reportage

‘Alle wegen leiden naar Antwerpen. En in Antwerpen staat het stil'

Marc Geerts van het familiebedrijf Corneel Geerts ©Kristof Vadino

Met het filerecord van het jaar en een hopeloos versperde Antwerpse ring stond het land deze week nog een beetje meer stil dan gewoonlijk. ‘Als ik ga berekenen wat dit mij kost, word ik depressief’, zegt Marc Geerts van het familiebedrijf Corneel Geerts. Hoe een transporteur lijden kan.

Elke dag dwarsbomen files het leven van Marc Geerts. Ze sturen zijn vrachtwagens in de war, maar ook zijn persoonlijke bestaan, op de meest intieme momenten. Toen zijn vader Corneel Geerts, de grondlegger van het gelijknamige transportbedrijf in Wijnegem, een jaar geleden stierf, moest hij voor de crematie uitwijken naar Turnhout, 40 kilometer verderop. De reden? Verkeersellende. ‘De begrafenisondernemer kon niet garanderen dat alles op tijd zou gebeuren als we het zouden doen in Wilrijk, hier tien kilometer vandaan. Je kan het niet maken om gasten te laten wachten. Dus is mijn vader maar in Turnhout gecremeerd. Kun je dat geloven? Hoe diep is het probleem dan in onze maatschappij doorgedrongen?’

Geerts vertelt de anekdote tijdens een gesprek in zijn bureau, dat familiegeschiedenis ademt. Op een bijna volledig vergeelde foto staat hij, een tiener nog, naast zijn ouders op de parking van de Sarma, waar nu Wijnegem Shopping Center is. Ze poseren voor de toenmalige vloot, negen vrachtwagens groot. ‘Toen kon je je kost nog verdienen met negen camions. Nu hebben we er 120 en verdienen we volgens mij minder.’

Corneel Geerts is met 120 vrachtwagens en 200 opleggers een van de grootste transporteurs in de regio van Antwerpen. Het familiebedrijf heeft 200 mensen in dienst en draait zo’n 20 miljoen euro omzet. Door de filemiserie heeft CEO Marc Geerts, zoon van oprichter Corneel, steeds meer activiteiten verhuisd van de thuisbasis Wijnegem, ten oosten van Antwerpen, naar Limburg en West-Vlaanderen om de Antwerpse ring te omzeilen. Het verkeersinfarct kostte hem vorig jaar 450.000euro. Geerts vreest dat die kosten jaarlijks met zo’n 15procent zullen stijgen.

Beneden, de stalen trap af, ligt de inkomhal waar de chauffeurs die van over heel Europa komen aanrijden zich melden. Het is er nog steeds een beetje jaren 80. Aan de muur hangen enkele lijfspreuken van Geerts ingekaderd, genre: ‘De enige plaats waar succes voor werk komt... is in het woordenboek!’ Er staat ook een witte kaars, ter nagedachtenis van een onlangs overleden chauffeur. ‘Het is hier een beetje een bedrijfsmuseum.’

Buiten op de parking, waar de plassen in het beton staan, is het rustig. Op vrijdagmiddag zijn de meeste vrachtwagens de baan op. Met 120 trucks en 200 opleggers is Corneel Geerts een van de grootste transporteurs uit de regio Antwerpen. Als geen ander ervaart de zaakvoerder het verkeersinfarct in zijn achtertuin, een dagelijkse realiteit die alleen maar erger wordt en waarvoor zijn oplossingen bijna op zijn. Deze week was de stilstand extreem. Na de monsterfiles wegens motregen op dinsdag volgde de beruchte siliconenfile op de Antwerpse ring. Pas na 36 uur schuiven was het uit een vrachtwagen gelekte goedje, een kilometer lang verspreid over twee rijstroken, helemaal opgeruimd.

Nachtmerrie

De 55-jarige Geerts grijpt zich naar de achterovergekamde haren als wij hem vragen hoe de afgelopen dagen waren. ‘Een nachtmerrie.’ Vorig jaar kostten de files zijn bedrijf 450.000 euro, telde hij uit. Dat bedrag ligt dit jaar ongetwijfeld een pak hoger, minstens 15 procent, vreest hij. Maar hij wil de rekening nog niet maken. ‘Het is bijna weekend, ik wil er even niet aan denken. Straks ga ik rustig Chinees eten met mijn vrouw. Ik wil deze week zo rap mogelijk vergeten, anders word ik depressief. Zulke verliezen kan ik nooit terugverdienen.’

‘Ik kan dat ook niet doorrekenen aan klanten. Maar misschien wordt filetoeslag op den duur onvermijdelijk. U wilt uw goederen overdag geleverd krijgen? Dan moeten wij de files erbij tellen. ’s Nachts zouden we dan tegen gewone tarieven kunnen blijven werken. Op zich is dat een eenvoudige rekensom. Sinds de invoering van het rekeningrijden vorig jaar is er één groot verschil voor mij. Vroeger kon ik nog gratis parkeren op de ring, nu moet ik ervoor betalen.’

De E313, de slagader van onze Belgische economie, tussen het Ruhrgebied en de Antwerpse haven. Dat zijn ocharme twee baanvakken!

Er klopt iets niet, vindt Geerts. De trafiek van de Antwerpse haven moet elk jaar groeien, liefst met dubbele cijfers, maar de infrastructuur groeit niet mee. ‘Dat is niet consequent. Als je vanuit heel de wereld goederen laat arriveren in Antwerpen, dan weet je dat die ook verder vervoerd moeten worden naar de eindklant. Maar dat verkeer moet dan over een ring die is aangelegd in 1968. Toen waren de ring en de Kennedytunnel ingenieuze wonderen. Zoveel baanvakken! We waren voorlopers. Nu zijn we vijftig jaar later en lopen we hopeloos achter. Je kan er ook niet omheen als je door België wil. Antwerpen is als Rome. Alle wegen leiden naar de ring van Antwerpen, en daar sta je stil. Op een ring die dwars door de stad loopt in plaats van ruim errond.’

©Kristof Vadino

‘Neem de E313, de Boudewijnsnelweg zoals we vroeger zeiden. Dat is de slagader van de Belgische economie, vind ik. De connectie tussen het Ruhrgebied en de haven, via de Kempen. De verbinding met onze belangrijkste handelspartner. Maar die snelweg heeft ocharme twee baanvakken! Waar is dan de visie? Er zit geen lijn in, zeker niet met alle verschillende bestuursniveaus in dit land.’

Geerts foetert. Jaloers kijkt hij naar Nederland, naar de haven van Rotterdam. En naar Venlo, ‘dé logistieke hotspot van Europa’, klinkt het bewonderend. ‘Uiteraard hebben zij ook files, maar zij hebben de verkeerssituatie aangepast aan het belang van de haven. Er is uitgebreide elektronische wegsignalering en er zijn rijstroken specifiek voor vrachtwagens. Wij hebben de pechstrook gereserveerd voor bussen en taxi’s. Intussen staan vrachtwagens in de file van het Sportpaleis tot Grobbendonk. Gemakkelijk drie uur. Je bent sneller met de fiets. Dat is toch waanzin. In België regeert de chaos, terwijl we ons blijven profileren als het land van de logistiek.’

Drastische aanpassingen

Vier jaar geleden begon Geerts met drastische aanpassingen in een poging rond de verkeersknoop heen te werken. Hij opende hubs in West-Vlaanderen, waar verkeer uit Zuid-Europa aankomt (voornamelijk met wijn, al jaren de specialiteit van het familiebedrijf), en in Limburg, voor verkeer uit Duitsland en Oost-Europa. Het laatste stuk tot in Antwerpen gebeurt zo veel mogelijk ’s nachts. Ook in Vilvoorde komt er een extra vestiging. Met acht andere familiebedrijven verspreid over de Benelux richtte hij een samenwerkingsverband op om zo veel mogelijk cargo te bundelen en ruimte in vrachtwagens zo efficiënt mogelijk te benutten. ‘Mijn vader zou zeggen: samenwerken met concurrenten? Zijde zot geworden? Maar voor ons is het een manier om die dure files te compenseren.’

En al dat extra verkeer door e-commerce dan? Die bestelwagens zijn het grootste verkeersinfarct aan het creëren.

‘En, hoe spijtig het ook is, we werken minder en minder met Belgische chauffeurs en meer met Oost-Europese. Die moeten we niet per uur, maar per rit betalen. Bij gebrek aan beleidsmatige oplossingen hebben we weinig andere keuze. We moeten wel creatief zijn.’ En volledig vertrekken in Antwerpen? ‘Nee, dat gaan we nooit doen. Daarvoor zit hier veel te veel logistieke kennis geconcentreerd.’

Geerts betreurt dat grote vrachtwagens worden gezien als de boosdoeners op de dichtgeslibde wegen, en dat het imago van de vrachtwagenchauffeurs om zeep is. Terwijl bijna alles wat mensen consumeren per vrachtwagen tot bij hen is geraakt. ‘Wij zouden zogezegd te veel plaats innemen. Maar in een camion zit misschien eten voor een heel dorp, bij wijze van spreken. Wat met al die honderden extra bestelwagens op de baan door e-commerce? Voor één pakje? Mijn zoon moest onlangs een paar voetbalsokken hebben. Direct op het internet besteld, de volgende ochtend stond een camionette voor de deur. Foute levering? Geen probleem, ze nemen het mee terug. En allemaal gratis. Zij zijn het echte verkeersinfarct aan het creëren. Zoveel nutteloos verkeer. Die bestelwagens zijn misschien veel minder zichtbaar, maar e-commerce creëert zo de grootste bedreiging voor de mobiliteit. Dat is nog maar juist begonnen. Maar daar lijkt ook geen strategisch antwoord voor klaar te liggen.’

Geerts bladert door het magazine dat hij liet maken over de historie van het familiebedrijf. In het Nederlands en het Engels vertelt het glossy boekje het verhaal van een eeuw transport. Het begint bij zijn overgrootouders, die met paard en kar groenten en fruit leverden aan de Joodse gemeenschap in Antwerpen. Karren werden vrachtwagens en stallen werden magazijnen. Begin jaren 60 maakte vader Corneel van de bezigheid een bedrijf. Een van zijn eerste opdrachten? Transport van buizen voor de aanleg van de Antwerpse ring.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud