de coronaklap vorig seizoen beperkt bleef tot 1,3 procent hebben de clubs vooral te danken aan de premies uit Europees voetbal. De vijf Belgische vertegenwoordigers in de Europese competities rijfden samen 79,2 miljoen euro aan prijzengeld binnen, een stijging met een kwart. Vooral de aanwezigheid van twee clubs, Club Brugge en KRC Genk, in de groepsfase van de lucratieve Champions League verklaart die forse toename.

Financiële spelregels versoepeld

Hoewel Pierre François er vorig jaar op aandrong om de de regels rond financiële fairplay te behouden - die erop neerkomen dat clubs niet meer mogen uitgeven dan ze via de eigen werking binnenhalen - stemde de Pro League toch in met een lichte versoepeling. Clubeigenaars moeten zich voorlopig niet langer houden aan de limiet van 30 miljoen euro die ze over een periode van drie jaar in hun club mogen injecteren.

'Door de verstrekkende impact van Covid-19 wordt die maatregel over kapitaalverhogingen wellicht verlengd voor de komende seizoenen', zegt François. 'We hebben voorlopig geen tijdstip afgesproken waarop de versoepeling niet langer geldt.'

Lege tribunes

Terwijl de coronaputten vorig seizoen nog deels gedempt werden, oogt het plaatje voor dit en de komende twee seizoenen grimmiger. Omdat de huidige jaargang bijna integraal voor lege tribunes werd gespeeld, schat Deloitte op basis van de budgetten van de clubs dat de ticketinkomsten met 55 procent terugvallen. Uit de commerciële werking - de verkoop van merchandising, eten en drinken rond het stadion op matchdagen was onbestaande - zou 60 procent minder cash gepuurd zijn.

‘We verwachten dat de langetermijneffecten van die terugval niet alleen volgend seizoen, maar tot in 2022-2023 voelbaar zijn’, zegt Sam Sluismans, partner bij Deloitte. ‘Uit onze inschattingen blijkt dat de inkomsten in die periode tussen 21 en 33 procent dalen, een krater van 80 tot 120 miljoen euro. Die vork houdt het midden tussen het beste en het slechtst mogelijk scenario.’ De toename in tv-inkomsten maakt wel een en ander goed, maar veel zal afhangen van de Europese prestaties (zie inzet).

Transfers

Het Belgisch voetbal noteerde afgelopen seizoen wel een opsteker op operationeel vlak. Het geconsolideerde verlies van de profclubs - dat in 2018/2019 nog 91,3 miljoen euro bedroeg - bleef beperkt tot 54 miljoen. Het volatiele businessmodel van het voetbal, operationele verliezen dichtrijden met transfers, speelt in dit geval in het voordeel. De nettotransferinkomsten bedroegen vorig seizoen 109,2 miljoen euro, liefst 84 miljoen meer dan het jaar voordien. Miljoenentransfers van Club Brugge (Wesley Moraes, Arnaut Danjuma) en KRC Genk (Leandro Trossard, Sander Berge) zijn voor die toename verantwoordelijk.

Ook dit seizoen bracht de verkoop van Jonathan David (AA Gent), Jérémy Doku (Anderlecht) en Krépin Diatta (Club Brugge) al aardig wat geld in het laatje, maar mogelijk houden de clubs uit de grote competities de komende jaren de vinger op de knip. 'Dat zou slecht nieuws zijn voor ons voetbal', zegt Pierre François, de CEO van de Pro League. 'Wij zijn een opleidingsland voor de G5-competities, die transfergelden zijn voor ons existentieel.'

Kostenspiraal

Tegenover die transferboost staat bovendien een kostenspiraal, die aangedreven wordt door de hoge loonmassa in het voetbal. Bruto bedroeg het gemiddelde jaarsalaris van voetballers in 1A en 1B vorig seizoen 249.000 euro, een toename met 7 procent. Gemiddeld gaven clubs 61,2 procent van hun operationele inkomsten uit aan salarissen, voor 1B-clubs bedraagt die ratio zelfs 84,5 procent.

De hoge loonmassa in 1B is een oud zeer, dat Covid-19 nog meer blootlegt.
Sam Sluismans
Partner Deloitte

'Terwijl dat percentage beter onder de helft blijft', zegt Sluismans. 'Die hogere loonmassa in 1B is een oud zeer, dat Covid-19 nog meer blootlegt. Veel contracten werden afgesloten voor de coronaperiode, terwijl de operationele inkomsten vervolgens ineenzakten. Voor 1B-clubs is de snelle promotie naar 1A de enige doelstelling. Ze investeren zwaar, maar als promotie niet meteen lukt, leven ze operationeel al snel boven hun stand.'

'Die ratio is inderdaad te hoog, zowel voor 1A als 1B', zegt François. 'Het is een belangrijk aandachtspunt voor de clubs. Er zijn clubs - zoals Club Brugge, dat de jongste jaren vrij zeker was van Europees en transfergeld - die zich die hogere loonmassa wel kunnen veroorloven. Maar in 1B moeten we oppassen dat die bubbel niet barst.'

Onzeker Europees lot

Dat de geldstroom uit Europees voetbal de Belgische clubs jaarlijks uit de nood helpt, is verre van een zekerheid. De Europese voetbalbond UEFA berekent de Europese coëfficiënt, die bepaalt hoeveel en voor welke competities - Champions League, Europa League of de nieuwe Conference League - een land tickets krijgt, op basis van de jongste vijf seizoenen.

Volgend seizoen verdwijnt de voor Belgische clubs uiterst succesvolle jaargang 2016-2017 uit die berekeningen, terwijl het zwakke seizoen 2017-2018 wel nog meegeteld wordt. Daardoor loopt België het risico om te zakken op de UEFA-ranking en vanaf het seizoen 2022-2023 mogelijk geen rechtstreekse vertegenwoordiger meer te hebben in de uiterst winstgevende Champions League. België staat momenteel negende op de Europese ranglijst, Schotland en Oostenrijk zitten ons op de hielen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud