opinie

Morrelen aan de depositorente is de nieuwe muntdevaluatie

Melvyn Krauss

De ECB verlaagt vandaag wellicht de depositorente, nu al het favoriete middel voor muntinterventie in meerdere Europese landen. Oude wijn in nieuwe zakken, een moderne muntdevaluatie.

Door Melvyn Krauss, professor emeritus New York University

Nu de Amerikaanse centrale bank klaar lijkt voor een renteverhoging, hoor je overal dat de te verwachten stijging van de dollar de argumenten voor een nieuwe stimulus door de ECB minder dwingend maakt. Het omgekeerde lijkt me dichter bij de waarheid.

In Frankfurt is er het nieuwe onbehagen dat er een deuk in de geloofwaardigheid zit aan te komen.

Naarmate de dollar stijgt, gaat ook de reële last van de groeilandenschulden in dollar zwaarder wegen - er is meer lokale munt nodig om de rentelasten in dollar te betalen - en maakt de kapitaalvlucht het de groeilanden moeilijker om hun schulden te herfinancieren.

De recente stijging van de dollar duwt de groeilanden nu al kopje-onder. Het verslechtert de wereldmarkt voor de export uit de eurozone en maakt een robuuste bijkomende monetaire stimulus zoveel aantrekkelijker om de achterblijvende inflatie in de eurozone aan te pakken.

Een nieuwe ECB-stimulus kan je zien als een soort verzekeringspolis tegen de terugslag die Europa mag verwachten door de vertraging die de stijgende dollar veroorzaakt in de groeilanden.

Een nieuwe verzekeringspolis was misschien niet nodig, mochten de ECB-bonzen er zeker van zijn dat de geloofwaardigheid van hun mandaat van inflatiebestrijding niet in twijfel wordt getrokken. Maar de inflatie in de eurozone ligt nu al zolang onder de doelstelling (‘minder dan, maar dicht bij 2 procent’) dat het wellicht wijzer is voor de ECB om de markten ervan te verzekeren dat ze op koers blijft. Zeker nu het monetair beleid van de Fed strakker wordt.

En dat is precies wat er achter de verwachte verlenging zit van de QE (de obligatieaankopen) tot na september 2016. De ECB wil de markten ‘forward guidance’ geven dat het de bedoeling is haar lagerentebeleid nog een tijd vol te houden. Het is een manier om het signaal te geven dat ze haar monetair beleid ontkoppelt van dat van de Amerikaanse centrale bank.

Maar hinten op beleidsbedoelingen voor de lange termijn volstaat misschien niet om de geloofwaardigheid van de ECB in stand te houden op een moment dat de euro te hoog staat en de inflatie in de eurozone al zo lang te laag.

Hinten op beleidsbedoelingen voor de lange termijn volstaat misschien niet om de geloofwaardigheid van de ECB in stand te houden

In Frankfurt is een nieuw onbehagen: dat ondanks de recente redelijke cijfers voor de eurozone er een deuk in de geloofwaardigheid (misschien een scherpe daling van de inflatieverwachtingen) zit aan te komen, tenzij er heel binnenkort iets gedaan wordt om het tempo van de inflatie te versnellen.

Het ECB-directielid Sabine Lautenschläger wil de stimuli die de centrale bank tot dusver heeft gegeven alle tijd geven om in te werken, vooraleer tot een nieuwe te besluiten. Ook Bundesbank-voorzitter Jens Weidmann schijnt dat idee genegen.

De ECB heeft echter het moment niet mee, en haar geloofwaardigheid staat misschien op het spel. Het zou roekeloos zijn van Mario Draghi om onnodige risico’s te nemen met de familiejuwelen.

De meest waarschijnlijke kandidaat om de inflatie te versnellen is een verlaging van de depositorente, die nu al negatief is.

Je kan een verlaging van de depositorente zien als het equivalent van een belastingverhoging op wat de banken moeten betalen als ze geld bij de ECB parkeren. Die impliciete belasting geeft de banken een incentive om ongebruikt geld aan het werk te zetten. Een deel van dat geld zal naar het buitenland gaan, wat neerwaartse druk zet op de euro.

Doorheen Europa is de depositorente snel de moderne manifestatie aan het worden van de oude ‘beggar-thy-neighbour’-politiek van muntdevaluatie

Ik denk dat de ECB vandaag de depositorente zal verlagen omdat er meer en meer consensus is binnen de raad van bestuur dat de euro naar beneden krijgen het enige kanaal is dat werkt om de inflatie en het herstel aan te jagen. Snijden in de depositorente is bovendien een politiek handige, vermomde interventie op de wisselmarkten om de euro te doen dalen.

De depositorente is nu al het favoriete middel voor muntinterventie in meerdere Europese landen. De centrale banken van Zweden, Zwitserland en Denemarken hebben allemaal behoorlijk negatieve depositorentes, om te vermijden dat hun munt verdappert tegenover de euro.

Oude wijn in nieuwe zakken! Doorheen Europa is de depositorente snel de moderne manifestatie aan het worden van de oude ‘beggar-thy-neighbour’-politiek van muntdevaluatie. De ECB is die valutaoorlog niet begonnen, en het is goed om te zien dat ze terugvecht.

Lees verder

Tijd Connect