Manager Proximus wordt geuzebrouwer

Het trio Werner Van Obberghen (links), Armand Debelder en Michaël Blancquart zet geuze weer op de kaart. ©Tom Verbruggen

Werner Van Obberghen, manager bij de telecomgroep Proximus, komt aan boord bij brouwerij 3 Fonteinen. Hij neemt de operationele teugels van de geuze- brouwerij in handen en wordt aandeelhouder van het bedrijf.

Meer dan 2.000 km ver reizen naar het Zuiden van Spanje op zoek naar sherryvaten. Er vervolgens twee jaar lambiek in laten rusten en nog een jaar het bier laten rijpen in een kelder. En er dan slechts 4.000 flessen van op de markt brengen. Het zotte plan van maître-sommelier Andy De Brouwer en brouwer Armand Debelder (3 Fonteinen) illustreert hoe passie voor het product iemand soms gekke toeren doet uithalen.

Een ambachtelijk product op een gestructureerde, rendabele en duurzame manier produceren is een andere uitdaging. Het is een vraagstuk waar veel bierbrouwers - de craft brewers in de VS en veel kleinere spelers in ons land - mee geconfronteerd worden. Zo ook de traditionele lambiekbrouwers en geuzestekers uit het Pajottenland.

Aan passie ontbreekt het Armand Debelder niet. Hij wordt beschouwd als de levende legende van de geuze. Toen het regionale bier begin jaren 90 in de vergetelheid zat en de stiel met uitsterven was bedreigd, richtte hij de Hoge Raad voor Ambachtelijke Lambiekbieren (Horal) op. Dankzij die groepering haalden lambiek en geuze een erkenning binnen als streekproduct, waarna de bieren herleefden.

Debelder nam het roer van de familiale brouwerij 3 Fonteinen in 2001 over. In 2009 liep het bijna verkeerd. Door een defecte thermostaat in een pakhuis ging bijna de hele voorraad geuze kapot. De brouwerij was virtueel failliet. Maar door een uitzonderlijke mobilisatie kreeg 3 Fonteinen weer zuurstof.

De kinderloze Debelder ging vijf jaar geleden op zoek naar een medewerker om in de winter geuze te brouwen. Het werd de jonge Michaël Blancquaert. Hun samenwerking werd beklonken door de overname van een minderheidsbelang door Blancquaert.

Toen een mogelijke verhuis in 2013 op tafel kwam, contacteerde hij Werner Van Obberghen, verantwoordelijk voor de strategie en business development voor de professionele markt bij Proximus. Een telecomman, maar ook iemand die gebeten is door de geuzemicrobe: ‘13 jaar geleden studeerde ik af als handelsingenieur met een eindwerk over de lambiekbieren en de economische situatie van de kleine ambachtelijke brouwers ten opzichte van de grotere commerciële spelers.’

De verhuisplannen gingen uiteindelijk niet door. Maar in de aanloop naar die beslissing, stelde Van Obberghen voor om vrijblijvend een businessplan op te stellen voor 3 Fonteinen en naar de banken en eventuele investeerders te trekken. Uiteindelijk werd Van Obberghen enkele maanden geleden verantwoordelijk voor administratie, financiën, marketing en verkoop, operaties bij de Beerselse brouwerij. Al blijft hij actief bij Proximus. ‘Beschouw het als een betaalde hobby’, glimlacht hij.

Van Obberghen werd ook aandeelhouder van 3 Fonteinen, met ongeveer een kwart van de aandelen. Blancquaert heeft ongeveer evenveel in handen. Debelder behoudt de controle met iets meer dan 50 procent. De nieuwe organisatie laat Debelder en Blancquaert toe om zich volledig te concentreren op het maken van bier. ‘Cijfers zijn mijn zwakste punt’, zegt hij.

Met een omzet van 600.000 euro, een winst van enkele tienduizenden euro en een productie van 1.000 hectoliter blijft 3 Fonteinen een heel kleine speler. Ter vergelijking: Orval zit aan 80.000 hectoliter. ‘Op die omzet houden we na belasting nog geen 2 procent nettowinst over. Daarmee groei je niet. Het is een situatie die bijgestuurd moet worden’, stelt Van Obberghen. ‘We moeten meer bier brouwen maar ook de eigenheid van het product behouden. Dat betekent dat er moet geïnvesteerd worden in nieuwe houten vaten en dat de operaties op één locatie moeten ondergebracht worden. Vandaag liggen de vaten van 3 Fonteinen op vier locaties. Per jaar verliezen we daar 120 mandagen door aan vervoer en logistiek.’

Tussen de lijnen laat Van Obberghen ook verstaan dat een prijsaanpassing in de sterren geschreven staat. ‘Als je weet dat een grote champagnefles artisanale oude geuze - waar drie jaar werk in kruipt - gemiddeld 4 à 8 euro kost, dan weet je: het product is ondergewaardeerd.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect