Zendmasten, de stalen torens die goud waard zijn

©Hans Lucas via AFP

Ze zijn lelijk en omstreden, maar voor telecombedrijven zijn het goudklompjes. Beleggers lopen in hun zoektocht naar rendement storm voor zendmasten, die telecomoperatoren maar al te graag te gelde maken.

Ze torsen antennes die straling uitzenden die de Brusselse regering al jaren - onterecht - slecht voor onze gezondheid vindt. Ze vliegen al eens in brand, omdat complottheoretici denken dat de antennes voor het supersnel mobiel internet 5G het coronavirus veroorzaken.

Zendmasten zijn omstreden, maar wel zeer geliefd bij telecombedrijven en beleggers. De reden? Ze zijn veel geld waard. Dat blijkt des te meer uit de strijd rond Orange Belgium. Het moederbedrijf Orange wil Orange Belgium van de beurs halen, maar de uitkomst van het bod is hoogst onzeker. Het Britse fonds Polygon vond het te laag, omdat geen rekening werd gehouden met de royale waarde van de zendmasten. Polygon noemt de zendmasten ‘de Picasso van Orange Belgium’.

Ook andere telecomoperatoren zitten op een berg goud mochten ze hun zendmasten verkopen. Berenberg-analist David Burns stipte bij een recent koopadvies voor Telenet aan dat de telecomoperator 525 miljoen euro kan vangen voor zijn zendmasten.

In andere landen kozen telecombedrijven er al voor hun goudklompjes te verkopen. Kopers gaan daar gretig op in. Het beste voorbeeld is het Spaanse Cellnex. De Spanjaarden kochten overal in Europa bij cashbehoevende telecomoperatoren zendmasten op. Een blik op de beurskoers van de Spaanse zendmastenbeheerder spreekt boekdelen. Als een Tour de France-rit begint die gezapig in het dal waarna hij loodrecht een of ander massief inschiet. De koers noteert sinds de beursgang in mei 2015 211 procent hoger. Tal van Europese notabelen zoals de holding van de Italiaanse familie Benetton sprongen aan boord.

Passieve infrastructuur

Vanwaar die appetijt? En waarom bestaat er zoiets als beheerders van zendmasten? Zitten die niet volledig onder dak bij telecomoperatoren, voor wie ze cruciaal zijn om antennes te plaatsen? Het antwoord op die laatste vraag is kort: almaar minder. De voorbeelden zijn legio. Het Britse Vodafone bracht zijn zendmasten, 82.000 in tien landen, in maart als een aparte divisie naar de beurs van Frankfurt. Het Franse Orange splitste in februari 25.500 sites in Frankrijk en Spanje af in het onafhankelijke TOTEM.

Dat is nog maar het begin, zegt Vincent Licoppe, hoofd strategie bij de telecomoperator Proximus. ‘Zendmasten zijn hot. We zien almaar meer deals. En er is nog veel marge in Europa. Amper 20 procent van de Europese zendmasten is in handen van een onafhankelijke mastenbeheerder. In de Verenigde Staten is dat 90 procent.’

Het afsplitsen van zendmasten is een godsgeschenk voor alle betrokkenen: de telecomoperator, de infrastructuurbeheerder en de belegger. Het telecombedrijf ontdoet zich van een logistieke taak die er in tijden waarin het klantgerichter dan ooit moet zijn soms te veel aan is. ‘Een telecomoperator maakt een onderscheid tussen zijn actieve infrastructuur die cruciaal is om zelf te beheren, zoals antennes, en de passieve infrastructuur, zoals de mast zelf maar ook de energietoevoer, de stabilisatie en de beveiliging’, zegt Licoppe.

28 miljard
Het uitbesteden van zendmasten kan in Europa zeker nog 28 miljard euro aan kapitaal voor netwerken vrijmaken

De telecomoperator maakt door de afsplitsing van zijn passieve infrastructuur ruimte en cash vrij om te focussen op waarop de klant hem afrekent: snel surfen, zowel mobiel als vast. De uitrol van het supersnel mobiel internet 5G en glasvezel is peperduur. Het Britse Vodafone ving bij de beursgang van zijn zendmastentak Vantage Towers 2,3 miljard euro, die integraal gebruikt wordt om de met schulden belaste balans schoon te vegen. Het uitbesteden van zendmasten kan in Europa zeker nog 28 miljard euro aan kapitaal voor netwerken vrijmaken, becijferden de consultant EY en de vakorganisatie EWIA in november.

De spelers die de masten overnemen, doen ook een zaakje. Zendmasten worden in veel gevallen suboptimaal beheerd, net omdat ze maar een van de vele bezigheden van een telecomoperator zijn. ‘Een bedrijf dat focust op één activiteit doet dat altijd beter. Het bedrijfsmodel van een beheerder van masten is het optimaal runnen van iets waarmee dat nog niet gebeurt. Ze hebben specifieke teams voor bijvoorbeeld onderhoud’, zegt Licoppe. Een beheerder van masten kan een site 40 procent efficiënter runnen dan een telecomoperator, stelden EY en EWIA. Dat kan tussen 2019 en 2029 31 miljard euro aan synergieën opleveren.

Eenmalig in de zakken tasten

De telecomoperator en de zendmastenbeheerder winnen dus allebei. Toch klopt het hart van de belegger beduidend sneller voor die laatste. Inclusief schulden is het Spaanse Cellnex zo’n 28 keer de brutobedrijfswinst (ebitda) van de voorbije twaalf maanden waard, leren cijfers van het financieel persagentschap Bloomberg. De telecomoperator Proximus noteert tegen amper vier keer de ebitda. Het povere beursparcours van Proximus vertekent enigszins, maar beleggers achten mastenbeheerders relatief gezien drie keer meer waard dan de operatoren.

Beleggers achten mastenbeheerders relatief gezien drie keer meer waard dan telecomoperatoren.

Beleggers zijn in tijden van nulrente op zoek naar rendement. Digitale infrastructuur, zoals zendmasten en glasvezelkabels, is dan een interessante piste. Het is eenmalig in de zakken tasten, maar als de kabel er eenmaal ligt of de mast er staat, rinkelt de kassa decennia. De pandemie, met het vele zoomen en netflixen, onderstreept nog eens de nood aan kabels en masten. ‘Het is een voorbeeld van een belegging voor de lange termijn: na de aanleg van het net is er een duurzaam contact met de klant en een stabiel maar voorspelbaar rendement’, zei Alex Goldblum, CEO van de glasvezelspecialist Eurofiber, vorig jaar in De Tijd.

Polonaise van investeerders

De zendmastenbeheerder moet eenmalig investeren om de gevaartes over te nemen, maar ziet zich daarna verzekerd van stabiele inkomsten van de huurders. Het macro-economisch klimaat zit mee: het geld is goedkoop. Begin februari legde Cellnex 5,2 miljard euro op tafel voor de 10.500 sites die de klanten van de Franse Altice-dochter SFR bedienen, met de belofte de komende acht jaar nog eens 900 miljoen euro te investeren in 2.500 nieuwe sites. Het bekostigde dat met een publieke kapitaalverhoging van 7 miljard euro, de grootste ooit voor een niet- financiële speler in Spanje.

Zendmastenbeheerders moeten eenmalig investeren om de gevaartes over te nemen, maar zien zich daarna verzekerd van stabiele inkomsten van de huurders

De polonaise van investeerders die langs de 426.000 Europese zendmastensites trekt, is voorlopig nog niet in ons land met zijn 10.000 sites aangekomen. Ons land is een beetje een buitenbeentje als het gaat om zendmasten. De drie telecomoperatoren delen verplicht de sites met elkaar. ‘Als je een zendmast neerpoot, wordt dat meegedeeld aan de markt. Andere telecomoperatoren kunnen dan hun antennes mee op de mast plaatsen. Dat is uniek in Europa’, zegt Ann Massart, woordvoerster van Orange Belgium.

Proximus en Orange Belgium stampten in 2019 samen de 50-50-joint venture Mwingz uit de grond. Daarin investeren ze samen in masten en basisstations en delen ze het beheer ervan. Dat scheelt al een slok op de borrel en resulteert in een besparing van enkele tientallen miljoenen euro’s voor beide. Is dat de voorbode van een verkoop of een beursgang? Voorlopig is daar geen sprake van.

Niets sluit evenwel uit dat ook de Belgische zendmasten veranderen in gouden torens, hoezeer de modale burger ze ook haat. De muziek speelt nog wel eventjes op de Europese zendmastenmarkt. Maar dat kan ook zo weer voorbij zijn, waarschuwt Licoppe. ‘Als de rentevoeten weer naar omhoog gaan, wordt het misschien een pak minder. Maar voorlopig is het model een win-winsituatie voor iedereen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud