Proximus en Orange Belgium gaan 5G-factuur delen

Proximus en Orange Belgium gaan tientallen miljoenen euro’s besparen door hun gsm-masten samen te beheren. ©BELGAIMAGE

De telecomconcurrenten Proximus en Orange Belgium bundelen de krachten voor de basisinfrastructuur van hun mobiele netwerken. Door samen te werken bespaart Proximus jaarlijks tot 40 miljoen euro, Orange 30 miljoen.

Het leek donderdag wel een begrafenis in de torens van Proximus in het Brusselse Noordkwartier. De dodenmars van Chopin weerklonk en CEO Dominique Leroy en voorzitter Stefaan De Clerck stapten door een erehaag van een 80-tal in het zwart uitgedoste werknemers naar het bijzonder paritair comité. Onderweg passeerden ze een doodskist. Met daarop het rouwbericht voor de overleden ‘Sociale Dialoog en al zijn verworvenheden’.

Met de ludieke actie protesteerden de bonden tegen de verwachte outsourcing van 108 netwerkbeheerders naar een externe partij. Het werden er uiteindelijk zowat 80 en er blijft een link met de moedergroep. Proximus neemt de helft van een joint venture met Orange Belgium voor zijn rekening. Al is dat op termijn even nefast voor de arbeids- en loonvoorwaarden, stellen de bonden.

De joint venture zal de basisinfrastructuur van de mobiele netwerken van de twee concurrenten beheren. Het gaat om masten, basisstations, transmissiekosten, energie en onderhoud en herstellingen. Orange transfereert 40 tot 50 werknemers.

Protest

Bij Proximus ontlokt de transfer luid protest. De bonden pikken het niet dat de directie de netwerkactiviteiten (1.900 banen) uit het herstructureringsplan licht dat sinds vorige maand bij het overheidsbedrijf op de onderhandelingstafel ligt. ‘Dit wordt een precedent voor andere diensten’, zegt Bart Neyens van de ACOD. ‘Wat is de volgende afdeling die wordt geprivatiseerd? Wat beschouwt CEO Dominique Leroy nog als kernactiviteiten? Eerst de callcenters en nu het mobiele netwerk. Straks blijft er niets meer over.’

Ook de timing van de aankondiging viel niet in goede aarde. ‘Net voor de vakantie, beter kan niet om de syndicale kant lam te leggen’, luidt het. De bonden overleggen vandaag over een reactie eind augustus, begin september.

Het delen van infrastructuur is een Europese trend. De uitrol van 5G vergt grote investeringen.
Ruben Devos, telecomanalist KBC Securities

Proximus en Orange vullen de komende maanden de modaliteiten van de joint venture verder in. Ze mikken tegen eind dit jaar op een definitief akkoord, waarna de samenwerking begin 2020 van start kan gaan. Proximus pompt 140 miljoen euro in de gezamenlijke vennootschap, Orange 130 miljoen euro - in beide gevallen gespreid over drie jaar.

Door de mobiele infrastructuurkosten te delen bespaart Proximus jaarlijks 35 à 40 miljoen euro. Orange mikt op 30 miljoen euro per jaar. Dat geld zullen ze gebruiken om het razendsnelle 5G-netwerk sneller en breder uit te rollen. Bij welke leverancier ze daarvoor aankloppen, is nog niet bekend. Voor hun huidige netwerken gebruiken Proximus en Orange allebei apparatuur van het Chinese technologieconcern Huawei.

Internationale trend

De twee benadrukken dat ze mobiele concurrenten blijven. Hun kernnetwerken en spectrum houden ze apart en ze blijven hun diensten en prijzen los van elkaar in de markt zetten. De klant mag op een betere kwaliteit rekenen bij het mobiel bellen en surfen. ‘Het bereik outdoor wordt groter en de indoordekking verbetert.’

Met hun samenwerking volgen Proximus en Orange Belgium een Europese en internationale trend waarbij operatoren hun infrastructuur delen. De Franse moedergroep Orange heeft daar al flink wat ervaring mee. In Spanje en Roemenië deelt Orange zijn gsm-masten met het Britse Vodafone. Datzelfde Vodafone partnert in eigen land met Telefonica. In Japan sloten KDDI en Softbank donderdag een akkoord om samen een 5G-netwerk uit te rollen. ‘5G vereist grote investeringen’, zegt Ruben Devos, de telecomanalist van KBC Securities. Met zijn tweeën worden die miljarden-investeringen een pak dragelijker.

Met hun samenwerking zetten Proximus en Orange hun rivaal Telenet een hak. Het kabelbedrijf - dat met het Chinese ZTE een andere leverancier heeft dan zijn concurrenten - moet de zware investeringen alleen dragen. ‘We hebben vertrouwen in de kwaliteit van ons netwerk’, reageert een Telenet-woordvoerster.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n