Tottenham, underdog met reuzenzakken

Rode Duivels Jan Vertonghen en Toby Alderweireld strijden zaterdagavond om de belangrijkste titel in het mondiale clubvoetbal. ©AFP

De Engelse clubs Liverpool en Tottenham Hotspur spelen zaterdagavond de finale van de Champions League. De commerciële groeispurt van de Spurs bewijst de metamorfose van het topvoetbal in 'Disney op Gras', een cashmachine waar zelfs Wall Street storm voor loopt.

It's 'a brave new world' in het topvoetbal. Dat wordt steeds winstgevender, met de Engelse clubs als top-winstmachines. De 20 clubs in de Premier League boekten volgens de jongste audit van consultant Deloitte vorig seizoen 1 miljard euro bedrijfswinst. Dat is operationele winst uit commerciële werking, zoals sponsordeals, merchandising en media-contracten, zonder de transferinkomsten mee te tellen. Daarmee overklast Engeland de rest van de 'Big Five', Spanje, Duitsland, Italië en Frankrijk, die samen niet eens dat bedrag halen.

John Henry (69)

Nationaliteit: Amerikaan

Vermogen: 2,6 miljard dollar

Activiteiten: grondstoffenhandel en investeerder

Eigenaar van: Boston Red Sox (baseball), Boston Bruins (ijshockey), Liverpool (voetbal), Fenway Park (sportstadion), Fenway Sports Management (sportmarketing), Boston Globe (krant) en Fenway Racing in de Nascar (autosport).

De twee finalisten bewijzen de Engelse winstspurt. Favoriet Liverpool haalde in het voorbije boekjaar, afgesloten op 31 mei 2018, een omzet van 455 miljoen pond, een stijging met 90 miljoen tegenover het seizoen daarvoor.

De nettowinst verdrievoudigde bijna tot 106 miljoen pond.

Die winstspurt wordt in grote mate toegeschreven aan 66 miljoen pond premies omdat de club vorig jaar net als dit seizoen de Champions League finale speelde. Dat is niet de volledige verklaring, want de club keerde zelf ook tientallen miljoen aan spelersbonussen uit voor het bereiken van die finale.

Sinds het afsluiten van het boekjaar gaf Liverpool ook 181 miljoen pond uit aan nieuwe spelers. De club betaalde ook 10 miljoen euro leningen terug aan Fenway Sports Group, de eigenaar van Liverpool die in handen is van de Amerikaanse ondernemer John Henry. Die gewezen grondstoffenhandelaar en miljardair is in zijn thuisbasis Boston onder meer eigenaar van een professionele baseball- en hockeyclub.   

Huishoudnaam

Underdog Tottenham is net als Liverpool een huishoudnaam in het Engelse voetbal. Maar het is misschien wel de kleinste van de topclubs, met twee titels in een tijd toen de dieren nog spraken. Liverpool zet daartegenover 18 titels in de Premier League en een pak Europese trofeeën, met de laatste Champions League-zege in 2005.

Onder de financiële motorkap is Tottenham een monstertruck. De omzet steeg van 180,5 miljoen pond naar 380,7 miljoen pond op vier jaar. De bedrijfswinst ging in het boekjaar tot juni 2018 naar 162 miljoen, maal vijf tegenover 36 miljoen in 2014. De recordwinst van 162 miljoen is operationeel, exclusief transfers.

Waarom de club zo winstgevend is? Net als de rest van de premier League is er de wind-fall van tv-rechten (147,6 miljoen pond). Opmerkelijk is vooral dat de club een turbo op zijn sponsorinkomsten zet: van 76 miljoen in 2017 naar 109 miljoen vorig jaar. Eén verklaring is dat Premier League-clubs beseffen dat ze niet eeuwig kunnen rekenen op de lawine aan tv-geld die hen samen jaarlijks miljarden oplevert. Het nieuwe binnenlandse tv-contract is met 10 procent gedaald, wat mogelijk wijst op peak-tv-rights. Dat is het sein voor clubs om hun commerciële werking verder te professionaliseren, niet langer achterover te leunen op tv-geld en nu all-in te gaan op een echte bedrijfsvoering.

John Henry. ©REUTERS

De Spurs zetten hun gezonde balans aan het werk om hun nieuwe stadion te financieren. De club zette 15 miljoen pond cash in 2017 om in een netto-schuld van 366 miljoen. Die schuld kan de club door zijn hoge rendabiliteit gemakkelijk torsen en zal zich met de commerciële uitbating van het net geopende state-of-the-art stadion terugbetalen. De cash-flow - wat een bedrijf op zijn rekening mag bijschrijven - bedroeg de voorbije twee jaar alleen al 362 miljoen pond.

De kosten voor de fel vertraagde bouw van het stadion liep op tot 1 miljard pond. Tottenham noch zijn eigenaar Joe Lewis - een ex-valutahandelaar die rijk werd door samen met de bekende investeerder George Soros begin jaren '90 te speculeren tegen het Britse pond - hoeven zich zorgen te maken. De club is zo'n winstmachine dat het kruim van Wall Street, de banken HSBC, Goldman Sachs en Bank of America Merrill Lynch, in 2017 de lening met de glimlach optrokken tot 537 miljoen. De club wil die tegen mei 2022 al aflossen.

Loonkost

Het geld klotst binnen. Tegelijk let de club op de kleintjes. Tottenham staat in de finale van de Champions League, zonder afgelopen seizoen noemenswaardige transfers te hebben gedaan. De Spurs houden hun loonkost netjes onder controle. De loonkosten bedroegen vorig jaar 130 miljoen pond, een derde van de omzet.

Bij de meeste clubs in het topvoetbal is dat snel meer dan de helft. Bij Liverpool is het met een loonmassa van 264 miljoen pond 58 procent van de omzet. Voorzitter en minderheidsaandeelhouder Daniel Levy geldt als vrek én keihard onderhandelaar. Tottenham-speler en Rode Duivel Toby Alderweireld ondervond dat aan den lijve toen hij een paar jaar geleden dacht zijn transfer te kunnen forceren. Levy speelde het spel zo hard dat Alderweireld op de bank belandde en uiteindelijk moest inbinden.

Joe Lewis (82)

Nationaliteit: Brits

Vermogen: 5 miljard dollar

Activiteiten: valutahandel en investeerder

Eigenaar van: Enic International Limited in de Bahamas (eigenaar van Tottenham), Tavistock Group (eigenaar van 200 bedrijven in 15 landen).

De Spurs zijn het bewijs dat het Europese voetbal 'veramerikaniseert'. Het businessmodel was er in het beste geval altijd één van break-even, waarbij operationeel verlies gedicht werd met verkoop van spelers. Maar Engelse clubs, maar intussen ook de topclubs in andere grote competities, zijn nu ook zonder transfers steeds winstgevender. Het zakenmodel doet steeds meer denken aan dat van de grote Amerikaanse competities in de Big Four basket, ijshockey, American football en baseball. Die leveren hun steenrijke eigenaars jaarlijks dividend op. Intussen dient zich met de snelle opmars van de MLS in het 'soccer' een vijfde reus aan. Het verklaart de influx van winstgedreven Amerikaanse sportondernemers in het voetbal, van wie Liverpool-eigenaar Henry er slechts één is.

Het maakt clubs tot steeds interessanter prooien voor investeerders-portfolio's. Deze week nog raakte bekend dat de Engelse ondernemer Mike Ashley op het punt staat Premier League-club Newcastle United te verkopen aan een groep uit de Emiraten. Engelse en Europese clubs zijn tegenwoordig in handen van investeerders en miljardairs uit alle uithoeken van de wereld.

Hollywood-entertainment

De finale fase van Champions League was dit seizoen entertainment van Hollywood-niveau. De Europese competitie onder topclubs evolueert qua sportieve spektakelwaarde en commerciële appeal richting zijn Amerikaanse broers in het football en basket. Het is 'Disney op Gras', topentertainment waar alle bedrijven voor aanschuiven. De groei van biermerk Heineken in Azië is toe te schrijven aan zijn exposure als hoofdsponsor van de Champions League. De elite, enkele tientallen multinationals op noppen, wil nu ook het laatste kloofje met de VS dichten. De Champions League, een tornooi dat nu parallel loopt naast de nationale liga's, wordt een volwaardige, aparte competitie met elk weekend wedstrijden in een elitair onderonsje.

De startdatum is geprikt op 2024, wanneer het huidige tv-contract van de Europese voetbalbond UEFA afloopt. De UEFA deelt dit seizoen in de Champions League een prijzenpot uit van 2 miljard euro, waarvan Liverpool en Tottenham elk al zeker 100 miljoen op hun rekening zien gestort. Die bedragen zijn suboptimaal door onderbenutting van het comercieel potentieel.

Tottenham-eigenaar Joe Lewis (links) en voorzitter Daniel Levy. ©BELGAIMAGE

De nieuwe superliga kan voor clubs en competitie een veelvoud binnenhalen. De topclubs in het Engelse voetbal - een merk met appeal van Washington tot Wellington - sluiten sponsorcontracten met hoofdkwartieren van multinationals. Bij topclubs uit de rest van Europa is die directe toegang veel minder ver doorgedreven.

Een superliga moet dat veranderen. Dan krijgen de clubs eindelijk een merk dat mondiaal verkoopbaar is. Daardoor kunnen ze uit het carcan van hun eigen nationale markten breken. Juventus-eigenaar Andrea Agnelli heeft via zijn familiale autogroep Fiat contacten met de mondiale business-elite. Maar die kan hij nu te weinig verzilveren bij de Italiaanse recordkampioen die in het keurslijf van zijn eigen onderpresterende economie zit. Bovendien is er de schrik bij veel clubs voor dalend tv-geld in de nationale competities, een gevolg van oprukkende digitalisering en minder concurrentie tussen tv-spelers. De 'march of folly' naar groter en rijker valt nog amper te keren.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud