Na 28 jaar vervolgt gerecht opnieuw Beaulieu-familie

©Lieven Van Assche

Het Brusselse parket-generaal vervolgt opnieuw de Beaulieu-familie De Clerck voor recente feiten van witwassen en valsheid in geschrifte.

Een strijd die al 28 jaar aansleept

Op 28 juni 1990 deed de belastinginspectie haar eerste aangifte bij het Brusselse gerecht en op30 november volgde de eerste huiszoeking in het fraudedossier ‘Beaulieu’, dat meer dan een kwarteeuw later nog altijd niet zijn beslag heeft gekregen. 

Stichter Roger De Clerck had al in 1991 zijn imperium verdeeld onder zijn zes kinderen, maar jarenlang was het taboe om te onderhandelen met de fiscus. Toen Jan De Clerck en zijn echtgenote in 1998 toch een miljoenendeal met de fiscus sloten, waren ze lang personae non gratae in de familie.

De volgende dominosteen zou pas in 2007 vallen, nadat vier van de zes familietakken al twee jaar waren samengesmolten tot Beaulieu International Group (BIG). Carl Bouckaert en zijn ex-vrouw Mieke De Clerck sloten een deal voor de Amerikaanse tak van de textielgroep. En eind 2010 ging ook Dominiek De Clerck overstag.

Pater familias Roger De Clerck overleefde de zaak niet. Hij stierf eind 2015 op 91-jarige leeftijd.

Pas eind 2016, meer dan een kwarteeuw na de eerste huiszoeking, bereikte ook Beaulieu International Group een akkoord met de fiscus. Maar de daaropvolgende gesprekken met het gerecht om ook de strafprocedure af te kopen, lukten (nog) niet. 

Dat gebeurt bijna 28 jaar nadat de belastinginspectie haar eerste aangifte deed bij het Brusselse gerecht in de iconische fraudezaak rond de West-Vlaamse textielgroep. Deze keer gaat het om een constructie van bijna 200 miljoen euro. Die zou recentelijk zijn opgezet via Luxemburg om de opbrengsten uit de oude fraudezaak wit te wassen. Het gerechtelijk onderzoek is klaar en de vordering van het openbaar ministerie is meegedeeld.

In de nieuwe zaak vervolgt het Brusselse parket-generaal zeven verdachten. Het gaat vooreerst om Francis De Clerck, de nummer een van Beaulieu International Group (BIG). Ook zijn broer Luc De Clerck en zus Ann worden vervolgd, net als Anns echtgenoot Stefaan Colle, die ook in het bestuur van de textielgroep zit.

Andere verdachten zijn de Libanese zakenpartners rond wie de oude fraudezaak al draaide, alsook Jean-Pierre Vande Maele, de jarenlange advocaat van de textielfamilie, die ook de titel van plaatsvervangend vrederechter kreeg.

Strafrechter

Al in september trekt het Brusselse parket-generaal met de nieuwe vervolgingen naar de kamer van inbeschuldigingstelling. Die moet oordelen wie uiteindelijk voor de strafrechter zal verschijnen.

Het zag er naar uit dat de oudste fraudezaak in de Belgische rechtsgeschiedenis zou eindigen met een minnelijke schikking en niemand nog op de beklaagdenbank zou belanden. Want eind 2016 had de textielgroep eindelijk een akkoord bereikt met de Bijzondere Belastinginspectie (BBI), nadat andere telgen van de familie De Clerck vroeger al deals hadden gesloten met de fiscus.

‘We willen de bladzijde omdraaien. We zijn het beu dat de pers altijd op ons kappe zit en altijd negatief over ons schrijft. Dat moet gedaan zijn. We verdienen dat niet’, zei Stefaan Colle over die fiscale deal in een interview met De Tijd begin vorig jaar.

Extra schikking

Het was enkel nog nodig om na met de fiscus ook met het gerecht een extra schikking te sluiten om ook de strafrechtelijke vervolgingen af te kopen. Maar dat is blijkbaar (nog) niet gelukt. Volgens verschillende bronnen heeft het Brusselse parket-generaal bij het meedelen van de vervolgingen de deur nog op een kier gelaten voor een minnelijk schikking als alle partijen meedoen.

Het parket-generaal geeft echter geen commentaar omdat het geheim van het onderzoek nog altijd geldt. Ook de advocaten van de verdachten geven geen commentaar.

Wat spookte Beaulieu-familie uit in Luxemburg?

De nieuwe vervolgingen tegen de Beaulieu-familie De Clerck draaien rond Luxemburgse postbusvennootschappen. Zijn die gebruikt om opbrengsten uit de oude fraudezaak wit te wassen?

Al meteen na het gerechtelijk verlof, op 6 september, zal de Brusselse kamer van inbeschuldigingstelling zich buigen over de nieuwe Beaulieu-zaak. Die draait rond twee Luxemburgse vennootschappen, Reinvest en Arama Holding. Die bestaan alleen op papier.

Maar de twee Luxemburgse postbusvennootschappen zijn volgens hun jongste jaarverslag wel wat waard. Bij Reinvest zit voor 117,7 miljoen euro aan aandelen in andere bedrijven en bij Aram Holding ook nog bijna 72 miljoen euro.

In 2014 raakte bekend dat het Brusselse gerecht een onderzoek had geopend naar de Luxemburgse constructie. Dat gebeurde op aangeven van twee telgen van de textiel-familie, Jan en Dominiek De Clerck, die al deals hadden gesloten met de fiscus. Zo kwam het gerecht te weten dat via de Luxemburgse constructie bijna 200 miljoen euro, opbrengsten uit de oorspronkelijke oude fraudezaak rond Beaulieu, was teruggevloeid naar Francis, Luc en Ann De Clerck.

Ook de vroegere Libanese zakenpartner van Beaulieu-stichter Roger De Clerck, Harout Katchadourian, was bij de nieuwe constructie betrokken. Hij speelde een hoofdrol in het oude zwartgeldcircuit. Hij kreeg jarenlang grote commissielonen van de West-Vlaamse textielgroep. Volgens het gerecht was hij alleen een stroman om belastbare opbrengsten uit Beaulieu te halen.

Maar na al die jaren moesten de opbrengsten die nog bij de Libanees zaten naar België worden teruggehaald. Dat zou eind 2009 zijn gebeurd via de Luxemburgse postbusvennootschappen. Die waren eigendom van de Libanees Khatchadourian en hadden nog aandelen in verschillende Beaulieu-bedrijven. De constructie zou erin hebben bestaan dat de Libanees de aandelen van de Luxemburgse postbusvennootschappen voor enkele miljoenen zou hebben verkocht aan Francis, Luc en Ann De Clerck, terwijl de Luxemburgse vennootschappen samen bijna 200 miljoen euro waard waren. Zo zouden de De Clercks hun familiaal vermogen hebben teruggekregen. 

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content