'Google zet groei in China boven mensenrechten'

Het logo van Google op een conferentie over digitaal entertainment in Sjanghai. ©REUTERS

Tien jaar geleden gooide Google hoge ogen door zich terug te trekken uit China als gevolg van de overheidscensuur. Die houding gooide het techbedrijf snel overboord, verlekkerd op groei, zo schetst een voormalige topman in een striemende open brief.

Ross LaJeunesse werkte sinds 2008 voor Google en werd er gepromoveerd tot hoofd internationale relaties. Hij moest er onder andere over waken dat het bedrijf en zijn producten de mensenrechten respecteerden.

Hij implementeerde ook de terugtrekking uit China door de aanhoudende discussie over overheidscensuur. Google was in het land met zijn zoekmachine actief van 2006 tot 2010. Toen kondigde het bedrijf aan niet langer te kunnen werken op een plek waar de overheid zoekresultaten wil filteren op 'ongewenste' resultaten, zoals informatie over de onrust onder de onderdrukte islamistische Chinese Oeigoeren, of het in China doodgezwegen en bloedig neergeslagen studentenverzet op het Tiananmenplein in 1989.

Net op het moment dat Google zijn engagement ten opzichte van mensenrechten nog had moeten verstevigen, besloot het bedrijf om grotere winsten en hogere koersen na te jagen.
Ross LaJeunesse
ex-Google-werknemer

Google nam die beslissing nadat het had vastgesteld dat de overheid inbrak in Gmail-adressen van mensenrechtenactivisten. Google koos op dat moment voor 'mensenrechten boven winst', schrijft LaJeunesse in een open brief. Het bedrijf trok zich toen grotendeels terug uit de op dat moment snelst groeiende markt ter wereld.

Dragonfly

Maar binnen het jaar, claimt LaJeunesse, drongen in het bedrijf al mensen aan om toch producten als Google Maps en het besturingssysteem Android in China aan te bieden. In 2017 begon Google, nog volgens Lajeunesse, stiekem aan een zoekmachine voor de Chinese markt te werken. De zoekrobot kreeg de codenaam Dragonfly. Topman Sundar Pichai moest zich daarvoor verantwoorden in de Amerikaanse Senaat en het project werd stopgezet.

Het bedrijf heeft dat project altijd afgedaan als een 'experiment'. Volgens LaJeunesse was het een zeer bewuste poging om opnieuw op de Chinese markt te kunnen komen, waar de voornamelijk Chinese concurrentie intussen volop zijn gang kon gaan.

'Net op het moment dat Google zijn engagement ten opzichte van mensenrechten nog had moeten verstevigen, besloot het bedrijf om grotere winsten en hogere koersen na te jagen', schrijft LaJeunesse. Zo opende het bedrijf, zonder zijn medeweten, in 2017 een Google-centrum voor artificiële intelligentie in Peking. 

Toxisch

Hij schetst verder een toxische bedrijfscultuur, waar oudere leidinggevenden naar jonge vrouwen brullen 'tot ze wenen aan hun bureau', en waar Aziatische en gekleurde werknemers stereotiep worden behandeld. Klachten daarover leidden ertoe, stelt LaJeunesse, dat zijn werk onmogelijk werd gemaakt. Hij nam ontslag in april vorig jaar.

De ex-Google-werknemer achter de open brief, Ross LaJeunesse, is in november kandidaat voor de Democraten bij de Senaatsverkiezingen.

Zijn aanklacht komt niet toevallig: hij is kandidaat voor de Democraten om in november een zitje in de Senaat te verwerven.

Google is een van de techbedrijven die de afgelopen jaren onder stevige politieke en maatschappelijke druk is komen te staan over hun werkwijze, omgang met privacy en personeelsbeleid. De afgelopen jaren waren er verschillende incidenten met (ex-)Google-werknemers die claimden dat ze ontslagen zijn omdat ze zich verzet hebben tegen bijvoorbeeld de Chinapolitiek van het bedrijf, of over de manier waarop werknemers behandeld worden. 

Google stelt wereldwijd meer dan 100.000 mensen tewerk.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud