Pionier van petflesvest lonkt naar Antwerpen

©Dries Luyten

Waste2Wear maakt textielstoffen van gerecycleerde petflessen maar ook van oude koelkasten. Het gaat nu onderzoeken of het ook plastic uit verschrote auto’s kan recycleren. Mogelijk in een fabriek in Antwerpen.

‘Mijn autokoffer zit vol zakjes met plastics uit auto’s die hier op de Antwerpse terminal van Belgian Scrap Terminal zijn verschroot’, zegt Monique Maissan van het kledingbedrijf Waste2-Wear. De Nederlandse textielingenieur was onlangs in Antwerpen te gast op een panelgesprek over circulaire economie. Ze is bevriend met Caroline Craenhals, de topvrouw van BST. Dat familiebedrijf verwerkt in de haven afgedankte auto’s, consumptiegoederen en metaal uit de chemie en de bouw tot de laatst mogelijke vezel.

In Amsterdam gaan de zakjes het vliegtuig in, naar China. ‘In China is heel veel recyclagekennis’, zegt Maissan. ‘Met Chinese universiteiten gaan we onderzoeken hoe we die plastics kunnen hergebruiken voor nieuwe dashboards, autotapijten of andere auto-onderdelen. Als blijkt dat we er iets mee kunnen doen, gaan we bekijken of we met Belgian Scrap Terminal een recyclageplant kunnen opstarten.’

Monique Maissan

> Eigenares en oprichtster van Waste2Wear, een bedrijf dat textiel maakt van petflessen. Heeft 70 mensen in dienst, maar wil verder geen cijfers gepubliceerd zien.

> Nederlandse textielingenieur. Woont en werkt al 22 jaar in China.

> Laat haar textielstoffen maken in fabrieken in China en India. Die recycleren jaarlijks circa 2.000 ton plastics voor Waste2Wear. Haar bedrijf produceert naast textielstoffen dames- en kinderkleding, school- en bedrijfsuniformen, autozetelcovers en tassen.

> In gesprek met ‘groene’ banken en een investeringsmaatschappij over een nieuwe kapitaalinbreng.

> Bekende klanten zijn bedrijven die uniformen en schooluniformen laten maken: Carrefour, Fabienne Chapot, Claudia Sträter, Wehkamp, O’Neill, Oilily, Unilever en Aldi.

 

Maissan woont en werkt al meer dan twintig jaar in Sjanghai. Tien jaar geleden richtte ze er Waste2Wear op, een bedrijf dat textielstoffen maakt van afval, met name van gerecycleerde petflessen. Pet wordt al jaren gerecycleerd tot garens voor vullingen van autostoelen en knuffels. Maissan perfectioneerde de recyclage van petflessen en maakte er garens van voor draagbare, zachte stoffen voor kleding, tassen, rugtassen, kussens en tapijten. Het was een verhaal van vallen en opstaan. Aanvankelijk was er veel scepsis over haar project en werd ze uitgelachen. Wie wil er nu kledij maken uit afval? Maar ze zette door.

Nu wordt ze soms de pionier van het circulaire textiel genoemd en is ze een voorbeeld voor grote textielproducenten die gerecycleerd plastic willen hergebruiken in hun collecties. Bekende merken die stoffen van Waste2Wear gebruiken, zijn Claudia Sträter, Oilily, O’Neill, Starbucks, Joolz, Wehkamp en Unilever. ‘We groeien als kool’, zegt Maissan zonder cijfers te geven. ‘We leveren stoffen, tassen en kledij aan verschillende bedrijven. Van het hoge tot het lage segment.’

Waste2Wear leverde recentelijk stoffen op basis van petflessen aan Aldi, die ze gebruikte voor een nieuwe modecollectie onder het label ‘trashcode’. De ‘groene’ rokken, bloezen, blazers, jurken en T-shirts liggen sinds oktober in de winkels. Ook in ons land. Maissan is in gesprek met nog enkele grote partijen. Die contracten verwacht ze de komende maanden. Namen wil ze niet geven.

Een ‘groene’ winterjas uit Waste2Wear-garen bestaat al snel uit 83 petflessen. Maar de collecties gaan verder dan de bekende gewatteerde jasjes van pet. Van sommige garens worden zelfs zijdeachtige bloezen gemaakt. Volgens Maissan vergt de productie van kledij met gerecycleerde polyestergarens van Waste2Wear 70 procent minder energie en 86 procent minder water dan kledij gemaakt van gewoon polyester. En de CO2-uitstoot ligt 75 procent lager.

Chinese vissers

Maissan laat een deel van ‘haar’ petflessen uit het water vissen bij eilandjes en kuststroken onder Sjanghai. ‘Vorig jaar vaardigde de regio een verbod uit op het vissen van bepaalde soorten. Met de Chinese overheid hebben we een deal gesloten om de vissers in te zetten om plastic uit de zee te halen. Het systeem levert ons maandelijks 30 ton petflessen en 50 ton ander afval op. De petflessen gaan naar de fabrieken die er garen van spinnen voor textielproducten als Ocean Plastic. Het andere afval gaat naar andere verwerkingspartners en wordt getest voor andere toepassingen. Het loon van de vissers ligt nu hoger dan voordien. De recyclage blijft ter plaatse. Ik vind het belangrijk dat een deel van de waardevermeerdering lokaal blijft. Hetzelfde procedé passen we toe in India. Daar werken we samen met twee fabrieken die petflessen recycleren. In China werken we met zes fabrieken.’

Waste2Wear maakt ook textielproducten uit gerecycleerd plastic van koelkasten, airconditioners en foodcontainers. ‘We zijn in gesprek met verschillende grote partijen voor het leveren van onze tassen die zijn gemaakt uit die nieuwe stoffen. Maar onze corebusiness blijft textiel uit petflessen.’

Fake

Kledij van gerecycleerde producten is ondertussen cool geworden. Veel millennials ontpopten zich tot ‘conscious consumers’, bewuste consumenten, en de vraag naar groene producten neemt toe. Dat leidt soms tot uitwassen. ‘Sommige producenten worden heel creatief als er een vraag komt naar groene producten, waarvoor men bovendien bereid is fors te betalen’, zegt Maissan, zonder namen te noemen. ‘Neem het van mij aan: 50 procent van de petkledij die zich aandient als gerecycleerd polyester, is fake. Wees dus op je hoede als je van een multinational een product koopt dat volgens het label uit gerecycleerd materiaal bestaat. In India en China kunnen ze supergoed licenties en certificaten fotoshoppen.’ (lacht)

De textielindustrie is een van de meest vervuilende industrieën. De overheid zou BOB-campagnes moeten doen om mensen daar bewust van te maken.
Monique Maissan
CEO en oprichtster van Waste2Wear

Om te bewijzen dat Waste2Wear met volledig gerecycleerd materiaal werkt, begon Maissan in China met blockchain. ‘Via wechat, smartphones en smartcontracten worden alle stappen in het proces - van visser tot eindproduct - vastgelegd. De consument kan via een QR-code achterhalen of het product wel degelijk groen is. Transparantie is essentieel in de recyclagebusiness. Anders kan je het op termijn schudden.’

Vorig jaar verzeilde Waste2Wear in een kleine storm toen uit onderzoek bleek dat bij het dragen en machinaal wassen van synthetisch textiel miljoenen microvezels vrijkomen. Die belanden in het water, de lucht en huisstof en dringen door tot de voedselketen. Een immens milieuprobleem, zeiden wetenschappers.

De Plastic Soup Foundation vroeg zich zelfs af of Waste2Wear niet juist bijdroeg tot die plasticsoep, eerder dan ze op te lossen. Maissan reageert geïrriteerd. ‘Het klopt dat een deel van wat in zee drijft, afkomstig is van het wassen van vezels. Maar volgens het jongste rapport van Ospar, een internationale samenwerking om het maritieme milieu in de noordoostelijke Atlantische Oceaan te beschermen, is textiel maar verantwoordelijk voor 1 procent. Nog 1 procent te veel, dat geef ik toe. Daarom proberen we met universiteiten in China die 1 procent nog terug te dringen via coatings, finishers en enzymen. De grootste hoeveelheid microplastics in de lucht en in het water komt van autobanden. De rest van de plasticsoep is afkomstig van uiteengevallen verpakkingen, plastic zakken, folies, piepschuim, shampooflessen.’

BOB-campagne

Er is nog veel werk aan de winkel, geeft Maissan toe. ‘De textielindustrie is een van de meest vervuilende industrieën van de wereld. De consument moet daar veel bewuster over worden gemaakt. Je kan geen T-shirt van 2 euro kopen en denken dat dat oké en milieuvriendelijk is. Dat kan niet. Bedrijven die zulke artikelen aanbieden, zijn vreselijk. Daar ligt een taak voor overheden. Creëer bewustwording. Zoals met de BOB-campagnes. Maar dan voor textiel. Bovendien, waarom heb je tien T-shirts nodig als het met drie kan? Vroeger kreeg ik één jas. Nu kopen mensen er vijf. Die zijn bovendien goedkoper dan die ene van vroeger. Koop enkele artikelen waarvan je weet dat ze goed geproduceerd zijn.’

‘Over de bouw van een recyclagefabriek in Antwerpen kan ik nog niet veel zeggen. Alles hangt af van wat we vinden in het hier bijeengesprokkelde afval. Een auto bevat almaar meer plastic. Daar moeten we iets mee doen. Maar we zijn natuurlijk geen creatieve instelling. We blijven ondernemers. Er is mij al een paar keer gevraagd iets te beginnen in Antwerpen. We shall see. Caroline en ik kunnen heel snel schakelen als het moet.’ (lacht)

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n