Burger King koopt donutketen Tim Hortons

©REUTERS

De overname van de koffie- en donutketen Tim Hortons door de Amerikaanse fastfoodketen Burger King is een feit. Burger King telt 11,4 miljard dollar voor het Canadese icoon dat zo terug in Amerikaanse, of beter, Braziliaanse handen valt.

Aandeelhouders van Tim Hortons krijgen 65,50 Canadese dollar in cash en 0,8025 nieuwe aandelen van de fusiegroep voor ieder aandeel dat ze bezitten. Dat komt overeen met een bod van 94,05 Canadese dollar per aandeel of 11,4 miljard Amerikaanse dollar voor de hele groep. Het aandeel van Tim Hortons sloot gisteren al fors hoger op 82,03 dollar omdat de overname toen al in de lucht hing. Indien de deal tot een goed einde komt, zal Burger King 51 procent van het nieuwe bedrijf bezitten.

Het is al de tweede keer in zijn geschiedenis dat de Canadese koffie- en donutketen in buitenlandse handen valt. In 1995 werd Tim Hortons, in 1964 gesticht door de Canadese hockeyspeler Tim Horton, opgekocht door de Amerikaanse fastfoodgroep Wendy's. Later werd de groep terug afgesplitst en naar de beurs gebracht.

Met de overname door Burger King valt de Canadese groep terug in Amerikaanse handen. Of moeten we zeggen Braziliaanse? Burger King wordt immers voor 70 procent gecontroleerd door de Braziliaanse investeringsmaatschappij 3G Capital, gesticht door de 74-jarige Braziliaanse miljardair Jorge Paulo Lemann. Die naam doet waarschijnlijk wel een belletje rinkelen. Lemann is via 3G immers ook één van de referentieaandeelhouders van de Belgische bierreus AB InBev en kocht vorig jaar, samen met de Amerikaanse miljardair Warren Buffett, de Amerikaanse ketchupfabrikant Heinz. Ook nu zou Buffett deelnemen aan de deal.

Achterpoort

Dat valt in de VS, met name in Washington, niet in goede aarde. De deal tussen Tim Hortons en Burger King valt immers onder de noemer 'tax inversion' te categoriseren. Dankzij dat fiscale achterpoortje namen al verschillende Amerikaanse bedrijven de wijk naar het buitenland en loopt de Amerikaanse fiscus miljarden aan belastinginkomsten mis.

Een tax inversion werkt concreet als volgt. Momenteel betaalt Burger King 35 procent vennootschapsbelasting aan de Amerikaanse fiscus op zijn inkomsten in de VS. Inkomsten uit andere landen worden eerst belast aan het geldend tarief in dat land. In Canada bedraagt het tarief 15 procent. Wanneer Burger King die verdiende cash 'repatrieert' naar de VS slaat de Amerikaanse fiscus nog eens toe, voor het verschil tussen het buitenlandse en het Amerikaanse tarief, in casu 20 procent.

Maar de Amerikaanse wetgeving laat toe dat een Amerikaans bedrijf zijn belastingdomicilie naar het buitenland verplaatst, wanneer er door een buitenlandse overname meer dan 20 procent van de aandelen van het nieuwe bedrijf in buitenlandse handen komt. Die mechaniek, de zogenaamde 'tax inversion', heeft dit jaar voor een ware overnameroes gezorgd. Liefst twee op drie overzeese overnames door Amerikaanse bedrijven gebeurden om fiscale redenen.

Buffett

Geen wonder dat de 'tax inversion' zwaar onder vuur ligt. De Amerikaanse fiscus loopt zo immers miljarden aan inkomsten mis. Het is dan ook spraakmakend dat Warren Buffett, een economische patriot die al meermaals heeft verkondigd dat hij het Amerikaanse belastingssysteem onfair vindt, meestapt in een dergelijke carrousel.

Maar gebeurt de deal tussen de hamburgerkoning en de donutketen wel omwille van fiscale redenen? De effectieve belastingvoet van beide entiteiten ligt niet zover uit elkaar, 27,4 procent voor Burger King en 26,8 procent voor Tim Hortons. Naar omzet en nettowinst is Tim Hortons zelfs groter dan Burger King. Het economisch zwaartepunt van de nieuwe groep verhuist dus wel degelijk naar Canada. Logisch ook dat het fiscale zwaartepunt naar het buurland verhuist.

En hoewel donuts en hamburgers moeilijk te verzoenen lijken, is er wel degelijk een 'business'-logica achter 'Burger Tim'. Sinds de Brazilianen van 3G Capital de macht grepen bij Burger King is de eens noodlijdende hamburgerketen aan een transformatie bezig die doet terugdenken aan wat Carlos Brito, een veteraan van 3G Capital en vertrouweling van Lemann, bij AB InBev deed.

Piepjong

Het piepjonge management van Burger King, CEO Daniel Schwartz is 33, zijn CFO 28, voerden een snoeiharde besparingspolitiek en zetten het businessmodel van Burger King op zijn kop. Schwartz behield nog maar 52 vestigingen in eigen beheer, onder meer voor opleidingen, de rest van de duizenden vestigingen is in handen van franchisenemers. Die maatregelen hakte er zwaar in op omzetniveau, maar was weldadig voor de operationele marge, die vandaag meer dan 50 procent bedraagt.

Mede daardoor viel de schuldgraad van Burger King in de voorbije twee jaar terug van 4,4 keer de bedrijfskasstroom (ebitda) tot 3 keer de ebitda. Ruimte genoeg dus om een met schulden gefinancierde mega-overname te doen. (Hoeft het gezegd dat de intrest op die schulden aftrekbaar zijn van de belastingen?) Dat sjabloon werd al een paar keer met succes toegepast door... de Braziliaanse geestesgenoten van AB InBev.

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud