'Het boze Proximus-personeel was best intimiderend'

'We moeten ons toch de vraag stellen of we voldoende doen om Belgische topmanagers hier te houden', zegt Stefaan De Clerck. ©Dieter Telemans

Proximus-voorzitter Stefaan De Clerck (68) heeft er een tijd van grote beproevingen opzitten: het turbulente vertrek van CEO Dominique Leroy, een harde confrontatie met de bonden en de ziekte van zijn vrouw. ‘Met de benoeming van Guillaume Boutin staat het bedrijf weer op de rails. Die andere zorgen hopen we ook snel achter ons te kunnen laten.’

Vermoeid, maar enigszins opgelucht. Zo komt De Clerck donderdagavond thuis in Kortrijk aan na een tweedaagse waarin het bestuur van Proximus een nieuwe, blitse CEO koos, een herstructureringsplan afklopte zonder akkoord met de bonden en toch de sociale dialoog aan de gang kon houden.

In zijn woonkamer vol moderne schilderijen - ‘zonder kunst is een mens niks’- valt ons oog op een oude stafkaart waarop de provincie Luxemburg in goud is ingekleurd. ‘Dat herinnert mij aan mijn Neufchâteau-periode’, lacht de gewezen CD&V-politicus. De volkswoede over de zaak-Dutroux en de kortstondige ontsnapping van de publieke vijand nummer 1 hebben De Clerck zijn job als minister van Justitie gekost.

Moest u daar deze week aan terugdenken toen u aan de ingang van het Proximusgebouw belaagd werd door boze actievoerders?

Stefaan De Clerck: ‘Het was best intimiderend, ja. Er werd geduwd en getrokken. Ik kreeg wat rook binnen. Mijn hemd was verbrand. Maar ik ben wel wat gewoon en ik kan het ook plaatsen. Als mensen in groep zijn, gaan ze al eens wat verder. En ik heb begrip voor de bezorgdheid die er heerst bij het personeel.’

Het transformatieplan wordt in gang gezet zonder het akkoord van alle bonden. Gaat het standhouden? 

De Clerck: ‘Het was geen makkelijke beslissing. Het bedrijf moet vooruit, maar je wil uiteraard dat iedereen mee is. Ik denk dat we daarin kunnen slagen als we nu goed communiceren en de ongerustheden bij de personeelsleden wegnemen. Donderdag zijn de gesprekken tussen de directie en de vakbonden ook hervat. Elk akkoord dat zij nog bereiken, wordt bekrachtigd. Ik heb er vertrouwen in dat er finaal een deal komt. Ook de bonden weten dat Proximus die digitale omslag moet maken.’

Het aantal bedreigde jobs daalt van 1.900 naar 1.300. Redt u het daarmee? 

De Clerck: ‘We kiezen voor wat meer interne herscholingstrajecten. En voor de 1.300 getroffen jobs worden verschillende oplossingen uitgewerkt, zoals een aantrekkelijke regeling voor vrijwillig vertrek. Er komen workshops waarop al zeker acht à tien bedrijven hebben ingetekend die honderden arbeidskrachten zoeken. Onze mensen zijn zeer gewild.’

Stefaan De Clerck: ‘We zitten in een tijd waarin er voor een telecombedrijf geen zekerheden meer zijn.’ ©Dieter Telemans

Is Proximus nog wel gewild? De jongste week zagen we vooral namen passeren van mensen die pasten voor de job van CEO.  

De Clerck: ‘Er waren 80 kandidaten. Wie afhaakte en waarom, behoort tot de confidentialiteit van zo’n procedure. Intern hadden we twee uitstekende kandidaten: Guillaume Boutin en interim-CEO Sandrine Dufour. Iedereen zou dolgelukkig geweest zijn met Sandrine, want zij is echt een formidabele dame. Maar ze heeft op basis van persoonlijke argumenten heel snel beslist dat ze niet in de race bleef. Iemand zei deze week: ‘Haar cartesiaanse geest past niet helemaal bij het Belgische surrealisme.’ Ik heb dat opgeschreven, omdat het zo’n mooie omschrijving was. Ik weet niet of ze nu aan boord blijft in het team van Guillaume. Ze zal dat zelf beslissen.’

Maar dan is Boutin tweede of derde keuze?

De Clerck: ‘Nee, de raad van bestuur heeft een weloverwogen beslissing gemaakt. We hebben onszelf voor een keuze geplaatst. Kiezen we voor een klassieke Belgacom-CEO, een gevestigde waarde met het gewicht om af en toe eens een sterke uitspraak aan het adres van de politiek of de regulator te doen? Of gaan we voor een volledig nieuw profiel, dat van de digital native die de omslag die Proximus moet maken helemaal belichaamt? Met Guillaume hebben we daarvoor de geknipte persoon gevonden. Hij is jong, ambitieus en creatief. En in de relatie tot de politiek is hij een beetje een outsider.’

Proximus heeft dus zijn eigen Conner Rousseau (sp.a) gevonden. Is dat geen stap in het onbekende? 

De Clerck: (lacht) ‘Opgepast, hij is nog maar 45 jaar, maar zijn cv geeft blijk van grote internationale ervaring en expertise. In de VS heeft hij een mee een internetbedrijf opgericht dat ondertussen op de beurs noteert. In Frankrijk is hij vier jaar CFO geweest bij de telecomgroep SFR. En hij heeft bij de betaalzender Canal + gewerkt op een moment dat de prijzen in elkaar stuikten. Hij weet dus wat het is om transformaties door te maken en sociaal overleg te plegen.'

'Maar ik snap wat u bedoelt. We zitten in een tijd waarin er voor een telecombedrijf geen zekerheden meer zijn en dus andere recepten nodig zijn. Dit is niet meer de tijd van een monopolie, waarbij je connectiviteit verkoopt en de kassa rinkelt. We zitten in een volledig nieuwe economie, waarbij zich allerlei nieuwe niches aandienen, zoals digitale identiteit en cyberveiligheid en waarbij je strategische keuzes moet maken. Dat vergt een grote kennis van de nieuwe markten...’

En van het Belgisch surrealisme? 

De Clerck: ‘Ik denk dat hij daar wel mee om kan. Hij is een beetje rock-’n-roll, loopt op sneakers rond en is heel informeel. Hij is net als ikzelf basketter geweest. Hij was spelverdeler en dat merk je ook op de werkvloer. Hij zoekt verbanden. En dat zal hij nu ook als CEO moeten doen. Hij zal het bedrijf, de vakbonden, het personeel en de politiek moeten verenigen.’

Hebt u de beursanalyses gelezen na de voorstelling van Boutin? ‘Nieuwe CEO, zelfde kopwind’, luidde het bij Deutsche Bank.  

De Clerck: ‘De marktsituatie is niet gunstig. Dat weten we. De concurrentie is zwaar. De prijsdruk is hevig. In Vlaanderen daalt de prijs die we krijgen om Orange toegang te geven tot ons net. In Wallonië weten we niet goed hoe het met VOO (de Waalse tegenhanger van Telenet, red.) zal aflopen en de nood aan forse investeringen in glasvezel en 5G stoot op belemmeringen. China gaat in drie jaar 3 miljoen antennes plaatsen om in het hele land het 5G-netwerk uit te rollen. Wij wachten nog altijd op een duidelijke langetermijnstrategie van de verschillende overheden. Ik snap heel goed dat wij China niet zijn. We moeten een antwoord geven op de bezorgdheden over de volksgezondheid. Maar je kan het je toch niet inbeelden dat de hoofdstad van Europa achterophinkt op de rest van de wereld?’

Is België niet gewoon al te laat? 

De Clerck: ‘We zijn nu wel wat tijd aan het verliezen, doordat er geen federale regering is. De veiling van de radiofrequenties is uitgesteld tot 2021. Ik hoop dat er politiek snel duidelijkheid komt.’

De overheid moet beseffen dat nog meer concurrentie tot minder inkomsten, minder investeringen en minder dividend leidt. Je kan niet alles hebben.

En dat de volgende regering de opening van de markt voor een vierde speler terugdraait?  

De Clerck: ‘We hopen dat er een andere keuze wordt gemaakt. Ik kan begrip opbrengen voor de positie van minister Alexander De Croo (Open VLD). Hij verdedigt de consument, zegt hij. Maar de overheid moet toch ook aan haar topbedrijven denken. Wij investeren op jaarbasis 1 miljard euro. Dat is al lastig in een markt waarin de marges steeds kleiner worden. Nog meer concurrentie betekent minder inkomsten en dus minder investeringen en minder dividend. Je kan niet alles hebben, hè.’

Hoe kijkt u terug op de hele saga rond het vertrek van Dominique Leroy?  

De Clerck: ‘Een dramatische periode, voor haar en voor mij. Er was aanvankelijk een akkoord om met elkaar verder te gaan, maar er is deze zomer een aarzeling geweest, waarna haar positie is veranderd. Ik had het anders gedroomd, want ik waardeer haar enorm. Maar het is haar goed recht. Geen kwaad woord over Dominique Leroy dus. Je mag ook niet onderschatten: zes jaar zo’n job doen in de Belgische context is niet evident.’

Wat is er zo typisch aan die Belgische context?  

De Clerck: ‘Je moet veel taloren tegelijk draaiende houden: regulatoren, de politiek, een klassieke syndicale structuur. Dat is stevig. En als de overheid dan ook nog eens met extra concurrentie op de proppen komt en ze je ondanks je uitstekende prestaties niet de langetermijnbonus geeft die andere directieleden wel krijgen, snap ik dat je jezelf de vraag stelt: ‘Wil ik er nog eens zes jaar bij doen?’’

Die aarzeling zat bij de politiek?  

De Clerck: ‘Er was in de regering een aarzeling om in lopende zaken en tijdens lopend sociaal overleg zo’n bonus toe te staan. Ik heb daar begrip voor. Maar voor een CEO die alleen maar complimenten en aanmoedigingen verdient, was dat moeilijker te slikken.’

Hebt u zelf fouten gemaakt? Leroy tot 1 december aan boord proberen te houden bleek niet de meest geslaagde zet. 

De Clerck: ‘Dat weet je niet vooraf. In principe was een soepele transitie mogelijk geweest, maar met het nieuws over de transfer naar KPN, de aandelenverkoop en de keiharde syndicale reactie is een cocktail ontstaan, die de media heel graag drinken, maar die nog moeilijk te managen was.’

Hebt u nog contact met haar?  

De Clerck: ‘Zeker. En ik ben er 100 procent zeker van dat ze op korte termijn opnieuw grote verantwoordelijkheden zal opnemen in het bedrijfsleven. Zal dat in België zijn? Dat weet ik niet. Het zou me niet verwonderen mocht ze het rijtje Belgen vervoegen die in het buitenland hoge ogen gooien. Dat is fantastisch, maar eigenlijk moeten we ons toch vooral de vraag stellen of we voldoende doen om Belgische topmanagers hier te houden. Om op uw eerdere vraag terug te komen: bij de gesprekken die ik gevoerd heb in de zoektocht naar een nieuwe CEO, heb ik inderdaad meermaals de bedenking gehoord: ‘Waarom zou ik me daaraan wagen?’’

De noodkreet van NMBS-topvrouw Sophie Dutordoir was er niet naast. En het vreemde is dat daar nauwelijks reactie op gekomen is.

Sluit u zich aan bij de noodkreet van NMBS-baas Sophie Dutordoir, die op dit moment gewoonweg niet weet wat ze aan de politiek heeft?  

De Clerck:‘Dat was er niet naast. En het vreemde is dat daar nauwelijks reactie op gekomen is. Ik voel niet de behoefte om in apocalyptische beelden te spreken, maar we moeten er in dit land echt op letten dat we onze ondernemingen de verantwoordelijkheid én de vrijheid geven om vooruit te komen en een strategisch kader uit te tekenen voor uitdagingen zoals de digitalisering. Anders missen we vele treinen.’

Het gesprek wordt even onderbroken door kleinzoon Jeff, die terugkomt van zijn basketbaltraining. Met vijf kinderen en 15 kleinkinderen is het in huize De Clerck de zoete inval. Maar het is er stil. De familie gaat door een moeilijke periode.

De Clerck: ‘Mijn echtgenote is in medische behandeling, maar ze is de strijd aan het winnen. Daar ben ik van overtuigd. De moeilijkste periode was tussen juli en september. Dat viel samen met het vertrek van Leroy.’

Hebt u het er dan nog voor over om op uw 68ste voor poenpakker te worden uitgejouwd? 

De Clerck: ‘Ach, ik kan dat wel plaatsen. Ik heb mijn vergoeding niet zelf gekozen en ik kan u verzekeren dat dit voorzitterschap geen uitbolbaantje is. Ik ben bijna voltijds met Proximus bezig. Maar ik doe het heel graag en mijn vrouw steunt me daarin. In april loopt mijn mandaat af. Of het verlengd wordt, moet de volgende regering beslissen. Sowieso moet ik op mijn 70ste stoppen, maar ik zou de start van de nieuwe CEO nog graag meemaken. Maar het belangrijkste is nu dat we tegen het einde van het jaar goed nieuws krijgen voor mijn echtgenote. Na een goed sociaal akkoord en de aanstelling van een goede CEO, hopen we ook die zorg succesvol achter ons te laten.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect