Hoe Anderlecht zijn ziel verkocht

©Photo News

Zondag neemt Marc Coucke het roer over bij RSC Anderlecht. De verkoop van de voetbalclub was een verraderlijk schimmenspel waarin geld belangrijker was dan sportief belang. Reconstructie van een financiële thriller. ‘We zijn gemanipuleerd van hier tot in Tokio.’

- Dag Bart, hoorde dat het over mij ging vanmorgen (smiley), groet, Wouter.

- Inderdaad, ja, je bent nog zotter dan ik dacht (lachend mannetje met traantjes).

- Dat is het jongetje in mij.

- (grote duim terug).

Woensdag 4 oktober 2017. Wouter Vandenhaute wisselt met de Antwerpse burgemeester en N-VA-voorzitter Bart De Wever sms-berichten uit over de overname van RSC Anderlecht. Eerder die dag had de politicus op ’t Schoon Verdiep een gesprek met Paul Gheysens, de topman van de Ieperse vastgoedgroep Ghelamco. Niet alleen de inwijding van de nieuwe tribune van voetbalclub Antwerp op de Bosuil is daar besproken, ook het omstreden dossier van het Eurostadion.

‘Zeg, Paul,’ vraagt De Wever tijdens die ontmoeting, ‘hoe zit het nu met Anderlecht? Ik hoor geruchten over de verkoop van de club.’ Waarop Gheysens hem even discreet terzijde neemt en vertelt dat hij samen met Vandenhaute het dossier aan het bekijken is. ‘Ach zo? Dat is een gamechanger’, zegt de burgemeester.

©Filip Ysenbaert

Dezelfde dag nog krijgt Vandenhaute een telefoontje van een opgewonden Philip Neyt, de persoonlijke adviseur van Gheysens. ‘Wouter, sorry, maar Paul heeft zijn mond voorbijgepraat.’ Vandenhaute krijgt in detail te horen wat er is gebeurd. ‘Tja, Philip, het is nu zo’, zegt hij. ‘Er valt weinig aan te doen.’

Voordeel van de twijfel

De woorden gamechanger zinderen echter na in Vandenhautes oren. Het ‘jongetje in hem’ besluit even te checken bij De Wever. De eerste sms die op zijn smartphone verschijnt, doet hem glimlachen. Zijn tandem met Gheysens is inderdaad niet risicoloos. De top van RSC Anderlecht wil af van het Eurostadion en ligt daarover al maanden in conflict met Ghelamco. Ook de N-VA voelt weinig voor een Brussels voetbalstadion dat voor een deel op Vlaams grondgebied wordt neergezet.

De tweede sms van De Wever stelt hem gerust. Blijkbaar gunt de N-VA-leider hem het voordeel van de twijfel. Bij andere politici en beleidsmakers krijgt Vandenhaute eenzelfde signaal. Er is veel respect voor wat hij als media- en sportondernemer heeft gepresteerd. De boodschap is: ‘Als jij bij Anderlecht komt, wordt het misschien een ander verhaal.’

Flashback naar dinsdag 15 augustus 2017. De Woestijnvis-baas is op vakantie in het zuiden van Frankrijk, waar hij bezoek krijgt van de voetbalmakelaar Christophe Henrotay. Die vertelt hem dat hij een mandaat heeft om RSC Anderlecht te verkopen en dat er twee scenario’s zijn: de steenrijke Russische magnaat Alisher Usmanov, die 100 miljoen euro veil heeft voor de club, en Paul Gheysens. ‘Tous les deux, pas buvable’, is echter de boodschap van Henrotay. ‘Il faut créer une troisième piste.’

Beide partijen zijn inderdaad niet onbesproken. Usmanov maakte fortuin in de mijnindustrie, is eigenaar van grote Russische telecombedrijven en heeft 30 procent van de Britse voetbalclub Arsenal in handen. Maar hij wordt ervan verdacht via een stroman ook aandelen van Everton te bezitten, terwijl het verboden is eigenaar te zijn van twee ploegen in één competitie. Hetzelfde bezwaar geldt voor Gheysens, mocht die paars-wit kopen. Dan moet hij afstand doen van zijn aandelen in Antwerp, of niet zelf in Anderlecht stappen.

Een-tweetje

Vandenhaute heeft weinig zin om een derde piste te openen voor een makelaar. Makelaars zijn opportunisten: ze willen gewoon dat het spel verkocht geraakt en daarbij een vette commissie opstrijken. Trouwens, wie zegt dat Henrotay niet een derde partij wil om de prijs nog op te drijven? Vandenhaute dreigt zo de hond in een kegelspel te worden.

Hij besluit eens met Gheysens te praten. Hij heeft de vastgoedman nog nooit ontmoet, maar zag hem wel al op Antwerp. Het antwoord komt vrij snel. ‘Wouter, voor Paul ben je een geschenk uit de hemel’, krijgt hij van Gheysens medewerker Neyt te horen. De Ghelamco-topman ziet in Vandenhaute de geschikte persoon om RSC Anderlecht operationeel te leiden.

Gheysens heeft er blijkbaar al goed over nagedacht. Hij wil helemaal niet zelf de eigenaar van paars-wit worden. Het enige wat hem interesseert, is het Eurostadion bouwen. Via zijn kinderen wil hij een schenking doen: als zij morgen de club kopen, kan niemand dat juridisch beletten. De constructie is grondig afgetoetst bij de Europese voetbalbond UEFA. Het ‘een-tweetje’ met de familie Gheysens lijkt Vandenhaute wel wat.

In september laat RSC Anderlecht nieuwe statuten goedkeuren, waardoor een overname van de club mogelijk wordt. Voorzitter Roger Vanden Stock (75) liet ingewijden vorig seizoen - toen paars-wit kampioen speelde en uitzicht kreeg op de Champions League - weten dat dit misschien hét moment was om te verkopen.

Alexandre Van Damme

Maar de preses trekt niet meer alleen aan de touwtjes. Zijn dochters Julie en Claire kregen elk 15 procent van de aandelen doorgeschoven, zijn neef Philippe Collin (71) bezit 14,6 procent. De rest van het familiekapitaal kwam in handen van de biermiljardair Alexandre Van Damme, die nu 16,4 procent controleert. De uiterst discrete en schatrijke familiale aandeelhouder van AB InBev is daardoor onaantastbaar geworden: hij beslist mee over de overname van de club.

De invloed van de mysterieuze zakenman Van Damme is niet te onderschatten. In 2013 lag hij aan de basis van een vernietigende audit die de achilleshiel van de Brusselse eersteklasser - de veel te hoge uitgaven - blootlegde. Alleen al in de periode 2007-2013 stegen de loonkosten van paars-wit met 121 procent naar 42 miljoen euro. Die erg hoge kosten kan de club aan zolang er recordomzetten worden geboekt, dankzij deelname aan de Champions League.

Maar telkens als dat niet lukt, belandt de club voor enkele miljoenen in het rood en moet sportief directeur Herman Van Holsbeeck ingrijpen door een of meerdere vedetten te verkopen. Een risicovol spel, want wie te veel vedetten laat gaan, ondermijnt de aantrekkelijkheid van de ploeg bij de supporters. En om sportief minder goede prestaties te keren kiest paars-wit te vaak voor de aankoop van dure spelers, wat de kosten opnieuw de hoogte injaagt.

Onder impuls van Van Damme is geprobeerd die negatieve financiële spiraal te doorbreken. In het seizoen 2013-2014 zakte de loonmassa met 8 miljoen euro. En door geld te pompen in het oefencomplex van Neerpede verschoof de focus naar de opleiding van de eigen jeugd, een politiek die vruchten afwierp.

Ongezonde symbiose

Maar onder invloed van Van Holsbeeck herviel de club in haar oude gewoonten. In september 2015 zette de biertelg dan maar zijn vertrouweling Jo Van Biesbroeck, een oud-kaderlid van AB InBev, op de post van zakelijk directeur. Met als opdracht: de club verder professionaliseren, orde op zaken stellen in het financiële huishouden en de handel en wandel van haar sportief directeur controleren.

Het werd een slopende machtsstrijd. Terwijl Vanden Stock Van Holsbeeck de hand boven het hoofd hield, zag Van Biesbroeck met lede ogen aan hoe de transferkosten en makelaarspremies weer de pan uitrezen. In september 2017 trok hij bij Van Damme aan de alarmbel. Hij wees op de ‘ongezonde symbiose’ tussen voorzitter en sportief directeur, en dreigde met ontslag als het beleid niet wijzigde.

Van Damme vroeg zijn rechterhand geduld te oefenen. ‘De verkoop van de club is in gang gezet. Nieuwe eigenaars zullen zorgen voor nieuwe wetten.’

Begin oktober laat Vandenhaute aan Van Biesbroeck weten dat hij met Gheysens kandidaat is voor de overname van de club. De manager van paars-wit valt uit de lucht. Hij weet helemaal niet dat Vanden Stock daarover in gesprek is met de Ieperse vastgoedbaas. Vandenhaute, die merkt dat de Anderlecht-topman er niet kan om lachen, zegt dat hij open kaart wil spelen. Hij weet dat de club op ramkoers ligt met Ghelamco voor het Eurostadion, maar stelt voor een informele vergadering te beleggen bij hem thuis in Tervuren.

Ruis op de lijn

‘Oké, laat ons ten gronde samenzitten’, stemt Van Biesbroeck toe. ‘Dan zien we wel.’ Op donderdag 19 oktober krijgt Vandenhaute de top van paars-wit op bezoek voor een lunch. Vier uur lang praat hij met zijn gasten - Roger Vanden Stock, Herman Van Holsbeeck, Jo Van Biesbroeck en Christophe Henrotay - over de toekomst van de club. De volledige contouren van een mogelijke deal worden doorgenomen. De enige die op het appel ontbreekt, is Gheysens.

‘Oké, stuur ons een geloofwaardig document waarin je alles uitlegt en toelicht, en een formeel bod doet’, krijgt Vandenhaute te horen. ‘Dan kunnen we jullie een exclusief mandaat geven.’ De deal lijkt binnen handbereik. Maar kort daarna komt er ruis op de lijn. De communicatie tussen Gheysens en Vandenhaute valt uit.

Op aangeven van Luciano D’Onofrio, de sportief directeur van Antwerp die tevens een goede vriend is van Vanden Stock, komt Gheysens te weten dat de vergadering in Tervuren toch niet zo positief is verlopen. Vandenhaute toonde zich erg ambitieus en legde alles op tafel. Dat lag gevoelig bij de Anderlecht-voorzitter, die nog een en ander moet verteren over de overname van zijn club. Vanden Stock wil graag nog een rol blijven spelen bij paars-wit, ook na de verkoop.

Voor de Ghelamco-topman kan dat perfect. In diverse gesprekken met Vanden Stock heeft hij duidelijk gemaakt: ‘U moet mij niet alles verkopen van bij het begin. We kunnen ook een optieregeling afspreken waarmee u voor de rest van uw dagen aan boord kan blijven. Mij goed.’

Maar dat Vandenhaute de leiding van de club in handen krijgt, daar is geen discussie over. Paars-wit werkt zoals een entertainmentbedrijf - het gaat om inhoud, spektakel en kijkers. Dus is het logisch dat de Woestijnvis-baas daarin de lead neemt. De vraag is alleen: hoe doe je dat? Het liefst niet als een olifant in een porseleinkast.

Handshake Gheysenns - Vanden Stock

‘Wouter, wees niet te gulzig’, zegt Neyt hem herhaaldelijk. Maar de Woestijnvis-baas wil in de omwenteling blijkbaar sneller gaan dan wat Gheysens Vanden Stock heeft beloofd. De frustratie van de vastgoedman dat hij zelf niet mee aan tafel zit, speelt ook mee. Hij begint te mokken en trekt het laken naar zich toe.

Op vrijdag 27 oktober heeft Gheysens een onderonsje met Vanden Stock. Daarbij komt het tot een handshake - een informeel akkoord - met de Anderlecht-voorzitter. Gheysens is bereid 85 miljoen euro op tafel te leggen als RSC Anderlecht kampioen wordt, en 75 miljoen als dat niet lukt. Maar eerst wil hij nog een beter zicht krijgen op de cijfers van de club.

Vandenhaute ruikt onraad. Hij vreest dat D’Onofrio, met wie Gheysens voortdurend in contact is, voor zichzelf een belangrijke rol bij paars-wit ziet weggelegd. Gealarmeerd neemt hij contact op met Neyt. ‘Wouter, blijf rustig’, zegt die. ‘Laat Paul maar doen. Hij zal zijn woord niet breken.’ Maar Vandenhaute heeft het spelletje door. ‘Dit gaat verkeerd lopen’, waarschuwt hij.

Op vrijdag 17 november roept Gheysens een tweede vergadering bijeen, nu met het trio Vanden Stock, Van Holsbeeck en Van Biesbroeck. Ook D’Onofrio is aanwezig. De top van paars-wit is bereid zijn bod voor te leggen aan de raad van bestuur. Alles zit in de laatste rechte lijn. Bijna te mooi om waar te zijn. Maar ook Neyt begint nattigheid te voelen. ‘Die Van Biesbroeck is veel te poeslief’, merkt hij.

Game over

Diezelfde avond nog krijgt de adviseur van Gheysens plots tientallen sms-berichten op zijn smartphone. Eén ervan is van Vandenhaute, die meldt dat er naar Het Laatste Nieuws is gelekt. De krant heeft op haar website het bericht verspreid dat de club praat met Usmanov en met het duo Gheysens-Vandenhaute.

©Filip Ysenbaert

De Woestijnvis-baas beseft het meteen: game over. David Steegen, de woordvoerder van de Brusselse club, heeft een lijn uitgezet naar de pers. Nu alles open en bloot op de keien ligt, zal er een andere dynamiek op gang komen. De clan Van Damme zal via Van Biesbroeck de macht naar zich toe trekken en Vanden Stock is zijn bewegingsvrijheid kwijt. En dan maakt Gheysens geen schijn van kans meer. ‘So be it, ik trek me terug’, denkt Vandenhaute.

Maar de volgende dag, als alles breeduit in de krant staat, krijgt Vandenhaute een sms van Steven Buyse, partner bij het investeringsfonds CVC Capital Partners. ‘Mooi project, Wouter, ik geloof erin, zeker met jou aan het hoofd, succes, groet, Steven’. Vandenhaute antwoordt: ‘Groeten terug, Steven, we zijn er wel nog niet... op hoop van zegen.’

Twee dagen later keert Johan Beerlandt, de voorzitter van het bouwconcern Besix, terug uit Dubai. Bij zijn aankomst op Brussels Airport vraagt hij meteen Vanden Stock te kunnen zien. Hij treft een heel geëmotioneerde voorzitter die hem bekent dat hij op het punt staat zijn clubziel te verkopen. ‘Het gaat om veel geld en ik kan dat niet laten liggen.’

Besix versus Ghelamco

Uit de gesprekken met Gheysens en Usmanov is gebleken dat de club 75 miljoen tot 100 miljoen euro waard is. Daarover zijn documenten uitgewisseld, maar in beide gevallen zijn de biedingen nog niet definitief. De twee dochters van Vanden Stock zijn er inmiddels wel van overtuigd dat die miljoenenbedragen realistisch zijn. Ze dringen aan op een verkoop. ‘Geef mij een week’, zegt Beerlandt. ‘En ik kom met een gelijkaardig voorstel.’

De 69-jarige Besix-baas is al jaren een fervent Anderlecht-supporter. Met 5 procent van het kapitaal is hij ook de enige aandeelhouder van de club die niet in de raad van bestuur zit. Dat kan ook moeilijk, er zou een belangenconflict dreigen. De bouwgroep Besix was jaren betrokken partij bij het dossier voor de uitbreiding van het Constant Vanden Stock-stadion.

Clubliefde is niet de enige reden waarom de zakenman een bod wil uitbrengen. Hij wil vermijden dat zijn rivaal Ghelamco de club overneemt. Vanden Stock zegt dat hij het proces niet meer in handen heeft en verwijst hem door naar Van Biesbroeck. Die nodigt de Besix-voorzitter bij hem thuis in Kessel-Lo uit en maakt hem duidelijk dat een overname door Gheysens dramatisch zou zijn voor de club. Hij stelt Beerlandt voor een bod op tafel leggen dat de club op minstens 75 miljoen euro waardeert en waarbij 40 procent in handen blijft van enkele trouwe minderheidsaandeelhouders.

De volgende ochtend, op dinsdag 21 november, neemt CVC-investeringsmanager Buyse contact op met Vandenhaute. ‘We krijgen hier een vraag om mee te doen met de overname van Anderlecht’, zegt hij. ‘Zit jij vastgeklonken aan Gheysens?’ ‘I’m as free as a bird’, antwoordt Vandenhaute. Waarop de CVC-boy met de Woestijnvis-topman in overleg gaat en vertelt dat Johnny Thijs, de oud-CEO van Bpost en voormalig kaderlid van AB InBev, een nieuwe coalitie in elkaar aan het knutselen is voor de overname van RSC Anderlecht.

CVC-partners

Vandenhaute heeft het zaakje door. De clan Van Damme is zijn netwerk aan het inzetten om alternatieve investeerders te vinden. Logisch dat Thijs daarvoor een beroep doet op de CVC-partners. Die zaten jaren in het kapitaal van het postbedrijf. Logisch dat ze ook bij Vandenhaute langskomen. Met dat Britse fonds was de Woestijnvis-baas ooit twee jaar in de weer om het internationale wielrennen grondig te hervormen. Toen dat niet lukte, schakelde Vandenhaute over op de bundeling van zes Vlaamse wielerklassiekers in Flanders Classics. Maar de erg nauwe banden met CVC zijn gebleven.

‘Zal ik Van Biesbroeck eens bellen?’, vraagt Vandenhaute. Goed idee, vindt Buyse. Waarop de Woestijnvis-baas de volgende dag in alle vroegte samenzit met de zakelijk directeur van paars-wit in diens kantoor in Neerpede. Twee uur lang praten ze er. Bij de dynamiek die daarbij op gang komt, maakt Van Biesbroeck zijn gesprekspartner duidelijk: ‘Werk het bod verder uit, zet het op papier en de deal komt naar u.’ Ook daar wordt de waarde van de club op minimaal 75 miljoen euro afgeklopt en moet 40 procent van het kapitaal in handen blijven van enkele trouwe minderheidsaandeelhouders.

Wat Beerlandt en Vandenhaute niet weten, is dat ook Marc Coucke rond die tijd een lijn naar Van Biesbroeck legt. Het idee om Anderlecht te kopen is bij de multimiljonair beginnen te rijpen toen hij las dat de club te koop stond en hij ziet wie de kandidaten zijn. ‘Misschien is daar wel een beter project van te maken’, denkt hij. Daar komt bij dat hij als voorzitter van KV Oostende het gevoel heeft met de kustploeg aan het plafond te zitten. Hij wil graag sneller en verder vooruit. De twee mannen ontmoeten elkaar op een geheime plek in Brussel.

Eind november brengt paars-wit een persbericht uit: ‘De aandeelhouders beslisten om de overnamepistes verder te onderzoeken en drukten daarbij de wens uit het dossier nog dit jaar af te werken.’ ‘Vreemd’, denkt Vandenhaute. ‘Er is geen zekerheid over een reëel of tastbaar bod, en toch zal de club eind dit jaar verkocht zijn.’ Hij ziet er de bevestiging in dat Van Damme en co het spel in handen hebben genomen en als gekken hun netwerk zijn beginnen te bellen.

Coucke volle gas

Intussen is Coucke volle gas in gang geschoten. Ook ’s nachts. In een chalet in Durbuy sluipt de ondernemer om halfvier de slaapkamer binnen die hij met zijn maat Yves Lejaeghere, oud-voorzitter van KV Oostende, deelt. Al sinds 1999 komt hij hier begin december samen met kameraden uit zijn studententijd in Gent. De jaarlijkse traditie eindigt elke keer met het omhakken van kerstbomen en veel drankplezier. Lejaeghere schiet even wakker als zijn buddy de vloer doet kraken - ‘Coucketime’, gromt hij - en dommelt weer in. Niets doet vermoeden dat de nachtbraker een coup voorbereidt op de eerste club van het land.

Rond diezelfde tijd belt Coucke zijn sportief directeur bij KV Oostende, Luc Devroe. Hij vraagt hem wat hij ervan zou vinden als hij Anderlecht zou kopen en verzoekt hem een analyse te maken van de waarde van de spelersgroep. Devroe is nauwelijks verrast. Toen hij in de krant las dat Usmanov en Gheysens kandidaat waren voor de overname van paars-wit, dacht hij meteen: ‘Dat zal Marc op ideeën brengen.’ Zodra hij de hoorn opnam, wist hij dat het zover was.

Maar de klok tikt. Coucke is erg laat in het spel gekomen. Hij eist absolute discretie. ‘Als dit uitlekt, trek ik me terug’, zegt hij aan Van Biesbroeck, die voortdurend heen en weer pendelt tussen de partijen. Er zijn er vier. Gheysens, die ondanks het lek zijn kans blijft wagen. Beerlandt met zijn Egyptische Besix-aandeelhouder Nassef Sawiris. Vandenhaute en zijn relaties uit het CVC-netwerk. En Coucke. Eén kandidaat, de Rus Usmanov, is niet meer in de running.

Deal of geen deal?

De eerste die aanstuurt op een definitief bod is Beerlandt. Op woensdag 7 december, de dag na de Champions League-match tegen Celtic Glasgow, luncht hij in Londen met Van Biesbroeck. Ook zijn Egyptische vennoot Sawiris is present. De Besix-voorzitter laat weten dat hij 46 procent van de aandelen wil kopen. Met de 5 procent die hij al in eigendom heeft, verwerft hij zo een meerderheid. Van Biesbroeck knikt instemmend. ‘Een diepgaand onderzoek van de boeken is niet nodig’, zegt Beerlandt. Hij heeft naar eigen zeggen voldoende zicht op de financiële situatie.

De dagen erna laat Van Biesbroeck echter weten: ‘Het is moeilijk om jullie exclusiviteit te geven.’ De Besix-voorzitter reageert: ‘We zijn dat toch overeengekomen?’ De topman van paars-wit legt uit dat hij een vergelijkingspunt nodig heeft door anderen te laten bieden. ‘Dan trekken wij ons terug’, zegt Beerlandt. Maar Van Biesbroeck dringt erop aan dat niet te doen. ‘Hebben we een deal of geen deal?’, kaatst de zakenman de bal terug.

Het dispuut wordt op woensdag 13 december bijgelegd. In het gezelschap van zijn advocaat ziet Beerlandt bij hem thuis in Ukkel Van Biesbroeck. ‘Alles weer in orde’, zegt die laatste. ‘Kan je mij de documenten sturen? Ik wil die voorleggen aan de raad van bestuur.’ Beerlandt, die geen weet heeft van andere bieders zoals Vandenhaute of Coucke, leidt daaruit af dat de deal binnen is.

Ook Vandenhaute is ervan overtuigd dat hij de definitieve kandidaat is voor de overname van de club. Op zondag 10 december breekt hij vroegtijdig een weekendje in Keulen af om in het grootste geheim in Brussel te dineren met Van Damme en Van Biesbroeck. Het is een aangename en gemoedelijke avond. Ook Geert Duyck, de managing director van CVC, en zijn collega Buyse zijn erbij. Ze zetten er hun filosofie over het voetbalbedrijf uiteen.

‘Eerst de visie en dan het geld’, is de redenering. ‘En niet omgekeerd.’ De club is perfect in staat haar eigen middelen te genereren, vinden ze. Maar Van Damme laat uitschijnen dat het structureel niet goed zit met de financiën. Volgens hem moet er geld worden bijgepompt. ‘Dat kan op basis van nieuwe inkomsten’, vinden Buyse en Duyck. ‘Diverse clubs - Ajax, FC Porto en FC Basel - werken met een vergelijkbaar budget als dat van Anderlecht en zijn financieel gezond.’

Belgian Consortium of Friends & Fans of RSCA

Een mapje met documenten, getiteld ‘Belgian Consortium of Friends & Fans of RSCA’, schuift over de tafel. ‘We gaan de salariskosten in het eerste elftal verminderen, niet door spelers minder te betalen, maar door slimmere keuzes te maken’, zegt Vandenhaute. Daarvoor zal een uitgebreid traject met de jeugd worden opgezet.

2O miljoen
Kosten en opbrengsten zijn bij Anderlecht niet in evenwicht. Er is een exploitatieverlies van 20 miljoen euro.

De verstandhouding met Van Biesbroeck lijkt optimaal. Elke stap, zelfs tot de communicatie toe, wordt met de Anderlecht-manager gedeeld. Op zondag 17 december, drie dagen voor de finale beslissing, zendt Vandenhaute nog een Q&A door voor de persconferentie, met Van Biesbroeck in cc. ‘Vanmorgen nog kort met je overlegd dat het verhaal doorgaat’, meldt de e-mail. ‘Veel werk. Namiddag naar Club-Anderlecht. PS: stuur je opmerkingen en suggesties door.’

De deadline is dinsdag 19 december. Klokslag 8 uur ’s morgens moeten de finale biedingen binnen zijn. Bij het advocatenkantoor Clifford Chance wordt een dataroom geopend die klaarheid schept over de financiële achterkeuken van de club. Dat zaait onrust in het kamp-Gheysens.

RSC Anderlecht blijkt een loodzware schuldenlast van 81 miljoen euro te torsen, goed voor driekwart van het balanstotaal. Het betekent dat de club amper genoeg reserves heeft om schokken op te vangen. Bovendien zijn de kosten en de opbrengsten absoluut niet in evenwicht: er is een exploitatieverlies van 20 miljoen euro.

242 voltijdse jobs

Gheysens knippert met de ogen. De salarissen van de club liggen de helft hoger dan bij Club Brugge. Er staan niet alleen duurdere spelers op de loonlijst, paars-wit heeft ook een bredere kern, een grotere staf en meer omkadering. Alles samen goed voor 242 voltijdse jobs, terwijl er bij blauw-zwart maar de helft zoveel zijn.

Biertelg Van Damme moest onlangs zelfs financieel bijspringen om de club uit zijn ademnood te halen. Hij gaf een overbruggingskrediet van 7 miljoen euro, dat intussen is terugbetaald. Maar de omzet uit commerciële activiteiten, merchandising en ticketing blijft ondermaats. Daardoor staat de winst onder druk en ontbreekt de hefboom om het eigen vermogen van de profclub op te krikken.

Sterker nog, een van de criteria voor de licentiecommissie is dat ‘het verschil tussen de vorderingen en de schulden op korte termijn positief is’. Bij RSC Anderlecht is dat negatief. De verlenging van de licentie van paars-wit dreigt daardoor in gevaar te komen, melden de consultants van PwC die Ghelamco bijstaan.

‘We stoppen het biedproces’, laat zoon Michaël Gheysens plots aan zijn vader weten. ‘Het is gedaan!’ Hij wil dat de schenking aan hem, zijn broer en zijn zus ongedaan wordt gemaakt. ‘Het is een vergiftigde erfenis’, vindt hij. Vader Gheysens is verrast door het protest van zijn kroost en grijpt in. ‘Ik ga er geld bijleggen: 6 miljoen euro extra en dan moet het gedaan zijn met al die zever.’

Het voorstel komt erop neer dat Gheysens de club op 91 miljoen euro waardeert. Neyt slaat het hele gebeuren verbluft gade. Hier wordt hoog spel gespeeld. Maar hij kan zijn vastgoedbaas begrijpen. Als RSC Anderlecht door de familie-Gheysens wordt binnengehaald, ligt de weg open voor de realisatie van het Eurostadion. De synergie die daaruit voortvloeit, is niet te onderschatten.

D-day

Op 20 december is het D-day. Het bestuur van RSC Anderlecht komt bijeen in het kantoor van Clifford Chance in Brussel. Voor elk van de elf bestuurders heeft Van Biesbroeck vier anonieme dossiers klaarliggen - mapjes met een tiental pagina’s vol feiten en cijfers, netjes geordend in overzichtelijke schema’s.

Het overleg duurt vier uur. De voorkeur van de vergadering krijgt gaandeweg vorm: dossier B lijkt het best in de markt te liggen. Philippe Collin, de neef van voorzitter Vanden Stock, moet even bijgepraat worden omdat hij het hoogste bod - het anonieme voorstel van 91 miljoen euro - aantrekkelijker vindt. Maar hij draait bij en de identiteit van de voorkeurskandidaat wordt bekendgemaakt. Het is, tot verbazing van velen, Marc Coucke. Die is bereid met zijn vriend Joris Ide, een oud-producent van staalplaten, 55,5 miljoen euro op tafel te leggen voor 74 procent van de aandelen.

Ook de identiteit van de andere bieders wordt bekendgemaakt. Met uitzondering van Gheysens gaan ze, net zoals Coucke, uit van een waardering van 75 miljoen euro voor de club. Maar doordat Beerlandt slechts 46 procent van de aandelen wil kopen, brengt zijn bod minder cash op: 34,5 miljoen euro. Ook het consortium-Vandenhaute heeft een nadeel. Eerst was het van plan 45 miljoen euro te bieden voor 60 procent van de aandelen, maar in de laatste rechte lijn is dat voorstel aangepast tot 41 miljoen euro en een kapitaalverhoging van 4 miljoen euro, zodat de club de nodige middelen krijgt om de winterperiode van de transfers te overbruggen. ‘To be discussed’, was de boodschap. Maar de vissen beten niet.

De hogere waardering die Gheysens op de club kleeft - 91 miljoen euro - en zijn flexibiliteit om tussen ‘51 tot 100 procent’ van paars-wit over te nemen zaait twijfel. Ook het nieuws dat Coucke de nieuwe clubeigenaar wordt, verwart diverse bestuursleden. Opnieuw brandt een discussie los in de raad van bestuur. Wat als Coucke er een schepje bovenop zou willen doen? Dat kan de kloof misschien overbruggen.

5 miljoen extra

Van Biesbroeck belt de zakenman meteen op. Het is zowat 16 uur als in Durbuy de telefoon rinkelt. Coucke verblijft al de hele dag in Le Sanglier Des Ardennes, het hotel-restaurant dat hij in het kleinste stadje van België heeft overgenomen. De ondernemer verneemt dat zijn bod principieel is aanvaard. Maar er is nog één vraag: is hij bereid de prijs met 5 miljoen euro te verhogen? De miljonair denkt een poos na en hapt toe.

Ook de andere bieders worden dan een voor een opgebeld. Beerlandt is met verstomming geslagen, maar kan er vrede mee nemen dat een ondernemer als Coucke de club overneemt. Hij troost zich vooral met de gedachte dat grote rivaal Ghelamco ernaast heeft gegrepen.

Gheysens is diep verontwaardigd. ‘Hoe Vanden Stock door de clan Van Damme opzij werd geduwd, is misdadig’, vindt hij.

Vandenhaute is woest. In een normale biedstrijd wordt er met meerdere partijen op gelijke voet overlegd, vindt de gamechanger. Dat is hier niet gebeurd. Geld was belangrijker dan het belang van de club. ‘Het spel is gemanipuleerd van hier tot in Tokio’, zegt hij aan zijn CVC-partners. ‘We zijn gewoon geflikt.’

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content