interview

‘Uitstel van 5G wordt economische handicap voor België'

©Debby Termonia

Na techondernemer en baas van de investeringsmaatschappij LRM is Stijn Bijnens (51) als CEO van de IT-groep Cegeka toe aan zijn derde carrière. ‘40 procent van de Belgische IT-budgetten zijn al weg naar het buitenland, om nooit terug te keren.’

Er staat een ‘kickertafel’ in een van de vergaderzalen van Cegeka op de Hasseltse Corda Campus, een broedplaats voor jonge techbedrijven op een boogscheut van de Pukkelpop-weide. De fotografe aarzelt. Moet de tafel, het cliché bij uitstek van de techstart-up, mee in beeld? Stijn Bijnens, sinds begin dit jaar de CEO van de Limburgse IT-groep, ziet er geen graten in: het kan alleen maar helpen Cegeka wat hipper in de markt te zetten bij de schaarse maar broodnodige IT’ers.

Zelf ziet Bijnens, die 25 jaar geleden de techstart-up Ubizen oprichtte, zich zo’n ondernemersavontuur niet overdoen. ‘Ik ben te ongeduldig geworden om opnieuw iets op te starten. Het duurt te lang voor je relevant bent. Heb je bij Cegeka een goed idee, dan staan meteen 6.000 mensen klaar om daarmee aan de slag te gaan.’

Bio Stijn Bijnens

> Geboren in 1968. Hij studeerde voor ingenieur, met specialisatie in de computer wetenschappen, aan de KU Leuven.

> Richtte in 1995 het technologiebedrijf Ubizen op. Vier jaar later kreeg hij de award Manager van het Jaar. Ubizen groeide uit tot het ‘Securitas van het internet’ en was begin 2000 in volle dotcomgekte 1 miljard euro waard op de beurs. Tijdens de dotcomcrash in 2002 kreeg het bedrijf klappen. In 2007 werd het verkocht aan het Amerikaanse Verizon.

 Was van 2008 tot eind 2018 directeur bij de Limburgse investeringsmaatschappij LRM, waar de verkoop van Punch International voor 1 miljard euro een van de grote wapenfeiten was.

> Staat sinds januari aan het hoofd van Cegeka, de grootste onafhankelijke IT-groep van België, met een omzet van 665 miljoen euro (pro forma, inclusief de recente overname van KPN Consulting) en 6.000 werknemers.

 

Bijnens voelt zich duidelijk als een vis in het water bij de grootste onafhankelijke IT-groep van België. Een status die vorige week werd versterkt met de overname van de IT-consultancytak van de Nederlandse telecomoperator KPN. In één klap kwamen er zo’n 100 miljoen euro omzet en 1.000 werknemers bij. Daardoor landt Cegeka volgend jaar op een geschatte omzet van 665 miljoen. De IT-groep blijft zo trouw aan het doel dat hoofdaandeelhouder André Knaepen enkele jaren geleden vooropstelde: 1 miljard euro omzet, met activiteiten in heel Europa.

Dat expansieverhaal mag Bijnens sinds begin dit jaar verder schrijven, in wat je zijn derde professionele leven kan noemen. In 1995 maakte de toen 27-jarige ingenieur in de computerwetenschappen furore met Ubizen, een specialist in cyberbeveiliging die in 2000, op de top van de dotcomhype, 1 miljard dollar waard was. Nadat het bedrijf in 2007 aan de Amerikaanse telecomgigant Verizon verkocht werd, keerde Bijnens terug naar de Limburgse heimat, als CEO van het Limburgse investeringsfonds LRM. ‘Pas na vijf jaar konden we er de vruchten plukken van de beslissingen die ik nam. Ik geloof niet in de eerste honderd dagen. Ook hier zullen de resultaten van wat ik doe pas binnen drie jaar ten volle zichtbaar worden.’

Wat gaan we dan te zien krijgen?

Stijn Bijnens: ‘Ik zie hier twee grote werven. Een grote uitdaging is de twee subculturen in dit bedrijf met elkaar doen praten: de applicatiebouwers en de infrastructuurjongens. De laatsten beheren de servers waarop de applicaties van onze klanten draaien. Maar daar botst het vaak. Wie de infrastructuur beheert, focust op betrouwbaarheid. Een server mag nooit uitvallen. Zij willen zo weinig mogelijk veranderen, want elke verandering houdt een risico in. De bouwers van applicaties denken omgekeerd. Zij moeten wendbaar zijn, want de klant wil voortdurend nieuwe toepassingen. Ze willen dus zo veel en zo snel mogelijk veranderen. Als vandaag zoveel IT-managers bij bedrijven aan de deur worden gezet, is het omdat ze er niet in slagen die twee culturen te verzoenen.’

‘Een tweede werf is het Cegeka-merk uitbouwen. Dat moet meer uit de verf komen. Cegeka is in stilte groot geworden. Veel mensen weten niet precies wat we doen.’

Doe dan eens uw pitch. Welke toegevoegde waarde biedt Cegeka, bijvoorbeeld tegenover goedkope Indiase IT’ers?

Bijnens: ‘Wij zitten dicht bij de klant, spreken zijn taal en kennen de bedrijfscultuur. Als er iets is, kunnen klanten ons bellen. Met een Indiase leverancier lukt dat niet, hé. Die bereik je bij problemen alleen via een advocaat. En problemen zijn er altijd in IT. Wie jou wijsmaakt dat technologie nooit sputtert, wijs je beter de deur. Maar het klopt dat we globaal competitief moeten blijven. Wij kunnen dat alleen maar omdat we ook ontwikkelaars in Roemenië gevestigd hebben.’

‘Er is de voorbije decennia al veel toegevoegde waarde uit België verdwenen. In de tweede helft van de vorige eeuw verhuisde de productie naar de lageloonlanden in het Oosten. De voorbije tien jaar gebeurde hetzelfde op de consumentenmarkt. Facebook en Google slokten reclamebudgetten op, waar mediabedrijven het slachtoffer van werden, en buitenlandse webshops verdrukken de Belgische retail.’

Ik heb geen nood aan een sabbatical. Met zes kinderen kom ik daar sowieso niet aan toe. Soms ben ik blij dat ik hier zit.

‘Hetzelfde is aan het gebeuren in de IT-wereld. Banken schakelen over van hun klassieke mainframes (grote toestellen voor databeheer, red.) naar databeheer in de cloud. Ze vallen daarvoor terug op de vier grote leveranciers van cloudplatformen: Amazon Web Services, Google Cloud, Microsoft Azure en Alibaba Cloud. Voor de ontwikkeling van toepassingen trekken ze dan weer steeds meer naar India. Waar China ooit de fabriek van de wereld is geworden, is India de programmeur van de wereld. 30 tot 40 procent van de Belgische IT-budgetten zijn al weg, en ze keren nooit meer terug.’

Cegeka is een familiebedrijf. Kijkt hoofdaandeelhouder André Knaepen actief mee?

Bijnens: We komen goed overeen. Je mag dat ook altijd aan André vragen. Ik zat hier al tien jaar in de raad van bestuur, dus er was al vertrouwen gegroeid. We zijn het nog nooit oneens geweest. Recent verschilden we wel van mening over iets kleins, over de vraag hoe hard je bij projecten rekening houdt met de ecologische voetafdruk. Maar dat ging niet over de business an sich.’

Bij LRM zat u ook in de raad van bestuur voor u CEO werd.

Bijnens: ‘Het is bijna een patroon. Mijn leven is een aaneenschakeling van toeval zonder dat er een groot plan is. Ik solliciteerde ook nog nooit. Ik rol van het een in het ander.’

Is dat niet eigen aan Limburg, dat ons-kent-onswereldje?

Bijnens: ‘Dat heeft zo’n negatieve bijklank. Limburg is een hechte regio. Je kweekt als underdog een identiteit. Wij zijn altijd overheerst geweest. De kolenbaronnen waren geen Limburgers. In Limburg voel je de jongste jaren meer zelfvertrouwen. We zijn niet meer het Katanga van Vlaanderen waar iedereen grondstoffen komt halen. We doen het beter, we spelen mee.’

Is de generositeit van Vlaanderen voor Limburg dan nog gerechtvaardigd? De Vlaamse regering telt drie Limburgse ministers en verhoogt volgend jaar het kapitaal van LRM met 100 miljoen euro.

Bijnens: ‘Ik werk niet meer voor LRM. We gingen het daar toch niet over hebben? (zucht) LRM is een schakelkast voor de Limburgse economie. In Limburg had je na de sluiting van de mijnen de eerste golf ondernemerschap. Dit is nog maar de eerste generatie ondernemers. Er is hier nog niet veel privé-kapitaal. Dat heb je pas als ondernemers hun bedrijf verkopen of dividenden uitkeren. In West-Vlaanderen zitten ze al aan de derde of vierde generatie ondernemers, families leven daar van dividenden. LRM is ook niet alleen een investeringsfonds, het brengt heel wat ecosystemen samen. Dat is zoals de universiteit in Leuven of de haven van Antwerpen.’

Mondt ‘ons kent ons’ niet uit in politieke druk? Stond bij LRM nooit een politicus in uw bureau met de vraag ergens in te investeren?

Bijnens: ‘Nee. In tien jaar heb ik die vraag nooit gekregen. Er was geen quid pro quo, om het met impeachmentwoorden te zeggen. Wat wel gebeurde, is dat politici informeerden naar een dossier. Waar staat een dossier ergens? Dat vind ik kunnen, zolang je de confidentialiteit niet schendt.’

U werkte al in een bedrijf, maar ook in een politieke omgeving. Zijn dat nog altijd aparte silo’s?

Bijnens: ‘LRM was speciaal. Dat was een gewone nv, met een raad van bestuur die me de ruimte gaf te ondernemen. Ik weet niet of ik het gedaan zou hebben als die context er niet was. De vraag is: kan de overheid die context om te ondernemen ook creëren? Dat is moeilijk, denk ik. Ondernemen is risico’s nemen.’

Volgens de techondernemer Peter Hinssen zou u een goed premier zijn. Zou u ooit overwegen na ondernemer en manager politicus te worden?

Bijnens: ‘Jamais. Politiek is een rotjob met een korte levensduur. Je bent dag en nacht in de weer, én enorm kwetsbaar. Ik heb enorm veel respect voor mensen die dat nog willen doen.’

De politieke impasse moet u toch frustreren? Cegeka wil een deeltje van het spectrum voor het supersnel mobiel internet 5G. De veiling daarvan is op de lange baan geschoven.

Bijnens: ‘Het uitstel van de veiling van 5G-licenties gaat een enorm competitief nadeel voor België worden. Andere landen hebben al een vorm van 5G, voorlopig vooral omdat het spectrum voor 4G er vol zit. Tegelijk zie je in Duitsland al de eerste nuttige toepassingen voor 5G, vooral dan in de industrie. Dat gaat om het opvolgen en aansturen van machines en robotten, realtime en draadloos. Wifi werkt daarvoor niet goed. 5G is wel betrouwbaar. De volgende golf productiviteitswinsten zal via 5G lopen. Duitsland boekt die al, wij lopen achterop. Het wordt de komende jaren een economische handicap.’

Ik zie overnames waarvan de prijs totaal niet strookt met wat wij logisch vinden. Ik ben echt bezorgd dat een nieuwe zeepbel aan het ontstaan is.

‘In mijn tijd bij LRM moesten wij strijden met de Nederlanders voor de komst van grote distributiecentra. Nederlanders pitchten dan altijd waar zij goed in waren, maar ook waar wij slecht in waren. ‘Belgen staken veel meer, de loonkosten zijn er hoger en je kan er niet ’s nachts werken.’ Dat verhaal herhaalt zich met 5G. Als Elon Musk moet beslissen waar hij zijn Europese Tesla-fabriek gaat bouwen, hoor ik de Duitse en Nederlandse delegaties zeggen: ‘In Belgium won’t be any 5G auction soon’.’

U maakte al twee financiële zeepbellen met bijhorende crashes en crisissen mee: de dotcomzeepbel en de bankencrisis. Wanneer verwacht u de volgende?

Bijnens: ‘Elke hoogconjunctuur draagt in zich de kiem van een nieuwe crisis. We kennen al tien jaar economische groei. Dat is nog nooit gebeurd. De crash had er al lang moeten zijn. Iedereen ging uit van 2020, maar nu lijkt het 2021 te worden. De centrale banken blijven de economie ook doperen met de lage rente. Dat gaat zeker niet stoppen volgend jaar, met de Amerikaanse verkiezingen in het vooruitzicht.’

Een recessie is voor Cegeka een opportuniteit. Je zou bijna zeggen: we kijken ernaar uit!

‘Die doping is voor iedereen positief, behalve voor de banken. Zij zien in dat de rente nog een tijd laag blijft, en voelen de druk op hun winsten. Wij zien dat: de IT-budgetten van de banken liggen volgend jaar lager, na twintig jaar van stijgingen. Ze doen daarom niet minder aan IT, hé. Ook in de IT is een beweging naar automatisatie aan de gang, bijvoorbeeld bij het beheren van de IT-infrastructuur. Waardoor je kan besparen op mensen en loonkosten.’

Doping klinkt niet positief?

Bijnens: ‘Wij redeneren: als we een overname doen, moeten we die binnen een redelijke termijn terugverdienen via de vrije kasstroom van dat bedrijf. Maar ik zie vandaag deals die totaal niet stroken met die redenering. Ik ben echt bezorgd dat een nieuwe zeepbel aan het ontstaan is.’

Wat betekent het voor Cegeka als de zeepbel spat en we in een recessie belanden?

Bijnens: ‘We stellen ons die vraag. Het is een oefening die elk bedrijf continu moet maken. Bij ons is het antwoord voorlopig positief. Bij een recessie gaan bedrijven op de kosten letten. Met digitalisering kan je nieuwe applicaties in de markt zetten, maar ook de kosten drukken. Dat is ook een deel van onze business: kosten drukken door digitalisering. Een recessie is voor ons een opportuniteit. Je zou bijna zeggen: we kijken ernaar uit!’

U zei ooit dat u na uw periode bij Ubizen een sabbatical zou nemen. Het kwam er niet van. Wanneer wel?

Bijnens: ‘Toen ik via Ubizen bij het Amerikaanse Verizon terechtkwam, moest ik veel reizen. Ze zeiden dan: ‘Er is morgen een opportuniteit in Australië.’ Hup, het vliegtuig op. Ik wou daarna weer wat lokaler blijven. Maar ik ben altijd all-in geweest. Ik kan geen sabbatical nemen. Ik heb daar ook geen nood aan. Thuis kom ik daar met zes kinderen sowieso niet aan toe. Ik ben soms blij dat ik hier zit.’ (lacht)

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud