analyse

Parijs, de couveuse van het internationale voetbal

De Franse sterspelers N'Golo Kanté, Kylian Mbappé en Paul Pogba leerden voetballen in de Parijse voorsteden. ©AFP

Wanneer Frankrijk het vanavond in de eerste echte EK-kraker opneemt tegen Duitsland kan bondscoach Didier Deschamps een beroep doen op negen spelers uit Île-de-France, de regio die Parijs en zijn banlieues ontsluit. Data tonen dat stadskernen zijn uitgegroeid tot een erkend hofleverancier voor de Europese topclubs.

Een gigantische fresco van Kylian Mbappé, het enfant prodige van het Franse voetbal: als dagelijkse motivatie voor jonge straatvoetballertjes kan het tellen. De metershoge banner prijkt op de gevel van de résidence les Potagers, een sociale woonblok net buiten het centrum van Bondy.

Het stadje in de noordelijke banlieue van Parijs is de geboorteplaats van Mbappé, die zijn eerste sprintjes trok bij de lokale A.S. Bondy. Vandaag is de rijzige sluipschutter van de Franse topclub Paris Saint-Germain volgens het doorgaans goed geïnformeerde transfermarkt.de 160 miljoen euro waard.

Op het EK is Mbappé een van de negen spelers in het Franse sterrenensemble die opgroeiden in Île-de-France, de administratieve regio van Parijs en zijn omliggende voorsteden. De ruggengraat van de ploeg die in 2018 wereldkampioen werd, bestond met N’Golo Kanté uit Suresnes, Paul Pogba uit Lagny-sur-Marne en Presnel Kimpembe uit Beaumont-sur-Oise bijna uitsluitend uit banlieusards.

813 miljoen euro
marktwaarde
De 15 duurste spelers uit de regio Parijs hebben een gezamenlijke marktwaarde van 813 miljoen euro.

Densiteit

Dat Parijs en zijn voorsteden een kweekvijver voor de meest opwindende talenten van Europa zijn, is een relatief recent gegeven. Toen Frankrijk zich in 1984 in eigen land tot Europees kampioen kroonde, was niet één speler afkomstig uit Île-de-France. De wereldkampioenenploeg van 1998 had met Thierry Henry, Patrick Vieira en Lilian Thuram al drie sleutelspelers uit Parijs. Vandaag bestaat meer dan een derde van de kern uit hoofdstedelingen.

In de Franse Ligue 1 is een gelijkaardige trend zichtbaar. In het seizoen 1995-1996 bedroeg het aantal Parijzenaars bij Ligue 1-clubs 10 procent. In 2013-2014 was dat gestegen naar 27 procent. De regio, waar een op de vijf Fransen woont, levert een derde van het aantal spelers in de hoogste divisie af.

‘Parijs is om twee redenen uitgegroeid tot een talentenhotspot', zegt Hugo Schoukens, de CEO van het Belgische bedrijfje Double Pass dat competities en voetbalclubs wereldwijd adviseert over hun jeugdwerking. ‘Uiteraard profiteert de stad van haar densiteit en multiculturaliteit.’ Met ruim 12 miljoen inwoners op een oppervlakte die bijna drie keer kleiner is dan België is Île-de-France een van de dichtst bevolkte regio’s in Europa. ‘Als je uit zo’n diverse vijver kan putten, komt automatisch meer talent bovendrijven.’

‘De regionale jeugdcompetities zijn er bovendien van een heel hoog niveau’, zegt Schoukens. ‘De spelertjes die er in die competities boven uitsteken, belanden vervolgens in een centre de formation, de gereputeerde opleidingscentra van de Franse profclubs. Tegen dan hebben ze een heel traject afgelegd, via de straat en de pleintjes. Die vele trainingsuren op jonge leeftijd zijn erg bepalend. De gouden standaard dat je 10.000 trainingsuren nodig hebt om de top te bereiken is wat op flessen getrokken, maar er zit een kern van waarheid in.’

Charles De Gaulle

Voor het hoge niveau van de opleiding en accommodatie in Frankrijk zijn er historische redenen. De dramatische medailleoogst op de Olympische Spelen van 1960 in Rome - Frankrijk won amper vijf medailles en niet één keer goud - was voor toenmalig president Charles de Gaulle onverteerbaar. De overheid begon zwaar in infrastructuur en opleiding te investeren.

Het ‘Charte du Football Professionnel’ uit 1973 was het ontstaansdocument van die omwenteling. Alle clubs uit de Ligue 1 en de Ligue 2 werden verplicht een professioneel opleidingscentrum te bouwen, waar geschoolde trainers jong talent moesten kneden. Over heel Frankrijk zijn intussen 37 centres de formation verrezen. Zo nam Frankrijk een stevige voorsprong op België of Duitsland, die pas rond de eeuwwisseling meer gingen inzetten op jeugdontwikkeling en talentdetectie.

Uit een analyse van De Tijd blijkt dat ook andere West-Europese steden broedkamers van talent zijn. Op basis van de geboorteplaats van spelers uit de grootste Europese competities afgezet tegen hun marktwaarde komen behalve Parijs ook Londen, Madrid en Amsterdam naar boven als hotspots. De duurste 15 spelers uit Londen hebben een gezamenlijke marktwaarde van 647 miljoen euro. Voor de duurste 15 spelers uit Parijs ligt dat bedrag met 813 miljoen euro nog bijna 20 procent hoger.

De kennisuitwisseling tussen clubs en landen op het Europese continent maakt dat al dat talent op almaar professionelere basis wordt opgeleid. Niet toevallig komen de winnaars van de jongste vier WK’s uit West-Europa: Frankrijk, Duitsland, Spanje en Italië.

Gasten die groot werden op de pleintjes zijn intuïtiever, meestal ook creatiever.
Henk Mariman
Hoofd jeugdopleiding OH Leuven

België

Ook in ons land speuren profclubs de pleintjes in grote steden af. ‘Anderlecht maakt handig gebruik van zijn ligging in het Brusselse’, zegt Henk Mariman, die aan het hoofd staat van de jeugdacademie van OH Leuven en eerder actief was bij Club Brugge en Beerschot. ‘Ook clubs zonder nabijheid van een grote stad zetten satellieten op in Antwerpen en Brussel. Wij hebben een hub in Woluwe, Club Brugge werkte lang samen met Diegem.’ Ook in Antwerpen heeft Club Brugge samenwerkingsverbanden lopen.

Volgens Mariman hebben de jonge talenten uit de stad een ander profiel. ‘Toen ik bij Club Brugge werkte, waren de jeugdspelers uit de omliggende dorpen en gemeenten vaak erg taakgericht. Gasten die groot werden op de pleintjes zijn intuïtiever, meestal ook creatiever. Ze hebben geleerd op verschillende ondergronden te spelen, waardoor hun adaptatievermogen groter is. In België kan de talentdetectie nog beter. We kunnen het ons niet permitteren talenten verloren te laten gaan.’

De essentie

  • De Franse nationale ploeg kan putten uit een ruim arsenaal topspelers uit de regio Parijs.
  • Grootsteden als Parijs, Londen, Amsterdam en Madrid zijn kweekvijvers dankzij hun bevolkingsdichtheid en de uitwisseling van voetbalknowhow in West-Europa.
  • Belgische clubs boren de talentenstroom in Antwerpen en Brussel aan.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie