Advertentie

Bericht uit een Brussels burgerpanel

©Trui Chielens

Om de kloof tussen de burger en de politiek te dichten grijpen besturen naar burgerpanels. De Tijd-redacteur Sarah Lamote werd geloot om in Brussel over 5G te debatteren. Ze zag toegewijde burgers, maar ook een vleugje pseudowetenschap en het betere politieke bochtenwerk.

‘U bent bij lottrekking aanwezen’, klinkt de eerste zin van de brief. Verrast lees ik voort. Voor het eerst in de geschiedenis zal Brussel de mening van zijn burgers vragen over een maatschappelijk thema. In de loop van juni mogen 45 Brusselaars hun stem laten horen. Ik kan een van hen zijn.

Het debat zal gaan over 5G, de nieuwe generatie supersnel mobiel netwerk. Met 5G belooft alles slim te worden: van smart cities tot smart manufacturing. Maar niet iedereen is overtuigd. De gekste complottheorieën - die Bill Gates, corona en 5G linken - doen de ronde. En de voorbije maanden gingen meerdere zendmasten in vlammen op: in Nederland, maar ook in Watermaal-Bosvoorde en Pelt. Het werk van anti-5G-activisten.

Dat een burgerpanel zich nu over de zaak zal buigen, is het resultaat van jarenlang aandringen van de groenen op een grotere rol voor de burger in de politiek. Benieuwd naar hoe groot mijn rol zou kunnen zijn, surf ik naar het in de brief vermelde webadres, waar ik extra gegevens moet invullen, zoals leeftijd, postcode, opleidingsniveau, internettoegang. Niet veel later krijg ik telefoon: ik ben geschikt om deel uit te maken van het representatieve burgerpanel.

Eind april komen de 45 ‘overlevenden’ van de schifting een eerste keer samen in het Brussels Parlement. Daar blijkt dat de 10.000 verstuurde brieven tot 1.000 inschrijvingen hebben geleid. En dat voor een vrijwillig engagement dat zes volle dagen duurt. Zo apolitiek is de burger dus niet.

De groep is een dwarsdoorsnede van Brussel: evenveel mannen als vrouwen, divers, alle leeftijdscategorieën, uiteenlopende opleidingsniveaus, elke deelgemeente vertegenwoordigd. Er zijn zelfstandigen, loontrekkenden en werkzoekenden. Niet iedereen heeft thuis toegang tot het internet. 80 procent is Franstalig, 20 procent Nederlandstalig. Enkelen hebben niet de Belgische nationaliteit.

Niet-bindend

Brussel heeft gekozen voor een gemengd panel van burgers en parlementsleden. En dat is uitzonderlijk. ‘Het is een wereldprimeur. Alleen in Ierland was er iets gelijkaardigs’, zegt Julien Vrydagh, onderzoeker in burgerparticipatie aan de Université catholique de Louvain en de Vrije Universiteit Brussel. Hij loopt zes dagen mee. ‘Dit is een manier om ideeën van burgers rechtstreeks in de politieke arena te brengen. Buiten de verkiezingen bestaat die kans niet’, zegt hij.

Het klinkt mooi. Maar de ‘wereldprimeur’ komt met een disclaimer: de aanbevelingen van de burgers dienen alleen als richtsnoer. Als ik daar in de pauze mijn verbazing over uitspreek, zeggen de organisatoren droog: ‘Burgers beslissingsbevoegdheid geven is ongrondwettelijk’.

‘Dat klopt’, zegt Vrydagh. ‘Er is geen constitutionele verankering voor welke vorm van burgerdialoog dan ook. Aanbevelingen moeten altijd door de buffer van volksvertegenwoordigers.’ Bij ons zijn dat 15 Brusselse Parlementsleden die uiteindelijk beslissen of ze onze ideeën aanvaardbaar vinden. Daarna mag de Brusselse regering kiezen of ze er iets mee doet.

De moed zinkt me in de schoenen. 45 burgers - geflankeerd door een leger simultaanvertalers, facilitators, moderatoren, babysits voor de kinderen - worden zes dagen gesommeerd om niet-bindend advies te geven dat in een Brusselse regeringsschuif kan belanden.

De voorzitter van de overlegcommissie, Tristan Roberti (Ecolo), sust. ‘Geen zorgen. Als politici niet akkoord gaan met de aanbevelingen, moeten ze zich verantwoorden. Dit verdwijnt niet in een kast. Echt niet.’ Ook over de Brusselse bevoegdheden moet de burger niet te veel tobben. Alle voorstellen die buiten het Brusselse mandaat vallen, ‘worden doorgestuurd naar de andere gewesten’. In plaats van een duidelijk kader krijgen we een staaltje onduidelijke Belgische bevoegdheidsversnippering.

Olifant in de zaal

Raar maar waar: ondanks onze puur indicatieve rol over de implementatie van een taai technisch thema komen de 45 burgers elke afspraak opdagen.

Onze louter adviserende rol is niet het enige probleem. Onze manoeuvreerruimte over 5G is ook flinterdun. Het is al lang beslist dat 5G naar Brussel komt. Europa nam de principiële beslissing, er zijn al smartphones op de markt met 5G en in Vlaanderen zal 5G zonder veel problemen worden uitgerold. ‘De vraag is niet of we voor of tegen zijn, maar hoe we het willen uitgerold zien’, klinkt het.

Verrassend: ondanks onze indicatieve rol over de implementatie van een taai technisch thema komen de 45 burgers elke afspraak opdagen. Zelfs de eerste zomerse dagen houden hen niet tegen. De redenen zijn divers: een jonge moeder wil even weg van de luiers, een andere vrouw snakt naar sociaal contact na meer dan een jaar thuiswerk, een man wil zijn ‘burgerplicht’ doen en de jongste deelnemer van 16 wil ‘meer te weten komen over politiek’.

In het proces wordt de olifant in de kamer steeds zichtbaarder: de stralingsnorm van 6 volt per meter. Brussel heeft de strengste normen in de Europese Unie, wat de uitrol van 5G nagenoeg onmogelijk maakt. Ter vergelijking: in Vlaanderen is de norm 20,6 volt per meter. De norm in Brussel moet dus dringend hoger. Voor de uitrol van 5G is minstens 14,5 volt nodig.

Precies daar knelt het schoentje, vooral voor Ecolo. De partij is niet alleen beducht voor de kritiek van anti-5G-actiegroepen, ze vreest ook de impact op het leefmilieu. Meer dataverbruik betekent meer CO2-uitstoot, en dat is niet in lijn met de klimaatdoelstellingen.

Toch moet de bocht worden ingezet. Operatoren en bedrijven dreigen de hoofdstad van Europa links te laten liggen als 5G niet deftig wordt uitgerold. Het plan lijkt duidelijk: door de burger te betrekken maken de Brusselse regeringspartijen de weg vrij voor een verhoging van de norm. En dat zonder bakken kritiek van de eigen achterban en de critici.

‘Niets van aan’, zegt Roberti. ‘Het klopt dat de nood aan hogere normen tot debat leidde in de partij. Toch wilden we er oprecht de burger over horen om het debat te verrijken. Het begrip basisdemocratie zit in het DNA van de groene partijen.’

Hersenkankers

De burger laat zich inderdaad horen. Gezondheid blijkt een belangrijke horde. Tal van burgers vrezen voor hersenkankers en ‘effecten op ons DNA’. ‘Ik heb een kennis die dicht bij een mast woont, dus ik bezoek hem niet meer’, zegt iemand.

Wat is daarvan aan? Niet veel, blijkt tijdens de sessies met experts. Mobiele netwerken gebruiken frequenties van maximaal 6 gigahertz, wat vergelijkbaar is met een microgolfoven. Zichtbaar licht kent een veel hogere frequentie. De kans dat je kanker krijgt van de ultraviolette straling van de zon is bewezen, van de straling van 5G niet.

Al is er een addertje. 5G maakt het mogelijk de frequentie te verhogen naar 26 gigahertz. Op die manier kunnen data veel sneller worden verstuurd. Hoewel ook 26 Ghz een lage frequentie is - vergelijkbaar met radars op schepen en luchthavens - maken burgers zich zorgen.

Alle experts die aan bod komen, benadrukken de nood aan meer onderzoek, zeker over de hogere frequenties. Het wordt de kerndiscussie onder de burgers. Voor sommigen is het gebrek aan onderzoek een reden om van het ergste uit te gaan. Voor anderen is ‘niets bewezen’.

Infantiliserend

Na zes dagen landen we op liefst 49 aanbevelingen: van gezondheid over privacy tot economie. Sommige voorstellen gaan ver, zoals 5G-loze zones. Verder wil de groep de impact van 5G-stralen op de gezondheid onafhankelijk gemonitord zien en pleit ze voor een verbod van smartphones in scholen. Maar de Brusselse regering, inclusief de Brusselse minister van Leefmilieu Alain Maron (Ecolo), kan opgelucht ademhalen: er is ingestemd met een stralingsnorm van 14,5 volt per meter.

Helemaal een farce is het burgerpanel niet. Het is mooi te zien hoe 16-jarigen en parlementsleden in de wandelgangen in debat gaan. Mensen bloeien open en tonen zich assertief. Ik denk aan de studente die hamerde op de correcte vertalingen van de Nederlandstalige aanbevelingen. En aan de dame die de verbindingsfiguur tussen de burger en het parlement werd, en als een politiek beest tekst en uitleg vroeg toen het de burgers begon te dagen dat parlementsleden hun voorstellen konden wegstemmen.

Hoeven dan weer niet per se: de externe begeleiders die het Brussels Parlement inhuurde om alles in goede banen te leiden. Ze lieten ons spelletjes spelen die terugvoerden naar scoutsverledens en drukten ons op het hart in de ik-vorm te spreken en onze hand op te steken om het woord te vragen. Ze moesten de brug maken tussen mensen met diverse profielen, maar burgers infantiliseren is ergerlijk.

Het volgende panel staat al in de steigers en zal het over daklozen hebben. Niet alleen Brussel heeft trouwens ambitie. De federale ministers Annelies Verlinden (CD&V) en David Clarinval (MR) willen er een over de staatshervorming. Ook een gemengd panel van burgers en parlementsleden. ‘Een slecht idee’, zegt Vrydagh. Hij pleit voor een zuiver burgerpanel, waarin burgers zich zonder politieke invloeden kunnen uiten over de toekomst van België. ‘Zo niet verdrinken ze in politieke spelletjes, voorkeuren en belangen.’

Klinkt bekend in de oren. Met dat verschil dat 5G een walk in the park is vergeleken met een staatshervorming.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud