opinie

Frankrijk en Duitsland werken Europees herstel tegen

Melvyn Krauss

Bankprotectionisten én haviken in het bestuur van de ECB zijn er samen in geslaagd een agressiever stimuluspakket te torpederen.

Door Melvyn Krauss, professor emeritus aan New York University

Het bescheiden pakket maatregelen van de ECB - een verlaging van de depositorente met 10 basispunten en een verlenging van QE met zes maanden - kan je amper een ‘stimulus’ noemen.

De forse reactie van de markten - vooral de scherpe stijging van de euro, de grootste dagstijging in zeven jaar - nam de grootste scherpte al weg uit een al met al teleurstellend pakket. Europa is mèt het pakket nu waarschijnlijk verder weg dan ooit van zijn inflatiedoelstelling dan zonder het pakket.

De ECB-raad heeft de bescherming van de banken en hun winsten laten primeren op Europees economisch herstel en op de geloofwaardigheid van haar eigen inflatiedoelstelling.

Met de dalende prijs van olie en andere grondstoffen die maar blijft wegen op de nu al slabakkende inflatie in de eurozone, wordt het tijd dat monetair beleid vervoegd wordt door begrotingsbeleid, toch als Europa de vraagstimulatie wil die het nodig heeft om inflatie en groei aan te zwengelen.

Volgens de meeste waarnemers hebben de haviken in het ECB-bestuur op de vergadering begin december een agressiever stimuleringspakket neergehaald. De waarheid is echter dat de ‘bankprotectionisten’ in het bestuur - velen onder hen ‘duiven’ zoals Frankrijk - het grote verschil hebben gemaakt bij de teleurstellende verlaging van de depositorente.

De ‘bankprotectionisten’ zijn tegen een lagere depositorente omdat ze de winsten van de lokale banken willen beschermen. Een negatieve depositorente is immers het equivalent van een belasting op het geld dat banken bij de ECB parkeren. Voor de bankprotectionisten is dat een belasting op de bankwinsten.

Voor de Duitsers kan een agressievere depositorente er wel door, maar zij willen de QE beperken. Voor hen is dat immers de achterdeur om begrotingstekorten in de zuidelijke landen te financieren.

Het is die combinatie van bankprotectionisten en haviken in het ECB-bestuur die erin geslaagd is een agressiever stimuluspakket te torpederen.

Moet de modale Europeaan zich daar zorgen over maken? Ja.

Moet de modale Europeaan zich daar zorgen over maken? Ja. Toen de ECB voor de magere verlaging met 10 basispunten ging, wist ze dat haar beslissing de marktverwachtingen teleur zou stellen en de euro naar omhoog zou duwen.

Volgens betrouwbare getuigen is die kwestie grondig ter sprake gekomen op de vergadering van december. En toch heeft de ECB-raad de bescherming van de lokale banken en hun winsten laten primeren op Europees economisch herstel en op de geloofwaardigheid van haar eigen inflatiedoelstelling (een daling van de euro wordt beschouwd als de enige betrouwbare manier om de inflatie in die richting te krijgen).

Het hoofdkantoor van de ECB in Frankfurt. ©EPA

Dat is zorgwekkend. Om de bankwinsten veilig te stellen hebben bankprotectionisten in de raad van bestuur zich bereid getoond om de centrale bank het volledige gebruik te ontzeggen van de depositorente, een van de krachtigste instrumenten in haar arsenaal om de inflatie en de economische groei omhoog te krijgen.

Wat is het nut van instrumenten als het ECB-bestuur niet bereid is die ten volle te gebruiken?

Deze toestand maakt het argument om een robuust Europees begrotingsbeleid te combineren met het monetair beleid van de ECB nog dwingender. De ECB kan helpen om de begrotingstekorten te financieren, en de begrotingstekorten behoeden het monetair beleid ervoor om niet meer te zijn dan wat gemorrel in de marge.

Lees verder

Tijd Connect