reportage

‘Tweedeverblijvers zijn de longen van de kust. Waarom pesten we ze weg?'

Politie patrouilleert en controleert aan afritten en andere plaatsen aan de kust en stuurt mensen met tweede verblijf terug naar huis met de kans op een boete van 250€. ©Jonas Lampens ©JONAS LAMPENS

Bij de start van de paasvakantie, en met lenteweer in zicht, is het alle hens aan dek bij de Oostendse politie om tweedeverblijvers terug te sturen en te beboeten. Al is niet iedereen het eens met de heksenjacht.

Vrijdag om 10 uur belt een politiepatrouille aan bij een appartement van de Versluys Dôme aan de Northlaan in Oostende. Vanmorgen kreeg de politie een telefoontje van bewoners die vermoeden dat hun buren er illegaal zijn: tijdens de week zien ze hen normaal nooit, en nu verblijven de mensen er constant, klonk het.

De politie aan de kust treedt na de waarschuwingen in het begin van de coronamaatregelen intussen strikt op tegen tweedeverblijvers: ze krijgen een boete van minstens 250 euro en worden meteen teruggestuurd. Daarom geeft de lokale politie van Oostende gevolg aan elke oproep om ‘verdachte’ gevallen te signaleren.

Inspecteur Sven Ghyselbrecht komt dit keer van een kale reis terug. De bewoners blijken na een controle van hun identiteitskaart gedomicilieerd te zijn in het pand. ‘Of die mensen hier tijdens de week zijn of niet, als ze er hun domicilie hebben, kunnen wij daar niets op aanmerken.’

©Jonas Lampens ©JONAS LAMPENS

Het verklikken van burgers is de jongste dagen sterk toegenomen. Op het wijkkantoor van de politie in Mariakerke ziet inspecteur Jean Lagae elke dag mailtjes toekomen over verdachte gevallen. ‘We gaan telkens ter plekke kijken. Heel vaak blijkt het vals alarm. Het lijkt soms wel oorlog, toen mensen joden verklikten.’

Zijn commissaris Frank Van Reunbrouck verdedigt de strenge houding van de politie. ‘Als iedereen naar zijn tweede verblijf komt, zien de burgemeesters hun inwonersaantal plots verdubbelen. Dat betekent niet alleen een potentiële overbelasting van de ziekenhuizen bij een plotse virusuitbraak, het maakt het voor de politiediensten ook moeilijk om plannen op te stellen. Nu weet elk korps hoeveel mensen in de gemeente zijn, en hoe het daarop kan inspelen om de naleving van de coronamaatregelen te garanderen.’

Als we mee op patrouille met Lagae gaan, blijkt het met dat naleven nogal mee te vallen. Als er al volk op straat komt, gaat het nooit om meer dan twee personen samen, en de anderhalve meter afstand wordt overal gerespecteerd. Op de dijk is bijna geen kat te zien. ‘Normaal loopt het hier vol, zeker in de paasvakantie. Maar ik denk dat de tweedeverblijvers intussen onze boodschap goed begrepen hebben.’

Bij elke melding dat een tweedeverblijver aanwezig zou zijn, gaan we kijken. Heel vaak blijkt het vals alarm. Het lijkt soms wel oorlog, toen mensen joden verklikten. Jean Lagae, politie-inspecteur Mariakerke

Toch blijven mensen het proberen. Lagae: ‘Wij krijgen verzoeken om toch een uitzondering te krijgen: van mensen die zeggen dat ze hun goudvis eten moeten geven, of dat ze hun verwarming op hebben laten staan. Het antwoord is telkens nee. Tenzij ze voor hun bejaarde ouders moeten komen zorgen.’

Dramatisch

Het resultaat van de doorgedreven controles is te zien aan de visserskaai in het centrum van de stad. Waar normaal op een vrijdagmiddag honderden mensen de stad binnenstromen, is behalve een wandelaar met een hond en een man die op een bank door een boek bladert, niemand te zien.

Ook aan de vistrapjes is het stil. Verkoopster Sandra De Brinck foetert dat de politie een hek op het voetpad gezet heeft. ‘We zijn al de helft van onze klanten kwijt, en nu denken ook de anderen dat we dicht zijn. Ze pesten ons. De mensen mogen op het strand lopen, maar er niet vijf minuten gaan zitten. Dat vind ik dramatisch.’

We kopen een doosje handgepelde garnalen, maar als we op een muurtje gaan zitten om ze op te eten, worden we op de vingers getikt door een passerende politiebrigade. Ook de man op het bankje wordt aangemaand te vertrekken.

©Jonas Lampens ©JONAS LAMPENS

We stappen even verderop binnen in het enige winkeltje tussen de tientallen verlaten visrestaurants waar wel licht brandt. Pascale Isselée en haar dochter hebben er vorige week hun chocoladeboetiek Choc-O-Bloc geopend. De timing kon niet slechter. ‘Zeker omdat we op een toeristische locatie zitten. Hier passeert niemand meer. En dat terwijl de paasvakantie een voltreffer moest worden.’ Hoeveel klanten ze in de voormiddag gehad hebben, vragen we voorzichtig. ‘Twee’, luidt het ontnuchterend.

Isselée behoort als astmapatiënte zelf tot de risicogroep. ‘Ik begrijp daarom dat we maatregelen moeten nemen.’ De deur is op slot om - o ironie - te vermijden dat te veel klanten tegelijk binnen zouden komen, en ze vraagt klanten om de handen te ontsmetten bij binnenkomst. ‘Maar dat mensen nu beginnen te klikken, is er los over’, zegt ze. ‘Ook na de crisis moeten we nog samenleven. Hoe kan dat als buren elkaar overdragen?’

Die mening hoor je bij wel meer ondernemers aan de kust. Zeker nadat de politiezone van Koksijde de schijn heeft gewekt een echte kliklijn te lanceren. Nadien haastten de politie en de burgemeester zich om te benadrukken dat het om het algemene nummer van de politiezone ging.

©Jonas Lampens ©JONAS LAMPENS

‘Mensen vergeten niet’, zegt Maya Strobbe van het restaurant Tabl’O uit Nieuwpoort aan de telefoon. ‘Dit taalgebruik geeft blijk van weinig respect en zet mensen tegen elkaar op, terwijl we onze kinderen leren dat klikken niet hoort.’ Ze vreest blijvende wonden. ‘Mensen zullen elkaar wantrouwen. Tweedeverblijvers zijn nochtans de longen van de kust. Waarom pesten we hen dan weg? Ik ken die mensen bij naam, waar ze vandaan komen, waarom ze voor Nieuwpoort kozen. Tijdens de week werken ze hard en op vrijdagavond vertrekken ze naar de plaats waar ze tot rust komen. Aan de kust maken we geen onderscheid tussen tweedeverblijvers of vaste residenten: laat ons dat zo houden.’

Bij het wegrijden uit Oostende houden we nog even halt bij de politiecontrole die alle auto’s tegenhoudt die van de snelweg de stad binnenrijden. Tijdens een hele voormiddag controleren werd geen enkele boete uitgedeeld en niemand teruggestuurd, vertelt inspecteur Stijn Biets. ‘De burgerzin is echt doorgedrongen. Maar nu de paasvakantie begint, zullen sommigen wel door de mazen van het net willen glippen. Daarom drijven we de volgende dagen ook de mobiele controles op. Het mag geen heksenjacht worden, maar de regels moeten worden nageleefd.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud