opinie

Politiek en vastgoed gedoemd om met elkaar aan tafel te zitten

De achterkamerpolitiek wordt terecht aangeklaagd, maar als het over vastgoed gaat, slaat de slinger door. Politiek en vastgoed hebben elkaar nodig. Niet om hun zaakjes te regelen, wel om projecten gedaan te krijgen.

Door Olivier Carrette, gedelegeerd bestuurder Beroepsvereniging van de Vastgoedsector

Zowel politici als vastgoedprofessionals moeten beseffen dat ze transparanter dan transparant moeten zijn. Op dat vlak moeten we opnieuw vertrouwen winnen. Maar de buitenwereld moet zich er ook van bewust zijn dat politiek en vastgoed gedoemd zijn binnen de democratische regels van het spel overeen te komen en met elkaar te spreken. In het algemeen belang.

Als vertegenwoordiger van de vastgoedsector heb ik geen probleem om de realiteit te erkennen. Vandaag - en meer nog in het verleden - gebeuren en gebeurden zaken op de grenzen van het toelaatbare. Wat allemaal van de verhalen daarover klopt? Daar heb ik het raden naar. Wel is het een feit dat vastgoedspelers bij elke ontwikkeling van een zekere omvang spreken met de bevoegde instanties. Met beleidsmakers dus. Met politici.

Uiteraard moet je weten waar de grens ligt tussen professionele gesprekken en beïnvloeding.

Is daar iets mis mee? Nee, het tegendeel zou vreemd zijn, zeker als je bezig bent met plannen te maken waarbij je enkele honderden woningen bouwt of opnieuw dynamiek in een stad probeert te krijgen. Wie zulke vastgoedprojecten tot een goed einde wil brengen, moet nu eenmaal met het beleid om de tafel zitten. Met de administratie, en op een gegeven moment ook met de burgemeester en de verantwoordelijken die het beleid aansturen.

Uiteraard moet de achterkamerpolitiek aangeklaagd worden. En uiteraard moet je weten waar de grens ligt tussen professionele gesprekken en beïnvloeding. Het klinkt evident, maar we zijn daarin soms nog te impulsief. Te naïef, ook. De sector moet daar meer aandacht aan besteden, en zich nog opener tonen. Dialoog is essentieel in een democratie, maar de regels moeten duidelijk zijn.

Gevaarlijke perceptie

Tegelijk wil ik erop wijzen dat de slinger te fors doorslaat naar de andere kant. Zelfs politici die een receptie of een eerstesteenlegging van een vastgoedproject bijwonen, worden als verdacht bestempeld. Sommige politici twijfelen of ze wel nog kunnen spreken op een vastgoedevent dat gewoon onder de categorie ‘leerrijk’ valt.

In de perceptie dreigt elke terechte meeting tussen een politicus en een vastgoedprofessional een verjaardagsfeest te worden.

In de perceptie dreigt elke terechte meeting tussen een politicus en een vastgoedprofessional een verjaardagsfeest te worden. Meer nog: ontwikkelaars die rechttoe rechtaan voor hoogbouw gaan - wat de Vlaamse bouwmeester stimuleert - zijn plots alleen maar ‘lucratief’ bezig. Ontwikkelaars die planlasten betalen en ter compensatie stadsparken en crèches bouwen, krijgen het verwijt een ‘paaitaks’ te betalen. Die perceptie is gevaarlijk. En onterecht.

Als politici en de vastgoedsector niet meer met elkaar om de tafel kunnen zitten om het over hun plannen of stadsontwikkeling te hebben, is op termijn enkel de burger de dupe daarvan. Ontwikkeling, in welke vorm dan ook, valt op zo’n moment stil. Of op zijn minst krijg je slechte stadsontwikkeling, wat allicht nog erger is dan de stilstand, gezien je achteraf met de gebakken peren zit.

Feestje te veel

De vraag is: moeten we door enkele verdachte handelingen - ‘het feestje te veel’ - al het positieve overboord gooien? Kijk naar een megasite als Nieuw Zuid, vlak naast het Antwerpse justitiepaleis. Daar komen meer dan 2.000 wooneenheden, kantoren, winkels, een gigantisch stadspark en een warmtenet. Toen de plannen jaren geleden voor het eerst ontvouwd werden, nam zowel de stad als de ontwikkelaar risico’s. Vandaag blijkt het een succesverhaal. Zonder dialoog was dit nooit gelukt en zouden we ook de economische dynamiek die vastgoed teweegbrengt helemaal onderuithalen.

Zelfs politici die een receptie of een eerstesteenlegging van een vastgoedproject bijwonen, worden als verdacht bestempeld.

De slotsom is dat zowel de politiek als de vastgoedsector nog maar eens fors aan geloofwaardigheid heeft ingeboet. Dat is jammer, want beide partijen hebben elkaar nodig. Niet om hun zaakjes te regelen, wel om vastgoedprojecten professioneel tot een goed einde te brengen. Publiek-private samenwerkingen zijn zo goed als de enige manier om uitdagingen als mobiliteit en betaalbaar wonen aan te pakken. Willen we dat niet op de helling zetten, dan moeten we als sector zelf transparanter en communicatiever zijn.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content