Bacteriën en virussen houden groei Ter Beke tegen

Ter Beke is bekend van zijn charcuterie, maar ook van zijn maaltijden zoals de Come a Casa-lasagne.

Na vier grote overnames zit Ter Beke in het slop. De winst van de maker van Come a Casa-lasagne steeg de voorbije jaren niet, maar daalde. Vorig jaar was er zelfs een verlies. Tot overmaat van ramp moet eigenaarsfamilie Coopman op zoek naar een nieuwe CEO.

'Ter Beke vertrouwt erop, behoudens onvoorziene marktomstandigheden, in 2020 het onderliggende ebitda-resultaat van 2018 (50,2 miljoen euro) te kunnen overtreffen.' Met die prognose rechtte het Oost-Vlaamse beursgenoteerde familiebedrijf Ter Beke - bekend van zijn Come a Casa-lasagne - exact een jaar geleden de rug na een teleurstellend boekjaar. 2020 zou beter worden dan 2019 en zelfs dan 2018 - qua brutobedrijfswinst het voorlopige topjaar van het bedrijf, dat Francies Coopman in 1948 oprichtte en intussen hofleverancier is van de charcuterieafdelingen van supermarkten als Delhaize en Albert Heijn.

Uit onze jaarcijfers blijkt duidelijk dat het herstel begon in de tweede helft van 2020. Op dat elan willen we doorgaan.
Francis Kint
CEO Ter Beke

Maar de verhoopte groei kwam er niet. Het coronavirus deed het bedrijf vorig jaar integendeel voor het eerst sinds de dioxinecrisis in 1999 verlies maken. Het dook netto 2,5 miljoen euro in het rood, terwijl er in 2019 4,4 miljoen winst was. Dat cijfer lag in de twee jaren voordien nog hoger. In 2018 was er 7 miljoen euro winst en in 2017 17 miljoen euro.

Overnames

Het bedrijf had de wind in de zeilen toen het in 2017 vier overnames deed in Frankrijk, Nederland, Polen en het Verenigd Koninkrijk. Die stuwden het bedrijf in de richting van de gedroomde 1 miljard euro omzet. In 2017 boekte Ter Beke 508 miljoen euro omzet. In 2019 was dat 728 miljoen euro.

Dat de winst de verkeerde kant opgaat en de omzet in 2020 1,5 procent daalde is te verklaren door de rampspoed die het bedrijf de voorbije jaren trof. 'Sinds ik in 2018 CEO werd van Ter Beke, heeft het bedrijf drie crisissen doorgemaakt', zegt topman Francis Kint.

De recentste is de covidcrisis. 'In totaal heeft corona ons bedrijf vorig jaar 1,9 miljoen euro gekost', zegt Kint. 'We moesten meer schoonmaken en onze fabrieken anders inrichten om onze mensen te beschermen. Het was onmogelijk om al die extra kosten door te rekenen aan onze leveranciers en klanten.'

Daarbovenop verloor het bedrijf naar eigen zeggen 7,7 miljoen euro ebitda door de effecten van corona. 'Mensen kochten minder van onze maaltijden omdat ze thuiszaten en zelf meer kookten', zegt Kint. 'Dat de horeca dichtging, trof onze Britse dochter KK Fine Foods hard, want ze boekt 70 procent van haar omzet met de verkoop van maaltijden aan pubs.'

Dure varkens

Een tweede tegenslag trof het het bedrijf in 2019 en 2020, in de vorm van stijgende prijzen voor varkensvlees. 'Het is normaal dat de varkensprijzen schommelen, maar wat we de jongste jaren zagen, was ongezien', zegt Kint. 'In 2019 stegen de prijzen fors doordat in China 200 miljoen varkens werden afgemaakt na een uitbraak van de varkenspest.' De Chinezen kochten massaal Europees varkensvlees, waardoor bedrijven als Ter Beke tot de helft meer moesten betalen.

Het is normaal dat de varkensprijzen schommelen, maar wat we de jongste jaren zagen, was ongezien.
Francis Kint
CEO Ter Beke

Een derde onheil trof het bedrijf eind 2019, toen de Nederlandse overheid de link legde tussen drie doden en twintig zieken bij wie dezelfde listeriabacterie werd aangetroffen als in Ter Bekes Offerman-fabriek in Nederland. Vervolgens moest Ter Beke duizenden tonnen vleeswaren terugroepen bij supermarktketens als Jumbo. Dat kostte het bedrijf in 2019 net geen 8 miljoen euro ebitda, en ook vorig jaar leidde het voorval tot 379.000 euro minder brutobedrijfswinst.

Vorig jaar sloot Ter Beke de Offerman-fabriek. Dat kostte miljoenen. Ter Beke betaalde 6,3 miljoen euro uit aan reorganisaties in verschillende landen, maar die in Nederland was de grootste.

Schoonmaken

De familie Coopman kon corona en de varkensgriep niet tegenhouden, maar het is bediscussieerbaar of het Offerman-debacle onafwendbaar was. Offerman was een van de vier bedrijven die Ter Beke in 2017 overnam. Het bedrijf had toen al geen al te beste reputatie qua hygiëne. In de zomer van 2019 stelde de overheidsinspecteurs vast dat het personeel de machines onvoldoende reinigde.

Dat de familie Coopman het dit jaar beter wil doen, staat als een paal boven water. In zijn prognose zegt het bedrijf dat het dit jaar de ebitda van 2020 wil overtreffen. Maar dat moet het vanaf juni wel doen zonder CEO Francis Kint. Hij gaat in juni weg bij Ter Beke. Over de reden van het vertrek willen de betrokken partijen niets kwijt. Over de zoektocht naar een nieuwe CEO kwam maandag geen update.

Ondanks alles gelooft Kint dat de overnames zullen renderen, en de beurs maandag met hem. Het aandeel steeg bijna 5 procent. 'Uit onze jaarcijfers blijkt duidelijk dat het herstel begon in de tweede helft van 2020', zegt Kint. 'Op dat elan willen we doorgaan. We gaan de positieve gevolgen voelen van de herstructurering in Nederland en in de andere landen. 2,5 jaar geleden stelden we 650 bedienden tewerk. Nu zijn dat er 10 procent minder.'

Daarnaast zijn de grondstofprijzen momenteel gunstig, zegt Kint. 'Hoewel covid nog gevolgen heeft, merk ik stilaan een normalisering. Ons personeel is het intussen gewoon om te werken in covidomstandigheden. Mensen kopen weer meer maaltijden, omdat ze het beu zijn om thuis te koken. En binnenkort gaat ook de horeca hopelijk weer open.'

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud