Advertentie

‘Ons verhaal is simpel: we maken een sneaker uit appelleer’

©Tim Dirven

De Belgische start-up Komrads pakte vorig jaar uit met een primeur: een ecologische, vegan sneaker van appelleer. Kapitaal werd bijgetankt en de groeiplannen liggen klaar, ondanks corona. ‘We willen niet dat mensen zeggen: tof verhaal, maar ze doen pijn aan de voeten.’

Je kent ze wel, de vintage zwart-witte basketsneakers, soms met rode zool, ook bekend als cebo’s, foempies, dakwerkerschoenen of sovjetsneakers. Ze zijn van oorsprong Tsjechisch en werden ooit ontworpen als tegenhanger van de Amerikaanse Converse All Stars. In de jaren 70 liep iedereen in de jeugdbeweging ermee rond. Daarna verdwenen ze even van het toneel. Zo’n zeven jaar geleden introduceerde Mark Vandevelde, de oud-CEO van Olivier Strelli en Rodania, ze via zijn schoenenmerk Komrads - met succes - weer op de Belgische markt.

Profiel Komrads

Producent en verkoper van sneakers.
Opgericht in 2015 door het echtpaar Mark Vandevelde (51) en Greet Goegebuer (40).
Eerste jaren winstgevend, afgelopen jaar licht verlieslatend door investering in nieuwe vegan schoen.
Vandevelde werkte voordien voor JPMorgan, MTV, zijn reclamebureau ContentCowboys, Rodania en Olivier Strelli.
Goegebuer werkte voor MTV, De Persgroep en eBay.

‘Het was eigenlijk een start-up binnen mijn reclamebureau. Maar toen ik ContentCowboys in 2015 verkocht, zag de overnemer mijn schoenenmerk Komrads niet zitten. Plots zaten mijn vrouw en ik opnieuw in de fashionindustrie. Aan onze keukentafel zijn we beginnen te brainstormen over wat we met het merk konden doen. We schrokken ontzettend van hoe de mode-industrie werkt. Het is de tweede vervuilendste industrie in de wereld, veel mensen werken er in mensonterende omstandigheden en maar 1 procent van de producten wordt gerecycleerd. We beseften dat het anders moest en besloten de duurzaamst mogelijke sneaker te maken.’

‘We waren met ons gezin al duurzamer gaan leven’, zegt Greet Goegebuer, Vandeveldes vrouw. ‘We sorteerden flink, gebruikten minder water, gingen met de trein op reis en gebruikten zo weinig mogelijk verpakking. Toen onze kinderen in Brussel gingen betogen voor ‘brossen voor de bossen’ groeide bij ons het besef dat we met ons schoenmerk ook buiten ons gezin het verschil konden maken. Dat we als klein merk een voorbeeld kunnen zijn. Dat was een wake-upcall. Maar het parcours was hobbelig.’

‘Het heeft ons veel zweet, geld en tranen gekost’, lacht Vandevelde. ‘We waren heel naïef : een duurzame schoen, hoe moeilijk kan dat zijn? Maar we hebben het onszelf heel moeilijk gemaakt. We wilden geen grondstoffen uit de grond halen, geen levende wezens doden, zo veel mogelijk van de plasticindustrie wegblijven en in Europa produceren. En de materialen moesten dicht bij de productie liggen.’

Via de Arteveldehogeschool lieten Vandevelde en Goegebuer onderzoeken of er een markt is voor ecologische schoenen. Het antwoord was ja. Vandevelde: ‘Maar er was een belangrijke voorwaarde: het design moest goed zitten. Een lelijke duurzame sneaker verkoopt niet. We gingen testen met gerecycleerd plastic en synthetisch leer, maar waren er niet echt tevreden mee. Tot we in 2017 in een tijdschift lazen dat Philippe Starck een zetel had gemaakt in appelleer. Dat sprak ons aan en we begonnen te testen op schoenen. Vorig jaar waren de eerste prototypes klaar.’

100.000
Komrads haalde via een crowdfundingcampagne in twee dagen 100.000 euro op.

Vandevelde toont enkele van zijn vegan sneakers. De zool is van gerecycleerd rubber, de binnenstof van gerecycleerd katoen, de buitenkant van appelleer. ‘Leer’ gemaakt van appelpulp van klokhuizen en schillen van Italiaanse appels waar compote van wordt gemaakt. De metalen veterringetjes van de sovjetsneaker zijn verdwenen. Wegens niet duurzaam. ‘Die aanpassing alleen al nam zes maanden in beslag.’

50 procent van de schoen bestaat uit appelresidu, de rest uit hars en componenten om de schoen stevig te maken. Het design is Belgisch. De productie gebeurt in Portugal, waar veel ecologische producten worden gemaakt. Vandevelde en Goegebuer bekijken nu met de universiteiten van Hasselt en Utrecht hoe ze het ‘appelpercentage’ kunnen verhogen zonder de kwaliteit van de schoen aan te tasten.

Voorschot

Om geld op te halen en het merk echt te lanceren organiseerden Vandevelde en Goegebuer eind vorig jaar een crowdfundingcampagne, waarbij mensen een appelschoen tegen discountprijs konden kopen. Zeg maar een voorschot op een prototypeschoen die zes maanden later zou worden geleverd.

‘De campagne was een enorm succes’, zegt Goegebuer. ‘In twee dagen verkochten we 1.000 paar en haalden we 100.000 euro op. We hebben enorm veel spijt dat we gestopt zijn toen ons doel was bereikt, want we kregen nadien nog heel veel mails. We hadden veel meer kunnen ophalen. Maar een Nederlandse agent vroeg ons te stoppen. Hij vreesde anders geen zaken meer te kunnen doen. Toen hebben we beslist er 100 procent voor te gaan en heb ik mijn job bij eBay opgezegd.’

Om voluit de markt op te gaan - op de modebeurs in Amsterdam begin dit jaar tekenden dertig winkels blind voor levering - was extra geld nodig. Bij de Vlaamse Investeringsmaatschappij PMV werd 250.000 euro opgehaald via een converteerbare obligatie. Op voorwaarde dat een privé-investeerder hetzelfde bedrag zou ophoesten.

‘Niet makkelijk om die als start-up in de mode-industrie in België - zelfs met een innovatief product - te vinden’, zegt Vandevelde. ‘Uiteindelijk kwamen we terecht bij Moonventures, een Nederlands fonds dat onder meer investeerde in de VanMoof-fietsen. Dat hapte meteen toe. ‘Een schoen van appelleer? Doen we!’, was de reactie toen we de schoen voorstelden in Amsterdam. We hadden in ons hotel minutieus een presentatie voorbereid en nog gerepeteerd in het park, maar dat bleek niet nodig. Er was een onmiddellijke klik. We hebben ons verhaal toen gewoon vanuit de buik verteld. Een grote verademing na al de pitches die we in België hadden gedaan.’

Corona

‘Maar toen kwam onze vriend covid’, grijnst Goegebuer. ‘Veel winkeliers - we zijn met onze schoenen aanwezig in een twintigtal gespecialiseerde schoenwinkels in Belgie, in Duitsland, Frankrijk en Scandinavië - begonnen hun bestellingen uit te stellen. De vraag is er, maar de meeste winkels zeggen nu even stop. Ze willen geen risico nemen en eerst hun voorraden verkopen. Vanuit de Faeröer hadden we voordien zelfs een bestelling van 100 paar gekregen. Waarschijnlijk loopt iedereen daar ermee rond.’ (lacht)

De omzet uit de retail ligt momenteel veel lager dan gehoopt. Goegebuer: ‘Gelukkig loopt de verkoop uit e-commerce - via onze website en verschillende andere duurzame e-platformen - goed.’ Vandevelde: ‘We zijn niet bij de pakken blijven zitten. Onder het motto ‘never waste a good crisis’ hebben we onze logistiek uitbesteed, agenten aangesteld en ons verkoopproces geautomatiseerd. We testen nu een displaymodel, waarbij de winkelier één model showt waarvan hij alle maten heeft, en wij de schoen na aankoop naar de klant sturen. Dat vermindert de druk op de winkelier, die minder stock moet opnemen. Voor ons zijn het wel extra kosten.’

Vandevelde en Goegebuer zijn ook van plan om de oude Komrads-modellen ecologischer te maken: met gerecycleerd katoen en afvalrubber en ook zonder ijzeren veterringetjes. In januari volgen testen met een nieuwe lijn uit gerecycleerd plasticafval uit de zee.

‘We willen ook een 100 procent circulaire schoen’, zegt Vandevelde. ‘We testen een systeem waarbij je onze sneaker via een maandelijkse storting least en hem na gebruik weer inlevert. In Portugal hebben we een fabriek gevonden om de ingezamelde schoenen te vershredderen. Dat afval gebruiken we opnieuw in onze nieuwe schoenen. PMV en Moonventures staan achter onze groeiplannen.’

Greenwashing

Het echtpaar bekijkt ondertussen of het mogelijk is nieuw kapitaal op te halen. Vandevelde: ‘We kunnen het nog een jaar volhouden, maar we willen groeien.’ Komrads spiegelt zich aan het Franse merk Veja, dat met zijn vegansneakers op basis van textielresten en gerecycleerd plastic internationaal hoge ogen gooit. ‘Ze hebben die ecologische schoenenmarkt echt opengebroken’, zegt Goegebuer. ‘Chapeau.’

Makkelijk is dat niet, want in de textielsector wordt veel aan greenwashing gedaan, vooral door multinationals. Goegebuer: ‘Bij veel merken die zichzelf duurzaam noemen, blijven we met een wrang gevoel zitten. Vaak is Europees produceren voldoende om zich duurzaam te noemen. Enkele halen hun rubber bij Braziliaanse boeren, alles gecertificeerd, maar sommige boeren gaan nu bossen afbranden om rubberplantages aan te leggen. Dat is niet echt waar wij voor staan.’

We willen ook een 100 procent circulaire schoen. In Portugal vonden we een fabriek om de ingezamelde schoenen te vershredderen. Dat afval gaan we gebruiken in onze nieuwe schoenen.
Mark Vandevelde
Medeoprichter Komrads

Veja is niet het enige duurzame schoenenmerk. Het Italiaanse Yatay maakt sneakers uit onder meer graan, gewonnen polymeren en hergebruikte plastic flesjes. Het Spaanse Flamingos’ Life gebruikt uit zee opgevist plastic, maisafval en bamboe. Het Braziliaanse Cariuma doet het met suikerriet, kurk, gerecycleerde petflessen en bamboe, het Nieuw-Zeelandse Allbirds met merinowol en castorbonenolie. Saye (ex-Wado) gebruikt houtsnippers, organisch katoen en natuurlijk rubber. ‘Met de meeste van die bedrijven hebben we contact. Sommige produceren zelfs in dezelfde Portugese fabrieken als wij. Ons grote voorbeeld inzake duurzaamheid is het kledingmerk Patagonia.’

Bierkaartje

‘Wie de kopers van onze vegan schoen zijn?’ Vandevelde: ‘Onze sneaker kost 154 euro voor de hoge, 139 euro voor de lage. De kopers zijn vooral millennials die iets meer geld willen geven aan een product dat een deel van de ecologische oplossing is, maar niet aan kwaliteit inboet.’ ‘Onze schoen heeft een soort statussymbool, een Tesla-effect’, vult Goegebuer aan.

‘Ook onze ecologische boodschap krijgen we goed verkocht. Ons verhaal is simpel en kan op een bierkaartje: we maken een duurzame sneaker van appelleer. Soms vragen mensen of er een boom uitkomt als je hem in de grond steekt en of hij composteert in de grond.’ (lacht) ‘Voor alle duidelijkheid, in de appelschoen zit ook wat gerecupereerd polyurethaan, anders is hij niet sterk genoeg.’ Vandevelde: ‘Kwaliteit blijft belangrijk. Onze binnenzool is gemaakt van gerecycleerde koolstof. Duur. Die kopen we in. Maar daardoor zit de schoen wel goed. We willen niet dat mensen zeggen: tof verhaal, maar ze doen pijn aan je voeten.’

‘Onze streefdatum om break-even te draaien is door covid verschoven naar 2022’, zegt Vandevelde. ‘We mikken dit jaar op een verkoop van 4.000 paar schoenen, waarvan de helft appelschoenen. 2021 wordt niet makkelijk. Er is te veel onzekerheid. Niemand denkt nog op lange termijn.’ Goegebuer: ‘Mensen zitten veel thuis, gaan niet meer weg, shoppen minder en verslijten minder schoenen. Vandevelde: ‘We hopen dat de vaccins er snel komen. Het is even volhouden. Een van onze uitdagingen is de productieprijs omlaag krijgen. Niet makkelijk, want onze basisgrondstoffen zijn duur. Hoe groot de markt is, is onmogelijk te zeggen. Maar op een bepaald moment zal er druk komen om ecologisch te produceren. Kijk hoe het de tabaksmarkt vergaan is. Het zal sowieso gebeuren’.

Komrads profileert zich bewust als een Belgisch merk, zegt Vandevelde. ‘In de mode is dat een kwaliteitslabel. Buitenlanders vinden ons een beetje curieus, ze snappen ons land vaak niet, dat maakt ons interessant.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud