Uurtje padel meer gegeerd dan Tomorrowlandticket

Padel 2000 in Antwerpen. Het mooie en het lucratieve aan padel is dat iedereen er vanaf de eerste slag plezier in kan vinden. ©SISKA VANDECASTEELE

Een uurtje padel is dezer dagen meer gegeerd dan een ticket voor Tomorrowland. Bedrijven gooien zich op de explosieve groei van de jonge racketsport, en terreinen kunnen niet snel genoeg worden aangelegd.

Het is donderdagmiddag, midden op een werkdag, en de hemel is dreigend grijs, maar bij de padelclub Arenal in Waregem zijn alle zeven terrein bezet. Er wordt hard gespeeld, zacht gespeeld, gevloekt en gejuicht, door mannen en vrouwen en ouderen en jongeren. De fluogele ballen vliegen met doffe tikken over het blauwe kunstgras.

‘Elke dag om 9 uur is het een beetje Tomorrowland’, zegt Tom De Sutter, ex-topvoetballer en eigenaar van de club. Dan komen de terreinen in het onlinesysteem voor over 28 dagen vrij. ‘Binnen vijf minuten zijn de piekuren gereserveerd, kort daarna volgt de rest.’ Regen, onchristelijke uren of de vrieskou van vorige maand, niets houdt padellers tegen.

De Sutter stopte anderhalf jaar geleden met voetballen na een carrière bij onder meer Anderlecht en Club Brugge. Vandaag zet hij zijn zinnen op padel. Hij heeft drie clubs (bijna vier), en zijn bedrijf Tomaspor is de op een na grootste terreinbouwer in België. Samen met costichter Mattias Van Holm legde hij er al 140, tegen de zomer komen er 100 bij.

De drukte heeft één nadeel: hij vindt haast geen tijd meer om zelf nog te spelen. De vonk kwam er op reis in Spanje, het Europese padelmekka. Na een trip naar Mallorca in 2015 waren de twee jeugdvrienden verkocht. Thuis richtten De Sutter en Van Holm hun eerste club op in Brugge, toen de tweede in het land. Intussen zijn er 123.

We krijgen per dag zes aanvragen voor de aanleg van gemiddeld zes terreinen.
Paul Herwege
Zaakvoerder van Redsport, marktleider in de aanleg van padelterreinen

Zoals het in Waregem gaat, gaat het overal. Een vrije padelbaan is een schaars goed. De pandemie gaf een extra boost. Naast lockdownklassiekers als fietsen en lopen is het een van de weinige sporten die in openlucht konden doorgaan.

Over hoeveel velden er al liggen, verschillen de tellingen. 400, zegt Tennis Vlaanderen, de federatie die padel heeft omarmd. Tennis en padel liggen dicht bij elkaar, en een juridisch dispuut tussen de tennisbond en het aparte Padel Vlaanderen over wie de sport als federatie en de bijbehorende subsidies kan claimen, sleepte lang aan. Minstens 750, zegt Paul Herwege van Redsport, marktleider in padelterreinaanleg.

Zeker is dat het er te weinig zijn. Steeds meer gemeenten, tennisclubs en particuliere investeerders bestellen extra velden om aan de vraag te voldoen.

Meer dan een rage

Voor wie het nog niet van dichtbij zag: padel - de klemtoon ligt op de tweede lettergreep - is een racketsport die bijna altijd wordt gespeeld met twee tegen twee op een veld van 10 bij 20 meter met een net in het midden. Het terrein is omgeven door een glazen kooi die deel uitmaakt van het spel: de bal kaatst dus terug. Een racket bestaat uit een soort dikke kunststof versie van een strandpallet met gaten in.

In Latijns-Amerika is de populariteit van het spelletje enorm, in Buenos Aires alleen liggen 5.000 banen. In Europa spant Spanje de kroon, waar padel de tweede sport zou zijn, na voetbal. Hier bleef het lang stil, tot de explosie enkele jaren geleden.

©SISKA VANDECASTEELE

In de sportwinkels van Decathlon zijn de rekken met padelartikelen - de keten heeft sinds 2019 zijn eigen merk - de meest rendabele van allemaal, zegt Katrien Wuytack, hr-manager en fanatiek padelster. Bij wijze van zijprojectje mocht ze zich negen jaar geleden bezighouden met de eerste voorzichtige commercialisering van padel. ‘Vandaag is het een fulltime job erbij.’ België is een waar padelland geworden. In december was de winkel in Antwerpen, waar ook twee terreinen op de parking zijn gelegd, internationaal de best verkopende voor padel.

Het mooie aan de sport is dat iedereen er vanaf de eerste slag plezier in vindt. Padel is sociaal, toegankelijk - zowel technisch als qua materiaal - en toch competitief op alle niveaus. Sportmarketeers gaan ervan uit dat 1 op 10 mensen plezier kan beleven aan het technisch veel moeilijkere tennis, terwijl padel 7 op 10 mensen kan verblijden.

‘Een jonge sport die zo snel opmars maakt, is haast ongezien’, zegt Pascal Delheye, houder van de leerstoel ‘De toekomst van de Sport’ aan de Universiteit Gent, en sinds zowat een jaar wekelijks aan het padellen. ‘Er passeren veel fitnessrages, zoals zumba, maar die hebben geen competitief element en draaien vooral om imiteren, wat aantrekkingskracht verliest. Dat zal met padel zeker niet gebeuren.’

De sport is ook economisch aantrekkelijk. Er passen vier mensen op een oppervlakte van 200 vierkante meter, bij tennis is dat meestal maar twee op 612 vierkante meter. Dat zag ook Federick Verhelst van uitzendfirma Smart Solutions in Roeselare. Hij zocht naar een manier om op de padelkar te springen maar vond geen recreatiegrond, de bottleneck in de race naar meer terreinen. Hij schreef elke burgemeester in West- en Oost-Vlaanderen aan met een investeringsplan, zonder succes.

Maar onlangs kon hij de hand leggen op een terrein van 20.000 vierkante meter in Ingelmunster, waar vroeger een familiepark lag. Hij wil er ‘het grootste padelcenter van de Benelux’ bouwen, met twintig velden en een centercourt met tribunes voor topmatchen. Een investering van 5 miljoen euro. ‘Ik denk dat we vlot aan een recurrente business geraken.’

Pay and play

Ook op het industrieterrein in Zele bij Lokeren vliegen op een woensdagnamiddag de ballen over en weer in de padelkooi. Voor de hoofdzetel van Redsport ligt een demoterrein dat de voorbije dertig maanden gemiddeld 10,5 uur per dag verhuurd was. Zaakvoerder Paul Herwege had een bouwbedrijf, maar legde zich volledig toe op padel via een deal met het Spaanse moederbedrijf van Redsport, intussen overgenomen door Adidas. Vandaag is hij de grootste bouwer van terreinen in ons land. Het personeel, in twee jaar gegroeid van 3 naar 15 mensen, kan de mails niet de baas. ‘We krijgen per dag zes aanvragen voor gemiddeld zes terreinen.’

Becijferd

Aantal terreinen in België 400 volgens Tennis Vlaanderen, 750 volgens markleider Redsport. Prognose voor eind 2021: 1.500 velden. Voor eind 2024: 5.000.
Aantal clubs Van 35 in 2017 naar 123 in 2002.
De investering Een terrein, 10 meter op 20 meter, kost 35.000 à 40.000 euro.
De opbrengst Een terrein wordt doorgaans verhuurd voor 6 euro per persoon per uur.
Het plezier Volgens sportmarketeers vinden 7 op de 10 mensen plezier in padel. Bij tennis is dat 1 op de 10.

Eigenlijk gaat het te snel, zegt hij, toverend met tabellen en cijfers. ‘Tennis piekte op zo’n 150.000 spelers ten tijde van Kim Clijsters en Justine Henin. Het potentieel van padel is dubbel zo groot: 300.000 spelers. In Spanje is dat ook de verhouding.’ In 2018, bij de instap van Adidas, was de projectie dat padel in België gestaag zou groeien naar 5.000 velden tegen 2035. Dat verzadigingspunt komt er al in 2024, schat Herwege. Om te anticiperen diversifieerde hij naar automaten voor de verhuur van ballen en rackets. Hij investeerde ook in een eigen kunstgrasvezel die beter water afvoert. ‘Betere kwaliteit dan in Spanje, hier willen ze daarvoor betalen.’

Een volledig afgewerkt padelterrein kost zo’n 40.000 euro, een investering die zich snel kan terugbetalen. De meeste terreinen worden per uur verhuurd via een pay-and-playprincipe met boekingen via het onlineplatform Playtomic, en niet via lidgelden of abonnementen. Herwege: ‘Als je rekent dat een terrein zes uur per dag wordt gereserveerd, voor 6 euro per uur per persoon, dan is het op tien maanden afgeschreven.’ Het doet investeerders watertanden. ‘Hier zit geregeld een profvoetballer die zijn geld in padel wil steken.’

Corona gaf de populariteit een boost. Veel amateursporters die al maanden hun eigen ding niet kunnen doen, schakelden over op padel om sportief en sociaal te blijven. Maar niemand in de padelindustrie twijfelt eraan dat het na de pandemie even hard blijft gaan. ‘Het is een zeldzaam attractieve sport, ook als de rest weer mag. En er is nog veel groeimarge, vooral bij de jeugd’, zegt Delheye. Ook Decathlon gaat uit van een blijvende groei. ‘Zelfs als de vraag wat mindert, blijven de velden volledig bezet’, zegt Wuytack.

Ondernemers als Herwege en De Sutter hopen vooral op een professionalisering, met de kweek van eigen talent, grote toernooien, matchen op televisie en een plek op de Olympische Spelen. De Sutter: ‘Het mag niet puur business zijn. Je ziet dat er cowboys op de markt komen die erop uit zijn snel geld te verdienen. Dat is niet goed voor de sport.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud