reportage

Ligt het nieuwe Knokke in de Ardennen?

©Kristof Vadino

Een luxehotel met kamers tot 800 euro per nacht, gasten die per helikopter komen tafelen, vastgoedprijzen die verdrievoudigen. Onder impuls van de investeringen van Marc Coucke ontpopt Durbuy zich tot het Knokke van de Ardennen. Al doen dronken Nederlanders en een overvolle kerstmarkt soms het tegendeel vermoeden.

‘Ik wil me excuseren in zijn plaats. Maar ik heb hem zelf niet als vriend gekozen. Hij is met mijn zus getrouwd, en nu zit ik ermee.’ Een Nederlandse caféganger lacht vergoelijkend, terwijl zijn schoonbroer tegen de gevel van een pittoresk huisje staat te plassen. Het is vrijdagavond in het centrum van Durbuy. De twee zijn net uit Les Racines komen waggelen, waar ze hun weekendje Ardennen hebben ingezet.

In de cocktailbar zingen de gasten luid mee met ‘Comme d’habitude’ van Claude François. Drie collega’s van een havenbedrijf in Antwerpen drinken een Elixir d’amour - vodka, tequila en blue curaçao - en proberen aan te pappen met een vrouw uit de streek die al drie keer heeft verkondigd dat ze vandaag haar koksdiploma heeft behaald en dat zoiets uitbundig moet worden gevierd.

Het zijn scènes die zich op vrijdagavond in wel meer Belgische dorpen afspelen. Maar het is niet het Durbuy dat burgemeester Philippe Bontemps (cdH) voor ogen heeft. Als we hem de dag erna over de plassende Nederlander vertellen, is hij streng. ‘Dit is geen stad voor nachtbrakers. Zo’n gedrag tolereren we niet.’

We zitten in Le Sanglier des Ardennes, het hotel-restaurant van Marc Coucke aan het centrale plein van Durbuy. Buiten timmeren vaklui aan de stalletjes van de kerstmarkt, die nu zaterdag opent. Het is het begin van het toeristisch hoogseizoen voor Durbuy. Het stadje van 11.500 inwoners zal de volgende weken tot 15.000 toeristen per dag op bezoek krijgen. Trots legt Bontemps uit dat Durbuy de grootste toeristische bestemming van Wallonië is, samen met Luik en Vielsalm, waar een groot vakantiepark gevestigd is. ‘We tellen 1.850 tweede verblijven, 50 hotel-restaurants en 200 gîtes. In de zomer verdrievoudigt ons inwonersaantal tot 30.000.’

We krijgen steeds meer gasten die met de helikopter komen eten.
Wout Bru, chef van Le Sanglier des Ardennes

Sinds Coucke drie jaar geleden aankondigde dat hij 100 miljoen euro investeerde in het lokale avonturenbedrijf La Petite Merveille (LPM) gaat het hard voor het zelfverklaarde kleinste stadje van de wereld. De Vlaamse ondernemer strikte ex-sterrenchef Wout Bru om Durbuy weer gastronomisch op de kaart te zetten, kocht verschillende panden in de stad, nam samen met LPM twee golfterreinen in de buurt over, opende een luxueuze camping en kondigde aan een museum van hedendaagse kunst en een state-of-the-artvoetbaltrainingscentrum met een stadion van 1.500 plaatsen te bouwen.

We kopen een ticket voor het toeristisch treintje dat ons een rondleiding door de stad en de omgeving belooft. Terwijl we in drie talen vooral lovende uitleg krijgen over alle projecten en hotels die Coucke samen met LPM in handen heeft, maken we een rondje langs het pittoreske binnenstadje en voorbij het spectaculaire rotsmassief aan de oude arm van de Ourthe. De trein tuft de heuvel op - van het elektrische exemplaar dat Coucke beloofde toen hij zijn plannen voorstelde, is nog niets te merken - waar we vanuit een wat ouderwets aandoende observatietoren - ook in handen van LPM - een uitzicht hebben over het dorp.

Het uitzicht op deze zonnige herfstdag wordt wat verstoord door twee gigantische kranen boven een bouwwerf aan de rand van het plein. Op die plek verrijst een nieuw luxehotel, dat in april moet opengaan. De timing is even ambitieus als de rest van Couckes plannen. Het oude hotel Jean De Bohème werd pas in februari volledig afgebroken en steen voor steen heropgebouwd, legt Bart Maerten, mede-eigenaar van LPM en lokale partner van Coucke, uit terwijl hij het hek rond de werf openschuift. Ook op zaterdag zijn arbeiders druk in de weer. Het grillrestaurant, goed voor 150 couverts, moet al over drie weken openen.

Maerten toont de tunnel die het nieuwe hotel onder de weg verbindt met het roemruchte Le Sanglier des Ardennes, waarin de toprestaurants van Wout Bru gevestigd zijn. De wanden van de tunnel worden gedecoreerd met de flessen uit de rijkelijke wijnkelder van Le Sanglier. In de ruwbouw van wat de grootste hotelkamer moet worden, toont Maerten op zijn telefoon een simulatie van de jacuzzi, de sauna en het bubbelbad die in deze suite zullen komen. Verwachte prijs per overnachting: 800 euro. ‘Met deze 95 kamers erbij komt onze capaciteit van hotelovernachtingen in Durbuy op 300 bedden.’

Moet een tophotel als dit van Durbuy het nieuwe Knokke maken? Maerten: ‘We zijn veel kleiner - én mooier - dan Knokke. Maar we mikken op hetzelfde cliënteel, ja. Een paar jaar geleden zag je hier plots shoarmazaken en nachtwinkels opduiken. Dat is meestal geen goed teken voor een toeristische bestemming. Nu willen mooie winkels zich hier vestigen, staan samenwerkingen met Britse golfclubs in de steigers en halen we de prestigieuze autorally Zoute Grand Prix naar hier. Wat niet betekent dat we in Durbuy betaalbare vakanties en ontspanning laten vallen.’

Ook de burgemeester ziet het toerisme gunstig evolueren. ‘Handelaars vertellen me dat hun klanten zijn veranderd. Ze drinken meer champagne en kopen meer luxeproducten. Dat zie je ook als je rondkijkt: de toeristen zijn beter gekleed en komen met mooiere auto’s. Door de komst van Coucke zijn er steeds meer mensen die horen dat hier van alles gebeurt en eens willen komen kijken.’

©Kristof Vadino

C’est magique!

Dat is te merken als we zaterdagmiddag een wandeling door het centrum maken. Onder de terrasverwarmers troepen gezinnen en vrienden samen rond een chocomelk of een trappist. Op straat mengen wandelaars met stapschoenen en vilten hoeden zich tussen mountainbikers met knalgele helmen.

We ontmoeten Henry Haas, een priester uit Luik die heeft afgesproken met een bevriend koppel uit Versailles. En Eva uit Overijse, die met drie vriendinnen een huisje heeft gehuurd om te wandelen, maar uiteindelijk de hele dag in het centrum blijft rondhangen. Een van hen toont ons de handtas en de broek die ze heeft gekocht. ‘Elke winkel heeft hier zijn eigen concept, wat veel charmanter is dan de ketens in de grote steden. Die zouden de sfeer alleen maar verpesten.’ Ze geeft nog een tip mee: ‘Als je cash betaalt, krijg je overal 10 procent korting.’

Opvallend ook: veel dames met kleine hondjes. Dat is een goede zaak voor Gaston Sonck, die in een hoek van het centrale plein een kraampje heeft met lederwaren, vooral halsbanden, waarop hij ter plekke de naam van het dier en het telefoonnummer van het baasje inkerft.

30.000
Inwonersaantal
‘We tellen 1.850 tweede verblijven, 50 hotelrestaurants en 200 gîtes. In de zomer verdrievoudigt ons inwonersaantal tot 30.000’, zegt Philippe Bontemps, de burgemeester van Durbuy.

Sonck werkt hier al dertig jaar en is enthousiast over de veranderingen. ‘C’est magique. J’adore! Er komen nu Porsches en Ferrari’s, en dat is goed voor iedereen. De eigenaars font du dikkenek op het terras, terwijl de andere gasten foto’s van hun auto’s maken. Veel Walen uit de streek klagen over de vele Vlamingen die hier komen. Maar zelf kopen ze niets. Dan heb ik toch liever die rijke Vlamingen die wel hun portemonnee bovenhalen.’

In een van de kleine straatjes in het centrum trekt een reclamebord de aandacht. Het toont een modern appartementencomplex dat boven het dorp wordt gebouwd. 17 luxueuze eenheden, te koop vanaf 269.000 euro, exclusief btw. ‘Dat project is geen toeval. Het bewijst dat de drang om hier te investeren toeneemt. Ik ben ervan overtuigd dat alles verkocht zal zijn voor het is afgewerkt. Een soortgelijk project met tachtig appartementen in het naburige Barvaux was in geen tijd uitverkocht’, zegt Bontemps.

‘Er komen steeds meer investeerders van buitenaf die willen meesurfen op de golf van het toerisme. De prijzen zitten al dertig jaar in de lift. Terwijl je vroeger 15 euro per vierkante meter betaalde, is dat nu 50 tot 80 euro.’ Voor de meeste Vlamingen en Nederlanders is dat nog altijd spotgoedkoop. In het echte Knokke gaat de prijs per vierkante meter van 5.000 tot 30.000 euro. ‘Ik zeg niet dat we alles moeten volbouwen, maar we hebben oppervlakte genoeg om nieuwe projecten toe te laten. Dat zal nog meer mensen aantrekken die investeren in onze gemeente.’

Een uitdaging blijft het toerisme tijdens de week, zeker in de kalme periodes vanaf januari. Bontemps: ‘Buiten het seizoen is hier soms weinig te beleven. Er zijn te veel handelaars van buiten Durbuy die hier alleen in het weekend komen om hun winkel open te doen. Soms lijkt het hier dood. Dat is slecht voor ons imago.’

Coucke en Maerten hopen daar iets aan te veranderen door verder in te zetten op bedrijfstoerisme. ‘Durbuy moet de plek worden waar alle bedrijven uit België en West-Europa naartoe komen om brainstormsessies en teambuildings te houden’, zegt Maerten. ‘We hebben alles in huis: kamers, gastronomische restaurants, golfterreinen en kajaks. Eind april komt daar een indoor avonturenpark bij, met lasergames, een bowling, virtuele spelruimtes en een evenementenzaal voor 600 man.’

YMCA

De avond is gevallen. In de keuken van Le Sanglier des Ardennes bereidt Wout Bru de avondshift voor: 140 couverts voor de tapasformule van zijn Bru’sserie en 30 voor het gastronomische restaurant van Le Sanglier zelf. ‘De mayonaise pakt’, zegt de chef. ‘De mensen zeuren niet over de prijzen. Je merkt aan alles dat dit het Knokke van de Ardennen wordt. We krijgen steeds meer gasten die met de helikopter komen eten.’

Het enige wat volgens Bru nog ontbreekt, zijn enkele luxewinkels. ‘Ons nieuwe publiek vraagt daarnaar. Ik heb dat geleerd toen ik voor de Franse luxeondernemer Bernard Arnault in Courchevel werkte. Daar waren ook enkele boetieks van Louis Vuitton en Dior. Ze waren niet de best draaiende winkels van de groep, maar het cliënteel apprecieert dat enorm.’

Al wil de chef, samen met Maerten minderheidsaandeelhouder in het restaurant- en hotelproject van Coucke, ook niet al te elitair worden. ‘Onze ambitieuze plannen betekenen niet dat we alleen gefortuneerden in Durbuy willen. Dat zou ook tegen onze winkel zijn: in het avonturenpark kan iedereen binnen vanaf 25 euro.’

De gasten van Le Sanglier en La Brusserie krijgen ’s avonds een bandje om de pols waarmee ze kunnen gaan uitzakken in La Cave, een discotheek onder een van de tientallen panden die intussen in het bezit van Coucke zijn. Rond de bar zie je de vertrouwde gezichten van mensen die deftig naast je in het restaurant zaten en nu uit de bol gaan op de dansvloer.

©Kristof Vadino

Zoals Sophie, die hier al sinds haar kindertijd komt, in het vakantiehuis dat haar ouders aan het lokale golfterrein kochten. Terwijl de vriendinnen die ze dit weekend heeft uitgenodigd de dansvloer bestormen als de dj ‘YMCA’ van the Village People draait, vertelt ze hoe zij de toekomst van Durbuy ziet. ‘Natuurlijk is het positief dat Coucke en co. hier het Knokke van de Ardennen willen maken. Maar ik denk dat hij wel nog werk voor de boeg heeft. Kom volgende week eens terug als de kerstmarkt is begonnen. Elke avond is er overlast door dronken bezoekers en breken vechtpartijen los. Sinds Coucke Durbuy weer op de kaart gezet heeft, komt er steeds meer volk op de kerstmarkt af. De politie heeft de handen vol. ’

Dat vindt ook Frank Descamps van Wildtrails, een teambuildingbedrijf in het verderop gelegen Jupille. ‘Ik geloof niet dat Durbuy snel van zijn goedkope imago af geraakt.’ Ook niet door een evenement als de Zoute Grand Prix naar hier te halen? ‘Dat heeft hij gewoon nodig om zijn hotelkamers te kunnen vullen. Honderd kamers voor highendbezoekers, dat is niet niets, hoor.’

Focussen op bedrijfstoerisme in de week volstaat volgens Descamps niet. ‘Vroeger had je seminariecentra in enkele steden, zoals Oostende en Durbuy. Vandaag heeft elke grote stad er één. Omdat het met seminaries alleen dus niet lukt, moet Coucke blijven inzetten op het massatoerisme. Wees maar zeker dat hij de toegevoegde waarde van elke bezoeker kent. Dat heeft hij geleerd van zijn investering in Pairi Daiza. Kajaks verhuren aan het grote publiek zal altijd een deel van de mix blijven.’

Verstikkend

Dreigen de overvolle kerstmarkt en andere grote evenementen de eigenheid van het stadje niet aan te tasten? In het historische centrum hebben de bewoners bijna allemaal plaatsgemaakt voor horeca en winkels. Er wonen nog maar enkele gezinnen.

‘Voor de oude stad kan een teveel aan toeristen verstikkend werken’, geeft burgemeester Bontemps toe. ‘Daarom zullen we de bezoekers omleiden naar parkings aan de rand van de stad als het verkeer te druk wordt. Maar de overlast beperkt zich niet tot het centrum. In sommige omliggende dorpen is 60 tot 70 procent van de bewoners een inwijkeling. De vakantieverblijven rukken overal op. Maatregelen dringen zich op om het evenwicht te bewaren, zonder de tak af te zagen waar we op zitten.’

De stad is zich bewust van de limieten. Toen de West-Vlaamse vastgoedondernemer Bart Versluys, een goede vriend van Coucke, het plan opvatte appartementen te bouwen aan de overkant van de Ourthe, zag de stedenbouwkundige dienst dat niet zitten. Ze zouden het zicht op de rotswand vanuit de stad wegnemen. Daarom werd het project begraven.

Kajaks verhuren aan het grote publiek zal altijd een deel van de mix blijven.
Frank Descamps, bedrijfsleider van Wildtrails

Van de aanvankelijke scepsis die hier en daar over Couckes plannen heerste, is niet veel meer te merken. De handelaars die we spreken, zijn enthousiast of houden zich op zijn minst op de vlakte. Velen hopen zelfs nog hun zaak te kunnen verkopen aan de Vlaamse investeerder.

‘Met de hand op het hart kan ik zeggen dat ik geen negatieve reacties meer hoor. De werkloosheidsgraad in de regio bedroeg vijf jaar geleden 14 tot 15 procent, en is intussen gedaald tot 11 procent. Dat komt niet alleen door de rechtstreekse investeringen van Coucke, maar hij heeft wel veel in gang gezet’, zegt Bontemps.

In de media werden bij de komst van Coucke voortdurend tegenstanders van het project opgevoerd. Die herenigden zich op een lijst voor de gemeenteraadsverkiezingen. Bontemps: ‘Marc volgde die verkiezingen van dichtbij. Hij wilde weten hoeveel steun zijn project bij de kiezers had. De protestlijst haalde 150 stemmen op bijna 9.000 kiezers. Wij als bestuur versterkten zelfs onze meerderheid. En ook Marc kon opgelucht ademhalen.’

Patatje met kaviaar

De professionalisering van het toerisme in Durbuy kan een voorloper worden in de relance van de Ardennen, gelooft Descamps. ‘De klassieke Ardense toerist, die een gastronomisch weekend boekt en bijna het hele weekend aan tafel zit, sterft uit. Nu willen bezoekers een lichte lunch, en gaan ze daarna mountainbiken of wandelen. Daarop hebben Marc Coucke en Bart Maerten goed ingespeeld.’

Bontemps deelt die mening. ‘In de toeristische sector moet je constant vernieuwen, wil je je klanten zien terugkomen. De provincie Luxemburg is wat achteropgeraakt. Gemeenten als Durbuy hebben te lang op hun lauweren gerust en niet geïnvesteerd in hun infrastructuur. Provincies als Luik en Henegouwen hebben ons ingehaald. Als we in Durbuy succes boeken met onze vernieuwing, zijn we een model voor de rest van de regio.’

©Kristof Vadino

Heel wat oude familiehotels in de Ardennen zitten in slechte papieren of sluiten de deuren. Met twintig tot veertig kamers zijn ze vaak te klein om te overleven. Grotere hotelgroepen zien hun kans. Het Nederlandse Van der Valk heeft al hotels in Aarlen en Verviers en kocht onlangs het kasteel van Jemeppe in Marche-en-Famenne. Ook de gastronomie professionaliseert. Het aantal sterrenrestaurants - La Table de Maxime in Paliseul, Le Coq au Champs in Tinlot, Le Cor de Chasse in Wéris - is de jongste jaren sterk toegenomen.

Hoewel het Couckes plan was, heeft Bru zo’n ster met Le Sanglier nog niet op zak. ‘Ik steek niet onder stoelen of banken dat ik ontgoocheld ben’, zegt de chef ’s avonds aan de bar van La Cave. ‘Met mijn twee sterren in Frankrijk, in Eygalières, heb ik bewezen dat ik kan koken. Ik ben geen Pol of Piet die de eerste keer een casserole aanraakt. Dat Marc en ik bekende namen zijn, is misschien een nadeel. Ze zullen ons niets cadeau doen. Het terugkomen is moeilijker dan het komen, daarvan moet ik me bewust zijn.’

Maar hij wil het fairplay spelen, benadrukt hij. ‘We zitten nog altijd in een overgangsfase. Met alle investeringen en vernieuwingen is dit een grote boot die we moeten besturen. Volgend jaar hebben we wat stabiliteit nodig, en dan komt het wel. Iedereen weet dat ik mijn pluimen heb verdiend.’ In afwachting steunt hij de ambitie om van Durbuy het nieuwe Knokke te maken. Op de kerstmarkt komt een vipcorner waar hij onder het label ‘Sanglier by Bru’ kaviaar met champagne verkoopt. ‘Een patatje met kaviaar: dat is toch altijd welkom op zo’n markt?’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n