opinie

Waar zijn al die miljarden voor Griekenland naartoe? Naar de westerse banken

Jean Vanempten

Nu het eindspel in de Griekse tragedie is ingezet, is het stilaan tijd om de olifant in de kamer te benoemen: waar zijn al die miljarden euro’s heen? Niet naar het Griekse volk, blijkt.

Door Jean Vanempten, senior writer bij De Tijd.

De cijfers doen duizelen. In 4,5 jaar tijd werd bijna 250 miljard euro in Griekenland gepompt. Nooit eerder kreeg een land zoveel krediet in zo een korte periode. De vraag waar al dat geld is beland, is dan ook normaal. Maar het is zoals met een olifant in een kamer: iedereen weet dat hij er staat, maar niemand wil het erover hebben.

De Griekse schuldencrisis nadert haar ontknoping. Herbekijk hier al onze berichtgeving op één pagina.

De officiële uitleg luidt dat Griekenland ‘de voordelen van de Europese solidariteit’ ondervond. De Spaanse minister van Economie, Luis de Guindos, stelde onlangs: ‘Griekenland kreeg 210 miljard euro, waarvan 26 miljard van Spanje. Dankzij dat geld kon het de overheidsdiensten draaiende houden.’ Volgens De Guindos, kandidaat-voorzitter van de Eurogroep, garandeerde de Europese solidariteit dat de ‘dokters, de politiemannen en de gepensioneerden’ nog betaald konden worden. Dat klinkt mooi, maar is verre van waar. Onderzoek heeft uitgewezen dat slechts 27 miljard euro van het omvangrijke reddingspakket bij de Griekse staat en dus de bevolking is terechtgekomen. Dat is amper 11 procent van het pakket. Sterker nog. Sinds 2013 krijgt Griekenland geen rooie duit meer binnen. De cijfers zijn bekend, maar duiken maar zelden op. Ze vormen een soort undergroundversie van de Griekse redding, die maar moeizaam gehoor vindt.

De reden waarom de officiële versie van de solidariteit wordt doorgeduwd, is simpel: het klinkt politiek beter om te zeggen dat je solidair bent met een land en zijn inwoners, dan dat je moet zeggend dat je uiteindelijk alleen maar de financiële instellingen hebt gered.

De vorige Griekse regeringen zijn roekeloos omgesprongen met uitgaven en stapelden te veel kredieten op, maar even schuldig zijn de financiële instellingen die even roekeloos kredieten toestonden.

De realiteit is echter dat er wel degelijk winnaars zijn in het Griekse drama: de privékredietverstrekkers. De Griekse en buitenlandse banken dus. Direct en indirect ging 80 procent van de noodleningen aan Griekenland naar de financiële sector, zowel naar de Griekse als de buitenlandse banken. Bij de buitenlandse banken ging het vooral om Duitse en Franse banken. De financiering van die reddingsoperatie werd wel doorgeschoven naar het land. Dat verklaart meteen de onoverkomelijk grote schuldenberg.

Haircut

De privébeleggers hebben inderdaad ingeleverd door een zogenaamde ‘vrijwillige’ haircut (schuldkwijtschelding), maar ze hebben de rest van hun krediet gered en meteen ook het risico volledig buitengesloten. Nu zit de schuld in handen van de Europese Centrale Bank, de landen van de eurozone en het Internationaal Monetair Fonds. De Griekse schuld is gecollectiviseerd en de Europese belastingbetaler, zoals dat dan heet, heeft het risico overgenomen.

In tegenstelling tot de Griekse overheid zijn de banken niet gestraft, maar gered. Griekenland is wel gestraft en verre van gered.

De vorige Griekse regeringen zijn inderdaad roekeloos omgesprongen met overheidsuitgaven en stapelden te veel kredieten op. Maar even schuldig in dit verhaal zijn de financiële instellingen die even roekeloos kredieten toestonden. In tegenstelling tot de Griekse overheid zijn de banken niet gestraft, maar gered. Griekenland is wel gestraft en verre van gered.

Ooit moet de Griekse ‘redding’ tegen het licht worden gehouden. En de keuzes van de politieke leiders van de eurozone en de verantwoordelijken van de ECB en het IMF geëvalueerd worden.

De keuze om de Duitse en Franse banken te redden was een politieke keuze, gemaakt door de Duitse kanselier Angela Merkel en de toenmalige Franse president Nicolas Sarkozy. Ze hadden ook de eigen bankiers voor hun verantwoordelijkheid kunnen stellen, of hun banksector kunnen redden. De schuld bij Griekenland parkeren was evenwel eenvoudiger en minder duur... voor Duitsland en Frankrijk.

Geruisloos

De redding van de Griekse banksector verliep overigens even geruisloos. Ook daar werden de banken overeind gehouden zonder dat er een verregaande sanering of herstructurering werd opgelegd. In tegenstelling tot de eisen inzake economische hervormingen en het inleveren op pensioen en loon, bleef de Griekse banksector buiten schot. In die mate dat dezelfde banksector nu de enige levenslijn is die Athene nog heeft, met dank aan de kredietlijn van de ECB.

De vaststelling dat Griekenland uiteindelijk zelf maar 11 procent van de gigantische reddingsoperatie kreeg, brengt een oplossing nauwelijks dichterbij. Het gebikkel over terugbetalingen en schuldherschikkingen zal nog even duren, tot Griekenland uiteindelijk failliet gaat en misschien wel uit de euro stapt. Het sleept dan een schuld mee waarvan een belangrijk deel nooit toegekend had mogen worden, laat staan op het conto van het land geschreven worden.

De Griekse reddingsoperatie kan zo in een handboek over wat je absoluut níét mag doen als je een overheid financieel wil ondersteunen en redden.

Officieel luidt het dat Griekenland nood heeft aan nieuwe kredieten om het land te redden. De waarheid is dat Griekenland geld nodig heeft om een schuld af te betalen die op het einde van de dag toch nooit afbetaald zal worden.

De Griekse politici hebben het land in grote problemen gebracht, maar de reddingsoperatie heeft de toestand niet verbeterd of gestabiliseerd. Integendeel. De crisis duurt nu al sinds 2010 en nog steeds is voor Griekenland geen einde in zicht.

Toch zijn er winnaars in dit drama: de buitenlandse banken die met wat schrammen wegkwamen. De rest - Griekenland, de EU, de eurozone, de ECB en het IMF - staan allemaal op verlies. Dat verlies zal niet alleen door de Grieken genomen moeten worden, maar ook door de Europese belastingbetaler, die ongevraagd de risico’s van zijn bankiers toegeschoven kreeg.

Dat mechanisme verdient meer aandacht, zeker nu de Griekse tragedie helemaal uit de hand gelopen is. De Griekse reddingsoperatie kan zo in een handboek over wat je absoluut níét mag doen als je een overheid financieel wil ondersteunen en redden.

Gesponsorde inhoud

Partner content