portret

De meest mediaschuwe frietkampioen van Europa

Voor Jan en alleman is hij een nobele onbekende. Maar op de wereldwijde frietmarkt bouwt Jan Clarebout aan een opmerkelijk aardappelimperium. Portret van een West-Vlaamse snelgroeier.

Hij was er wel, maar hij zei geen woord. Jan Clarebout, de CEO van de West-Vlaamse familiegroep en diepvriesfrietmaker Clarebout Potatoes, kon begin deze week uitpakken met groot nieuws in het Henegouwse dorpje Frameries. De agro-industrieel pompt er 300 miljoen euro in een nagelnieuwe fabriek, goed voor 300 tot 500 extra jobs in de regio. Vreemd genoeg bleven de ondernemer - klein van gestalte, schrandere ogen - en zijn zoon Gilles discreet op hun stoel zitten in het gemeentehuis. Een externe adviseur deed de aankondiging.

‘Typisch Clarebout’, is in de sector te horen. ‘De man kan uitpakken met honderden nieuwe jobs, en toch verkiest hij de mediatieke luwte. Het is de stijl van het huis.’ Aanvragen om de pers te woord te staan, ook De Tijd, wijst de West-Vlaming steevast af. Hoewel hij zich als zoon van een aardappelhandelaar in amper één generatie wist op te werken tot de grootste frietkampioen van Europa, ontloopt hij de schijnwerpers.

In zijn fabrieken zie je bijna niemand rondlopen. Alles is er nagenoeg volledig geautomatiseerd.
Romain Cools
Sectorfederatie Belgapom

De investering van Clarebout Potatoes in de Borinage, een verarmde industrieregio ten zuidwesten van Bergen, is nochtans niet niks. In de hoofdzetel in Nieuwkerke-Heuvelland en in Waasten, net over de taalgrens, produceert de groep nu al jaarlijks 700.000 ton diepvriesfrieten. Als de fabriek in Framerie op volle toeren draait, kan daar dagelijks 2.300 ton bijkomen, naast 400 ton andere producten zoals kroketten en 100 ton aardappelvlokken. In jaarlijks volume een kwantumsprong van 1 miljoen ton.

‘Dan wordt Clarebout de onbetwiste leider in Europa’, zegt Romain Cools, algemeen directeur van de sectorfederatie Belgapom. ‘Nu al is het bedrijf groter dan de Europese divisie van het Canadese McCain (dat in 2013 Lutosa overnam van Greenyard Foods, red.), het eveneens Vlaamse familiebedrijf Agristo en het Nederlandse Farm Frites.’ Dan komt de kaap van 2.000 werknemers in zicht. Vandaag heeft de aardappelgroep 1.600 medewerkers op de loonlijst staan, van wie 300 tijdelijken.

Energiek en gehaast

Burgemeester Jean-Marc Dupont (PS) van Frameries is alvast vragende partij voor meer jobs in zijn gemeente. Vorige zomer werd hij door Jan Clarebout uitgenodigd voor een rondleiding op de vestiging in Waasten. ‘Die man is een investeerderbeslisser met wie je kan praten’, zei de socialist aan de Franstalige krant L’Avenir. ‘Een erg energieke en gehaaste man. Eind vorig jaar wou hij al met de bouw van de fabriek beginnen. Maar ik vond het belangrijk dat eerst alle inwoners op transparante wijze werden geïnformeerd.’

Jan Clarebout

Jan Clarebout (58) is de CEO van de West-Vlaamse familiegroep en diepvriesfrietmaker Clarebout Potatoes. De pater familias kon zich als zoon van een aardappelhandelaar in amper één generatie opwerken tot de grootste diepvriesfrietproducent van Europa.

De agro-industrieel is ook fami liaal verweven met de sector. Clarebout heeft maar één hobby: zijn bedrijf.

 

Die steun en goodwill van de lokale politiek kan Clarebout goed gebruiken. Niet enkel om zijn vergunningen rond te krijgen, maar ook om het enorme logistieke apparaat voor de massaproductie van aardappelen aan de omgeving verkocht te krijgen. De omwonenden in Waasten klagen al jaren over de ‘infernale cadans’ waaraan de klok rond trucks aan- en afrijden, zware turbines roteren en bakovens draaien. De geur- en lawaaihinder is volgens de inwoners vaak niet te harden.

Clarebout kampte de afgelopen jaren ook met veiligheidsincidenten. In 2016 werd een vrouw gegrepen door de transportband. Ze overleefde het ongeluk niet. Het bedrijf werd daar onlangs voor een Ieperse rechtbank voor veroordeeld. Er waren de voorbije jaren ook branden in de filialen van de groep, waarbij de fabriek in Nieuwkerke twee keer bijna volledig in de as werd gelegd.

Het groeiparcours van de groep werd er amper door afgeremd. Integendeel, het gaf de frietkampioen Clarebout telkens weer een prikkel om er nog steviger tegen aan te gaan. Het complex in Waasten telt vandaag vijf productielijnen. Dat is opmerkelijk als je weet dat één productielijn algauw 40 tot 50 miljoen euro kost. ‘Ondernemen is risico nemen, en Jan Clarebout kan dat als geen ander’, zegt Cools. ‘In zijn fabrieken zie je bijna niemand rondlopen. Alles is er nagenoeg volledig geautomatiseerd. Hij was daarin een voorloper voor de sector. Op die aanpak is zijn verdienmodel gebaseerd.’

Privaat label

De massa’s frieten en aardappelvlokken die in zijn fabrieken van de band rollen, zijn bestemd voor supermarkten, fastfoodketens en de horeca. Clarebout commercialiseert geen eigen merk zoals zijn sectorgenoot McCain. Het koos van bij het begin voor verkoop onder privaat label, een markt die bij uitstek drijft op volume, scherpe prijzen én flexibiliteit. ‘Als iemand belt voor een snelle levering, kan hij die bij ons na een paar uur komen afhalen’, klinkt het bij het bedrijf.

De vraag naar ‘frites and chips’ zit al enkele jaren in de lift, vooral in het Midden-Oosten, Zuid-Amerika en Oost-Azië. De voorgebakken en diepgevroren friet is er bijzonder populair dankzij fastfood- en hamburgerketens. Clarebout, dat driekwart van zijn productie in Europa exporteert en 20 procent daarbuiten, wil die verre markten vanuit West-Vlaanderen blijven bedienen, en is verwoed op zoek naar extra productiecapaciteit.

Jan Clarebout (58) is de CEO van de West-Vlaamse familiegroep en diepvriesfrietmaker Clarebout Potatoes. ©rv

‘Die expansie is nu bezig’, zegt Cools. ‘De voorbije jaren werd waanzinnig geïnvesteerd door onderlinge concurrenten zoals Clarebout, Lutosa, Agristo en Mydibel. In die mate dat we Nederland, dat eigenlijk een ouder aardappelland is dan België, hebben voorbijgestoken in export en verwerking.’ En het einde van de groei is nog niet in zicht. De marktonderzoeker Euromonitor becijferde eerder dat de wereldwijde frietmarkt tussen 2016 en 2021 met 2 procent per jaar in volume stijgt. In vijf jaar komt dat neer op een toename met 1,2 miljoen tot 13,3 miljoen ton.

Zolang er grondstof is - aardappelen - kan Clarebout dat groeitempo aanhouden. Dus probeert de West-Vlaamse groep unieke relaties te onderhouden met circa 1.500 telers. ‘Die band met de boeren is voor het bedrijf van het grootste belang’, zeggen ingewijden.

Telers spreken vaak volumes af met de afnemer. Als dat volume niet wordt gehaald, koopt de fabriek de tonnen elders in en komt de factuur voor de ingekochte aardappelen weer bij de boeren. Voor hen betekent dat een financiële kostprijs. Maar vaak zijn er ook jaren dat de vrije marktprijs onder de contractprijs uitkomt. Ook dan speelt het contract en is er ‘winst’ voor de landbouwer.

Harde onderhandelaar

In dat subtiele spel van vraag en aanbod laat Jan Clarebout zich naar verluidt zelden vangen. ‘Hij komt over als no-nonsense, volks, spontaan en zonder kapsones’, zegt een intimus. ‘Maar hij is altijd aan het rekenen.’ In onderhandelingen, onder meer met leveranciers, kan hij erg veeleisend zijn. ‘Dat bleek na een van de branden in zijn bedrijf. Toen onderhandelde hij keihard met zijn verzekeraar.’

Als zoon van een aardappelhandelaar, weet hij ook hoe hij de sector moet sturen. Hij kan heel snel handelen, kent iedereen in de sector bij zijn voornaam en heeft zijn medewerkers in de belangrijkste fora. ‘Een man van weinig woorden, maar als hij iets zegt, is het boenk erop’, zegt Belgapomdirecteur Cools. ‘Al heeft hij een heel eigen humor, wat onderkoeld, op zijn Brits. Hij is ook koppig. Als hij een positie heeft ingenomen, zal hij die niet om de vijf voet veranderen. Je weet wat je hebt aan hem: als het ‘nee’ is, is het ‘nee’. En omgekeerd.’

Hij komt over als no-nonsense, volks, spontaan en zonder kapsones. Maar hij is altijd aan het rekenen.
Een intimus

Hij is niet alleen gepokt en gemazeld in de sector, hij is er familiaal mee verweven. Zijn zus Caroline is getrouwd met een lid van de familie Dejonghe, de voormalige eigenaars van Pinguin, een onderdeel van Greenyard Foods en actief in de diepvriesgroentesector. Dat hielp hem na zijn eerste grote brand in Nieuwkerke in 2005. Hij kon aardappelen gaan verwerken in een oude frietfabriek in het Verenigd Koninkrijk, waardoor hij klanten als Aldi en Lidl kon blijven beleveren.

Een van Clarebouts grootste concurrenten is Agristo, in handen van de families Raes en Wallays. Het werd opgericht in 1986, een jaar voor Clarebout in Nieuwkerke de aardappelhandel van zijn vader overnam en in diepgevroren frieten begon. Sinds 2018 staan Hannelore Raes (38) en Filip Wallays (34) er aan het roer. De vrouw van Antoon Wallays is verre familie van de Dejonghes van Pinguin. Clarebout is trouwens een verre neef van Hein Deprez, de sterke man achter Greenyard.

Hij heeft maar één hobby, luidt het, zijn bedrijf. ‘Ik hem nooit actief gezien in voetbal, wielrennerij of andere sporten’, zegt Cools. ‘Jawel, hij sponsort de voetbalclub SK Nieuwkerke, maar dat is om het dorpsleven een financieel duwtje in de rug te geven.’

Landhuis

Vastgoed kan hem wel bekoren. Clarebout investeert samen met onder anderen Filip Balcaen in het project Boeverie in Brugge. In Waregem, langs de E17, is hij medeeigenaar van het project Flanders Field Business Park. En in Hollebeke heeft hij na een kasteelhoeve ook het landhuis het Voddekasteel gekocht. Voorts is de man aandeelhouder van de vastgoedvennootschap Ulvenhout Retail Invest Fund, waar alweer een Pinguin-telg, Koen Dejonghe, is te vinden.

De frietondernemer lijkt ook te werken aan zijn opvolging. Terwijl hij voor zijn dochter Florence - die farmacie studeerde - apotheken opkocht in Ieper (De French, Vandewal, St Jan), Langemark (Omnichimie) en Zonnebeke (apotheek Passendale), lijkt hij zijn zoon Gilles voor te bereiden op het enige wat voor hem belangrijk is: de groei van zijn frietimperium.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud