opinie

We vragen minister Galant heus niet veel voor het Antwerpse voorstadsnet

©BELGA

De Antwerpse regio vraagt geen nieuwe treinlijnen of stations, wel frequente en stipt rijdende treinen op bestaande sporen. De komende infrastructuurwerken aan het Antwerps wegennet zijn een kans om meer klanten te overtuigen het openbaar vervoer te gebruiken.

Door Koen Kennis, schepen voor Mobiliteit van Antwerpen (N-VA)

De jongste dagen is er veel inkt gevloeid over het Antwerps Regionaal Express Net. Ik wil graag even de puntjes op de ‘i’ zetten en duidelijk maken wat we vragen aan minister van Mobiliteit Jacqueline Galant. Het gaat hier trouwens om een vraag van de verschillende mobiliteitspartners in de Antwerpse regio. Niet alleen de stad, maar ook de Vlaamse overheid, de provincie Antwerpen en het havenbedrijf onderschrijven deze vraag.

De volgende jaren komen er in Antwerpen verschillende werven om de mobiliteit en de leefbaarheid in de stad te verbeteren. We leggen een tramlijn aan die het noorden van de stad zal ontsluiten, en pakken het noordelijk deel van de Leien aan. Daarnaast werken we ook de Singel af van de Turnhoutsepoort tot en met de aansluiting op de Noorderlaan.

©Photo News

Al die werven maken dat veel mensen die in de stad moeten zijn hun persoonlijke mobiliteit moeten herbekijken. Nemen ze het risico om langer onderweg te zijn met de wagen? Of kiezen ze voor de trein (of de tram) die hen zonder oponthoud naar de stad kan voeren? Deze opportuniteit om nieuwe klanten te maken kunnen de NMBS en De Lijn toch niet laten liggen?

De Antwerpse regio vraagt geen nieuwe treinlijnen of nieuwe stations. We vragen treinen die frequent en stipt rijden over de bestaande sporen. Vooral tijdens de spits is er nood aan meer treinen. Om de 15 à 20 minuten moeten treinen vanuit de ruimere regio mensen naar het centrum van de stad voeren. We willen mensen overtuigen de trein te nemen, maar dan moet de NMBS wel voor een goede service zorgen.

Mobiliteitsknooppunt

Dat begint bij een aangename reiservaring in de trein. De nieuwe Desiro-treinen zijn goede voorbeelden. Het is van groot belang dat het openbaar vervoer comfortabel is. Verder tekenen propere stations voor een aangename omgeving, en bereikbare perrons verhogen mee het reiscomfort. Reizigers moeten op een vlotte manier hun wagens en fietsen kunnen achterlaten aan het station. Daarvoor zijn veilige parkings nodig, zodat de reiziger zonder zorgen zijn voertuig kan achterlaten.

Het Antwerps Centraal Station is een goed voorbeeld van zo’n mobiliteitsknooppunt, maar enkele ingrepen aan de stations van Berchem, Zuid en Luchtbal kunnen garanderen dat ook die knooppunten geoptimaliseerd worden. Uiteraard zijn ook soortgelijke knooppunten nodig verder van de stad. Bijvoorbeeld de stations van Beveren, Lier en Brecht hebben ook de potentie om veel meer nog dan vandaag mobiliteitsknooppunten of hubs te worden.

Het lokale vervoersaanbod van De Lijn moet worden afgestemd op het treinverkeer, zodat een reiziger vlot van bus en trein kan wisselen. De combinatie van het openbaar vervoer, goede en veilige parkings, auto- en fietsdeelsystemen en taxistandplaatsen creëert mobiliteitsknooppunten die verplaatsingen alleen maar gemakkelijker zullen maken.

De bereidheid om het openbaar vervoer te gebruiken in Antwerpen en in de Antwerpse regio is er. Ze neemt zelf toe als reizigers zien dat ze zich op deze manier snel, veilig en comfortabel kunnen verplaatsen. De komende infrastructuurwerken aan het Antwerpse wegennet zijn een kans om meer klanten te overtuigen het openbaar vervoer te gebruiken.

De Antwerpse regio vraagt geen investeringen in prestigeprojecten. Wel een functionele inrichting van onze mobiliteitsknooppunten en een efficiënte dienstverlening met het oog op de komende werven. Meer vragen we niet.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content