opinie

Technologie op school niet nuttig? Zorg voor betere technologie

Uit een screening van 338 educatieve apps blijkt dat het merendeel niet voldoet aan de noden van Vlaamse leerkrachten en hun leerlingen. Vlaanderen kampt met een educatieve 'app-gap'. Laten we de oplossing dus niet, opnieuw, enkel bij bijscholing en werklast voor leraren leggen.

Door Ellen Vanderhoven, verbonden aan de onderzoeksgroep Media & ICT (MICT), iMinds – UGent

Onderwijsland davert en beeft op zijn grondvesten. Een net gepubliceerd OESO-rapport bevat immers onderzoeksresultaten die wijzen op een zwak tot negatief verband tussen computergebruik op school en de schoolresultaten voor lezen, wiskunde en wetenschappen. Heeft Vlaanderen, dat digitalisering hoog op de onderwijsagenda heeft staan, foute beslissingen genomen? Hebben we geld weggegooid aan ICT, dat we beter in goede leraren hadden gestoken?

En zo ligt de last, wederom, bij onze leraren. Net nu we merken dat weer minder jongeren kiezen voor het lerarenberoep.

Minister van Onderwijs Crevits merkt alvast terecht op dat ICT niet meer weg te denken is uit onze leefwereld, en dat jongeren hier dus ook op school mee moeten leren omgaan. Maar verantwoordt dit onze investeringen in ICT, als die ICT samen zou gaan met slechtere leerresultaten?

©rv

We hadden natuurlijk met zijn allen liever positieve verbanden gevonden tussen scholen die veel ICT inzetten en de leerresultaten van hun leerlingen. Van alle kanten komen experten dan ook met verklaringen aandraven. De meest voorkomende en meest logische verklaring: de technologie wordt te vaak gezien als doel, en te weinig als middel. Scholen integreren technologie om de technologie, omwille van de innovatie, maar leraren vergeten daarbij ook de lesmethode aan te passen. Onderzoek aan de vakgroep Onderwijskunde van UGent toont inderdaad aan dat het louter inzetten van technologie in de klas niet automatisch leidt tot vernieuwende werkvormen in de klas. We moeten dus meer inzetten op het bijscholen van leraren.

En zo ligt de last, wederom, bij onze leraren. Net nu we merken dat weer minder jongeren kiezen voor het lerarenberoep. Wat zou deze leraren moeten motiveren om ondanks hun overvolle programma ook nog ICT-bijscholingen te volgen en hun volledige lessenplan digitaal te maken? Zien zij voldoende meerwaarde in technologie om die extra inspanningen ook nog op te brengen?

Onderzoekers van een aantal iMinds-onderzoeksgroepen aan UGent, KU Leuven en VUB peilden tijdens een reeks workshops naar de ervaringen en verwachtingen van leraren die eerder al gebruik hadden gemaakt van tablets in de klas.

Er is in Vlaanderen helemaal geen aanbod aan onderwijstechnologie die de noden van leerkrachten opvangt

En wat blijkt: leraren hebben een duidelijke visie over wat technologie voor hen moet bijbrengen. Er moet een mix zijn van theoretische omkadering en praktische oefeningen. Het leertraject moet aanpasbaar zijn aan de noden en vaardigheden van elke leerling. En bovenal, interactie tussen leerlingen en leerkrachten moet ondersteund en zelfs versterkt worden. In dat geval biedt technologie, in dit geval tablets, een meerwaarde in de klas.

Jammer genoeg is er in Vlaanderen helemaal geen aanbod aan onderwijstechnologie die deze noden opvangt. Bovenstaande onderzoekers namen 338 educatieve apps voor tablets onder de loep, en het merendeel van de apps blijkt helemaal niet te voldoen aan de vooropgestelde noden en vereisten. Slechts 20% van de apps bevat een combinatie van theorie en oefeningen, en 78% laat geen flexibel traject toe dat is aangepast aan de leercurve van de leerling. Binnen het Vlaamse aanbod speelt 86% van de apps ook niet in op de nood aan interactie in de klas.

Een app is vaak niet meer dan een letterlijke, digitale kopie van het papieren tekstboek

Deze resultaten duiden dus op het bestaan van een belangrijke educatieve ‘app-gap’ in Vlaanderen: de inhoud van de apps is vaak niet aangepast aan de specifieke vereisten van het Vlaamse curriculum en wordt bovendien in vele gevallen niet in het Nederlands aangeboden. Daarnaast maken de apps te weinig gebruik van de mogelijkheden van digitale platformen: de app is vaak niet meer dan een letterlijke, digitale kopie van het papieren tekstboek. Ook blijkt dat de meeste educatieve apps er niet op gericht zijn om in een formele klassikale setting gebruikt te worden: vaak ontbreekt er een platform voor leerkrachten, zijn er geen gebruiksrichtlijnen en is de impact op de leermogelijkheden van de leerlingen onduidelijk.

Laten we de oplossing dus niet, opnieuw, enkel bij bijscholing en werklast voor leraren leggen. Laten we in plaats daarvan een oproep doen aan uitgeverijen en ontwikkelaars van educatieve technologieën, om tegemoet te komen aan de vraag van leraren, leerlingen en scholen. Het secundair onderwijs in Vlaanderen verdient immers kwaliteitsvolle digitale applicaties - waarvan de inhoud is aangepast aan het Vlaamse onderwijscurriculum, en met technische functionaliteiten die differentiatie en interactie mogelijk maken. Gebruiksvriendelijke ICT, die innovatieve werkvormen in de klas faciliteert, en de kans vergroot om tot betere leerresultaten te komen. Onze jongeren (en hun leraren) zullen er ongetwijfeld wel bij varen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content