reportage

In Westrozebeke: ‘De fabriek zou minstens twee weken dicht moeten’

Op twee klanten na is café In Den Bottle van Caroline Decaesstecker (l.) leeg. ©Brecht Van Maele

Westrozebeke, een deelgemeente van het West-Vlaamse Staden, is sinds de corona-uitbraak in de snijafdeling van de vleesverwerker Westvlees op de kaart gezet als ‘coronadorp’. ‘We zitten hier in het hart van de landbouw- en voedselindustrie, maar er lijken geen alarmbellen af te gaan.’

Er valt iets op op de site van Westvlees. Overal waar je gaat of staat op het terrein van het vleesverwerkende bedrijf zie je de kerktoren van Westrozebeke tussen de fabrieken en kantoren priemen. Vrachtwagens en grote koelhuizen doen een uitgestrekt industrieel gebied vermoeden, maar één blik naar de lucht en je weet weer: we zijn in een dorp. Het ingeslapen West-Vlaamse plaatsje, een deelgemeente van Staden en amper tien vierkante kilometer groot, kwam in de nationale spotlights te staan toen op 5 augustus een corona-uitbraak werd vastgesteld in de snijafdeling van Westvlees (zie inzet).

Wat voorafging

Op woensdag 5 augustus blijken 16 personeelsleden bij de snijafdeling van de vleesverwerker Westvlees besmet met het coronavirus. De andere werknemers van de afdeling worden getest, in afwachting van de resultaten gaan ze alle 225 in quarantaine. De snijzaal gaat dicht.

Op donderdag en vrijdag worden in totaal 261 tests afgenomen, waarvan 74 positief, verspreid over de snij- en verpakkingsafdelingen. Het bedrijf besluit om alle andere takken ook te testen, maar daar wordt voorlopig wel doorgewerkt.

Van de besmette arbeiders wonen er 48 in de provincie West-Vlaanderen, de overige twintig in Wallonië en Frankrijk. Staden, waar Westvlees ligt, telt negen positieve gevallen. Omdat de gemeente daarmee in de hoogste alarmfase komt, werd een mondmasker verplicht in de bebouwde kom vanaf zaterdag 8 augustus.

Alle 225 werknemers van die afdeling gingen uit voorzorg in quarantaine. Omdat er zo goed als geen menselijk contact is tussen de verschillende takken van het bedrijf - het vlees wordt via ondergrondse koelgangen automatisch getransporteerd - bleef de rest van het bedrijf open, met gepaste maatregelen en verhoogde alertheid. Het Agentschap Zorg en Gezondheid en Francesco Vanderjeugd (Open VLD), de burgemeester van Staden, kwamen overeen dat een volledige sluiting een overdreven reactie zou zijn.

Met 850 werknemers en als belangrijke afnemer van de lokale varkensboeren - 80 procent van de varkens komt uit een straal van 30 kilometer - is Westvlees een economisch bastion in de streek. Maar er is ook maatschappelijke waarde: iedereen heeft wel een link met het familiebedrijf, dat uitgroeide van een slagerij in de Eerste Wereldoorlog tot een internationale leverancier die jaarlijks 1,4 miljoen varkens verwerkt tot ruim 140.000 ton varkensvlees.

Hart van de voedselindustrie

‘Mijn achterdeur grenst aan de fabriek’, zegt Mikey Van Parijs, de eigenaar van In den Bottle, het enige café aan de voet van de Westrozebeekse kerktoren. Net als de straten is het terras van de zaak verlaten. Gebruikelijk op een hete woensdagmiddag in een klein dorp? Of is het corona-angst? ‘Onze vaste klant Bertje, die normaal elke dag komt, belde daarnet dat hij liever thuisblijft’, zegt Caroline Decaesstecker, de uitbaatster van het café. ‘Dat is de eerste keer sinds de coronacrisis.’

Decaesstecker nam in volle lockdown het café over, daarvoor werkte ze in een rusthuis in buurgemeente Passendale. Op twee klanten na is het café leeg. Maar de uitbraak in Westvlees betekent niet meteen een tweede dreun voor de lokale horeca. ‘Het heeft ook met de hitte te maken. Gisteren zat het hier nog vol’, zegt Decaesstecker. Zelf heeft ze geen schrik, ze kent het bedrijf goed. ‘M’n zeune werkt daar. Hij wordt vandaag getest. Maar hij zal het wel niet hebben.’

De mondmaskerplicht is een beetje een onnodige maatregel. Hier komen nooit grote groepen mensen samen.
Alexander Beernaert
Frituuruitbater uit Staden

Van Parijs klinkt strenger. ‘Ze zouden de volledige fabriek moeten sluiten voor minstens twee weken, zoals bij de slachthuisuitbraken in Duitsland en Denemarken. Dat is de enige manier om de plaats volledig te ontsmetten en ‘coronaclean’ te krijgen. En hoe lang zal het duren voor het virus ook uitbreekt bij Greenyard om de hoek of Ardo twintig kilometer verderop? We zitten hier in het hart van de landbouw- en voedselindustrie, maar er lijken geen alarmbellen af te gaan.’

De vers- en dan vooral de vleessector kwam al een paar keer in het oog van de coronastorm. Het virus lijkt beter te gedijen in gekoelde ruimtes. En voedsel verwerken is fysiek zwaar werk, waarbij afstand houden niet altijd lukt. Westvlees werd al vergeleken met getroffen sectorgenoten Tönnies in Duitsland en Danish Crown in Denemarken, maar was snel om die associatie de kop in te drukken. ‘In Duitsland testten 400 van de 500 werknemers positief. Dat is wel iets anders dan een op de drie bij ons’, zegt productmanager Manuel Goderis. ‘En er is nog geen wetenschappelijk bewijs dat het virus meer kans maakt in gekoelde ruimtes. Ook voor ons is het volop zoeken naar de oorzaak.’

©Brecht Van Maele

Goderis somt nog eens de batterij aan ingrepen op waarmee Westvlees het virus klem hoopt te zetten. ‘Sinds afgelopen maandag is een team van zes stewards fulltime bezig het personeel te controleren en te sensibiliseren wat veiligheid en maatregelen betreft. Ze checken op afstand, mondmaskers en hygiëne. In de snijafdeling zijn 24 filters geplaatst die de lucht vier keer per uur zuiveren. We schakelen over op de FFP2-maskers, die beter beschermen dan de chirurgische. Carpoolen wordt beperkt en wie terugkomt van een vakantie uit een oranje zone, behandelen we zoals wie uit een rode zone komt: twee weken verplichte quarantaine. Weten we zeker dat al die regels nuttig zijn? Nee. Maar we willen elk risico uitsluiten.’

Gratis frikandel

Deze week werd het voltallige personeel getest door bedrijfsartsen, op het terrein van Westvlees zelf. Het is nog wachten op de resultaten. ‘We lassen een communicatiestop in tot we de volledige uitslag kennen’, zegt Vanderjeugd. ‘Alleen als we alle cijfers kennen, kunnen we de juiste conclusies trekken en verdere maatregelen nemen. Dagelijkse updates in de pers creëren onnodige onrust.’

Van de besmette werknemers wonen er 48 in West-Vlaanderen - verspreid over negen gemeenten - van wie negen in Staden. Zo werd plots de alarmdrempel van 50 op 100.000 inwoners overschreden. Staden kleurde donkerrood op de coronakaart, mondmaskers werden er verplicht in de bebouwde kom. Vanderjeugd benadrukt dat de mondmaskerplicht tijdelijk is. ‘Als we niet meer in die hoogste alarmfase verkeren, kunnen we de regels hopelijk versoepelen. Dat zal de rust wel terugbrengen.’

In het centrum van Staden - een kerk, drie cafés en twee snackbars - is rust vooralsnog het sleutelwoord. ‘Een mondmasker verplicht? Een beetje een onnodige maatregel: hier komen nooit grote groepen mensen samen’, zegt Alexander Beernaert, die een frituur op de Marktplaats uitbaat. ‘Er passeert hier veel verkeer, dat wel. Maar toeristen komen hier nooit. Iedereen kent iedereen en we springen voorzichtig om met elkaar.’ Al is hij de eerste om mondkapjes te verdedigen. ‘Al vanaf het begin van de crisis probeerde ik mensen aan te moedigen er een te dragen. Wie de frituur binnenkwam met een masker aan, kreeg een gratis frikandel.’

Het lijkt Emma en Juliette, beiden 17, niet tegen te houden. Getooid met mondmasker en stapschoenen, een trekrugzak rustend aan hun voeten, hijgen ze uit op het terras van Frituur Alexander. Ze komen van Poperinge, via Torhout, al 96 kilometer. ‘Risicogebied? Ja, dat weten we. We pakken zoveel mogelijk binnenwegen en slapen bij mensen in de tuin.’ Het mondmasker zijn ze al gewoon, dat stoort hen niet. ‘Alles beter dan thuiszitten.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud