analyse

Huawei-incident legt techoorlog tussen twee wereldmachten bloot

©REUTERS

De Amerikaanse banvloek over Huawei en de arrestatie van de dochter van de oprichter gisteren tonen dat het handelsgekrakeel tussen de VS en China ook een technologiestrijd is.

Afgelopen zaterdag arresteerden de Canadese autoriteiten op verzoek van de Verenigde Staten Meng Wanzhou in de luchthaven van Vancouver. Haar belang in het Chinese zakenleven valt amper te onderschatten.

Ze is de financiële baas bij Huawei, de leverancier van netwerkapparatuur en smartphones. Maar ze is vooral de dochter van Ren Zhengfei, de illustere oprichter van het bedrijf. Die kweekte in amper dertig jaar een techgigant met 180.000 werknemers en een jaaromzet van 92,5 miljard dollar. De waarde van het bedrijf valt niet in beurswaarde uit te drukken, omdat het niet op de beurs staat. Het is in handen van de werknemers zelf.

De VS vragen de uitlevering van Wanzhou omdat ze de handelssancties tegen Iran zou hebben geschonden. Volgens Sven Agten, voorzitter Asia-Pacific bij de Duitse multinational Rheinzink, is dat niet meer dan een ‘voorwendsel’. ‘Dit is gewoon een manier om druk uit te oefenen op technologiebedrijven zoals Huawei.’

De arrestatie is het orgelpunt van een jaar waarin de VS alles in het werk stellen om de Chinese techkampioenen uit te roken. Ze doen dat op twee manieren. Hoogtechnologische sectoren waren het voorwerp van de eerste reeks handelssancties van Washington tegen Peking. Bij die golf hanteerden de VS heffingen van 25 procent. De tweede golf was minder gericht tegen technologie en betrof mildere heffingen van 10 procent.

Bush en Obama

‘China is nu al wereldleider in de export van hoogtechnologische producten’, licht Agten toe. ‘De handelsoorlog draait dan ook om die producten. President Donald Trump wil China op dat domein afblokken. Onder zijn voorgangers George W. Bush en Barack Obama was dat ook al het geval. Maar Trump drijft het op de spits.’

China is nu al wereldleider in de export van hoogtechnologische producten. Trump wil het land in dat domein afblokken.
Sven agten
voorzitter asia-pacific bij rheinzink

Tegelijk wakkeren de Verenigde Staten maar al te graag de vermoedens van spionage door Chinese techspelers aan. In januari doorkruiste een brief van 18 Amerikaanse parlementsleden een distributiedeal van Huawei met de Amerikaanse telecomoperatoren AT&T en Verizon. Die deal was bedoeld voor de lancering van de Mate 10 Pro, het toenmalige vlaggenschip van de smartphonefabrikant.

De parlementsleden uitten hun bezorgdheid over ‘Chinese spionage en de rol van Huawei daarin’. Voor het bedrijf was dat een blamage, want het lanceerde de Mate 10 Pro net toen met veel luister op de technologieconferentie CES in Las Vegas. De distributiedeals sprongen op het laatste moment af, waardoor CEO Richard Yu moest improviseren op het podium in Vegas.

Het was nog maar het begin van de lijdensweg. In februari riepen de verzamelde Amerikaanse inlichtingendiensten - CIA, NSA en FBI - op om Chinese technologie, zoals die van Huawei, in de ban te slaan. ‘We zijn erg bezorgd over de risico’s op spionage als een bedrijf dat verbonden is aan een overheid die onze waarden niet deelt marktaandeel wint’, zei FBI-directeur Christopher Wray.

Die aanpak is niet helemaal fair, vindt beveiligingsexpert Bart Preneel (KU Leuven). ‘Amerikaanse bedrijven zoals Cisco en Juniper zijn ook al betrapt op kwetsbaarheden en achterpoortjes in hun systemen.’ Bovendien trekt Washington zijn bondgenoten mee in de ‘spionagestrijd’. De Amerikaanse zakenkrant The Wall Street Journal berichtte eind november dat de VS hun bondgenoten opriepen een Huawei-ban in te stellen.

Buiten de deur

Het maakt deel uit van een bredere operatie om Chinese technologie buiten de deur houden, en zoveel mogelijk klein te houden. Washington en Peking voeren een strijd op leven en dood om de komende tien jaar de technologische scepter te claimen. De aanleiding is het plan ‘Made in China 2025’ dat Peking in 2015 formuleerde. Het land wil niet langer de fabriek van de wereld zijn, maar een hoogtechnologische supermacht.

Het heeft daarvoor alles in huis. Zo kan het tegenover de Amerikaanse FAANG-bedrijven (Facebook, Amazon, Apple, Netflix en Google) zijn eigen grootmachten plaatsen. Het gaat onder meer om internetbedrijven zoals Baidu, Alibaba en Tencent, die respectievelijk een zoekmachine, e-commerce en sociale media aanbieden, maar ook om hardwaretitanen als Huawei.

De Verenigde Staten beseffen dat ze een evenwaardige tegenstander hebben. China hield de afgelopen jaren steevast bedrijven zoals Facebook, Google en Netflix buiten. De regering-Trump past nu dezelfde strategie toe.

Camera's met gezichtsherkenning

Niet alleen Huawei ligt in de vuurlinie. De regering van president Trump dwong ook ZTE, een andere Chinese netwerkspeler, bijna op de knieën. Amerikaanse bedrijven mochten ZTE niet meer beleveren omdat het bedrijf het handelsembargo tegen Noord-Korea en Iran zou hebben geschonden. ZTE zou Amerikaanse componenten hebben verwerkt in producten voor die markt.

Het embargo maakte ZTE het leven knap lastig. Klanten zoals de chipproducent Qualcomm mochten ZTE niet meer beleveren, waardoor het moest overschakelen naar chips van het Taiwanese Mediatek. Het bedrijf moest ‘grote operationele activiteiten’ stopzetten. In juli keerde de Amerikaanse overheid uiteindelijk haar kar en hief ze het embargo op.

ZTE ontsnapte, maar recent bleek nog eens dat de Amerikaanse overheid er niet meer voor terugdeinst Chinese techbedrijven het leven zuur te maken. Amerikaanse bedrijven zouden niet langer het Chinese Hikvision, een van ’s werelds grootste producenten van bewakingscamera’s met gezichtsherkenning, mogen beleveren. De beslissing is nog niet officieel, maar joeg de beurskoers van het bedrijf al fors lager.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content