opinie

Pragmatiek haalt het van romantiek bij N-VA

Dit keer maakt niet Siegfried Bracke, maar Bart De Wever himself de N-VA-bocht weg van het communautaire. Het politiek engagement van De Wever wordt dan ook meer aangedreven door realpolitik dan door romantiek.

Door Nicolas Bouteca, politicoloog aan de Universiteit Gent

‘We gaan onze tegenstanders geen cadeau doen door vooraf op het confederalisme in te zetten’, liet De Wever op de partijraad van de N-VA verstaan. En nog: ‘De drie pijlers van onze campagne worden economie, veiligheid en identiteit.’

Tien jaar regeren zonder de socialisten lijkt te wenken voor de N-VA. Tien jaar meeregeren zonder staatshervorming ook.

De bocht weg van het communautaire hing al een tijdje in de lucht, maar afgelopen weekend officialiseerde De Wever die. Als hij bij de aankomende voorzittersverkiezingen bovendien opnieuw een ruim mandaat krijgt binnen de partij om de niet-communautaire koers te varen, wordt hij ook door de leden van de partij gemandateerd om de staatshervorming in de koelkast te steken.

Zodra die horde is genomen, wordt het dus nog moeilijk zich intern tegen de bocht te keren. De communautaire scherpslijpers kunnen dan de wacht worden aangezegd met een krachtig argument, namelijk dat ‘de partij heeft beslist’ en dat men zich toch ‘niet tegen deze collectieve beslissing zal verzetten?’. Het toont nogmaals aan dat de rechtstreekse verkiezing van de partijvoorzitter vooral democratisch klinkt, maar toch vooral ook de positie van de voorzitter versterkt.

Nu, het siert De Wever wel dat hij de mensen geen blaasjes wil wijsmaken. Zoals hij inzag dat het nastreven van een begrotingsevenwicht in 2019 de federale coalitie te veel onder spanning zou zetten, zo beseft hij ook dat hij in 2019 geen staatshervorming kan afleveren. Inzetten op staatshervorming is voor de N-VA pure harakiri: zeer weinig kiezers zitten erop te wachten, en degenen die erop wachten, zullen nooit tevreden zijn met het soort staatshervorming dat momenteel mogelijk is. Als de N-VA de staatshervorming op tafel zou leggen, zou ze bijvoorbeeld geconfronteerd worden met herfederaliseringseisen die zelfs meer België opleveren.

Opstootje

Nu de N-VA het communautaire dossier begraaft, moet de partij even door een opstootje van Vlaams-nationalistisch verzet. Vlaams Belang en zeker ook Vuye&Wouters zullen even airplay krijgen om hun verzuchtingen te ventileren over de belgicisering van de N-VA. ‘Ze kiezen voor de portefeuilles in plaats van voor het programma’, zal ook op menige vergadering van de Vlaamse Volksbeweging te horen zijn. Ruim één jaar voor de volgende verkiezingen kan de partij zich dat stormpje evenwel permitteren. Het moest er toch ooit komen, en dan komt het beter ver voor de eigenlijke campagne.

Zoals De Wever inzag dat het nastreven van een begrotingsevenwicht in 2019 de federale coalitie te veel onder spanning zou zetten, zo beseft hij ook dat hij in 2019 geen staatshervorming kan afleveren

Even door de pijn heen bijten dus om daarna weer voluit te mikken op de kiezers die wakker liggen van migratie, integratie, veiligheid en de economie. En dat zijn er heel wat meer dan de 5,7 procent Vlamingen die volgens kiezersonderzoek van ISPO de staatshervorming als een belangrijk stemmotief opgaven in 2014. Zelfs onder de N-VA-kiezers haalde slechts een op tien de staatshervorming aan als een van de belangrijkste drie stemmotieven. De pragmaticus in De Wever twijfelt bij zulke cijfers niet lang. Zelfs al moet daarbij het eerste statuut van de partij campagnematig op de schop.

Peilingen

Behalve het electorale motief speelt natuurlijk ook het feit dat voor de communautaire big bang die de N-VA wil de vereiste bijzondere meerderheid ver buiten bereik ligt. Het zijn natuurlijk maar peilingen, maar als je die een beetje in het achterhoofd houdt, dan besef je dat het in 2019 misschien wel harken wordt om met de huidige federale ploeg aan een gewone meerderheid van 75 zetels te geraken. Met het cdH erbij komt dat wellicht in orde, maar de nodige tweederdemeerderheid van 100 zetels om een staatshervorming door te voeren is veraf.

Door communautaire eisen naar achteren te schuiven maakt De Wever ook een doorstart van de Zweedse coalitie - eventueel met het cdH erbij - makkelijker. Aan Vlaamse kant vraagt, met uitzondering van de minipartijtjes Vlaams Belang en Vuye&Wouters, niemand om een volgende staatshervorming. Aan Franstalige kant willen de MR en het cdH alleen met de N-VA praten als geen communautaire eisen worden gesteld.

Het wordt nu vooral uitkijken naar hoe de politieke machtsverhoudingen in Franstalig België evolueren

Die hinderpaal voor een voortzetting van centrumrechts is definitief uit de weg geruimd, en het wordt nu vooral uitkijken naar hoe de politieke machtsverhoudingen in Franstalig België evolueren. Op basis van de jongste peilingen van onder meer de krant Le Soir - met evenwel grote foutenmarges - zien we dat de partijen cdH en MR best nog een tandje bij steken om federaal een stevige centrumrechtse coalitie - eventueel met het cdH erbij - mogelijk te maken in 2019. Het cdH beleeft momenteel immers een Alexander De Croo-momentje: wie de stekker eruit trekt, wordt daarvoor nooit beloond. De MR bezondigt zich dan weer aan hubris. Met 20 procent in de peilingen en een premier op slechts de zesde plaats in de poppolls in Wallonië is haar leiderspositie zeer relatief. Aan Franstalige kant zijn vooral de niet-traditionele partijen Défi, Ecolo en de PTB aan een opmars bezig.

Al moet het al heel slecht lopen opdat een centrumrechtse meerderheid mathematisch onmogelijk wordt. Tien jaar regeren zonder de socialisten lijkt dan ook te wenken voor de N-VA. Tien jaar meeregeren zonder staatshervorming ook.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content