interview

De balans van Sven Dekleermaeker

©doc

Gisteren werd Bolleke de officiële naam van het bier van brouwerij De Koninck. Meester-brouwer Sven Dekleermaeker (44) is de drijvende kracht achter het idee. Hier maakt hij zijn persoonlijke balans op.

Wat zijn uw belangrijkste activa?
‘Meer dan materiële zaken zijn dat mensen. Ik mag nog met de beste installatie werken, zeg maar de Rolls-Royce van de brouwerij, zonder mensen rond mij ben ik niets. Dat geldt ook privé: je moet een vrouw hebben die je snapt. En iedereen zou een stamcafé moeten hebben waar hij alleen naartoe kan. Bij mij is dat de ViaVia in Heverlee.’

Wie heeft in u geïnvesteerd?
‘Mijn ouders, dat is evident. Toen ik studeerde, zorgden zij ervoor dat ik alleen aan studeren, eten en slapen moest denken. Aan mijn moeder vroeg ik vaak advies bij belangrijke beslissingen. Ze nam die niet voor mij, maar haar mening was van belang. Verder was er Freddy Delvaux, professor bierbrouwen. Samen met mij zocht hij een interessant thesisonderwerp: de link tussen de veroudering van Belgische speciaalbieren en dranken zoals porto, madeira en sherry. En bij Duvel Moortgat leerde ik veel van Hedwig Neven. Dankzij hem kon ik na 15 jaar van een technische naar een technisch-commerciële job. Dat maakt van Duvel Moortgat juist Duvel Moortgat. Hier kan wat ik elders niet zou kunnen.’

Iedereen zou een stamcafé moeten hebben waar hij alleen naartoe kan.

Gaat u soms in het rood?
‘Als student, tijdens de examens, moest dat wel. Vaak begon ik de blok met blanco cursussen. Maar nu? Hoe ouder je wordt, hoe beter je aanvoelt wat je fysiek kan. Ik fiets graag en ooit reden we van Leuven naar Praag. Nu beperken we dat tot een vijfdaagse fietstocht van brouwerij naar brouwerij. De eerste dag is dat 100 kilometer, de dagen nadien 70. Je moet in die brouwerijen immers ook wat drinken. Overigens is een Bolleke een uitstekende dorstlesser, met maar 5 procent alcohol.’

Schrijft u ooit mensen af?
‘Nee, ik denk ook niet dat ik vijanden heb. Al ben ik niet zo goed in het onderhouden van contacten. Als een collega naar Zuid-Amerika verhuist, ben ik niet de vriend die elke week mailt. Maar dat is zeker niet afschrijven. In onze sector is de collegialiteit groot. Het is een kleine wereld en vaak werken oud-studiegenoten bij die andere brouwerijen. Commercieel zijn we concurrenten, maar als we met een technisch probleem zitten, bellen we elkaar. De Belgische biercultuur staat niet toevallig aan de top van de wereld.’

Is uw balans in evenwicht?
‘Dat denk ik niet. Maar is dat slecht? Er is geen strikte scheiding tussen mijn werk en mijn privéleven. In de auto naar huis komen soms de beste ideeën. Overal waar ik kom, word ik met bier geconfronteerd. En als ze me vragen in mijn vrije tijd ergens te komen spreken, doe ik dat graag. Het is pure passie. Mijn vrouw begrijpt me: ze komt zelf uit de brouwerijsector.’

Heeft u nog een groot doel?
‘Ik ben heel benieuwd hoe De Koninck evolueert en hoe bier in de toekomst significant gaat blijven. Daar wil ik graag aan meewerken. Ik ben een teamspeler. En verder ben ik niet iemand die de verre wereldreizen wil maken. (glimlacht) Daar kan ik trouwens voor naar de ViaVia. Ik vind het plezant te beseffen dat de dingen goed gaan en te weten dat het nu goed gaat. De toekomst zien we wel.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect