1
opinie

Zes stoptekens voor een beter onderwijs

©Photo News

Dat het niet goed gaat met ons onderwijs zagen ze in leraarskamers van ver aankomen. Maar wat doe je eraan? Eerst moeten we erkennen dat iedereen boter op het hoofd heeft. Daarna plaatsen we best zes stoptekens voor enkele nefaste tendensen.

Philip Brinckman Lid directiecomité Sint-Jozefcollege Turnhout

Grote paniek aan de onderwijstop. Het gaat niet goed met het kennisniveau van ons onderwijs. Vorig jaar tuimelde het wiskundig inzicht van de kopgroep van de 14-jarigen al naar beneden, nu blijken de basisschoolkinderen onvoldoende te lezen en niet te begrijpen wat ze lezen.

©RV DOC

‘Het moest ervan komen’, is de reactie in leraarskamers. We zagen dit aankomen. Tijden veranderen en dus ook de samenleving en het onderwijs, maar de kwaliteit van het onderwijs is de jongste decennia vooral van binnenuit uitgehold. Misschien moeten we met zijn allen schuldig pleiten? De ideologische vooringenomenheid van sommige politici, de strijd om het monopolie tussen de onderwijsverstrekkers, het ongeduld van de consumptiemaatschappij tegenover de tijdrovende kennisopbouw, de pedagogische onmacht van ouders, waardoor de school vervelt van kenniscentrum tot zorg- en zelfs verzorgingscentrum, en zelfs het gebrek aan moed van de leraar en directies om hun stem te laten horen en zich te verzetten tegen vermeende academici met hun vele hypes. We hebben allemaal boter op ons hoofd.

In plaats van elkaar de zwarte piet toe te spelen, moeten we dringend de handen in elkaar slaan. Nee, de modernisering van het onderwijs zal niets aan de huidige malaise verhelpen, ook niet de druk om grotere scholengroepen te vormen, ook niet het geroep om meer inclusie, om meer differentiatie, om nog meer zorg of om het ‘vermasteren’ van het onderwijs. Zelfs meer geld zal het probleem niet oplossen.

Het schoolorkest heeft te lang de deuntjes van de waan van de dag gespeeld.

Om deze gordiaanse knoop te ontwarren is een andere visie nodig. Het kennis- en inzichtelijk onderwijs moet van onder het stof gehaald worden, waarbij de expert-leraar weer de maat aangeeft. Het schoolorkest heeft te lang de deuntjes van de waan van de dag gespeeld. Daarom deze oproep om enkele tendensen een halt toe te roepen.

1. Stop de sociologisering van het onderwijs. Streven naar gelijkwaardigheid is belangrijk, maar het onderwijs kan de maatschappelijke ongelijkheid niet in zijn eentje oplossen. Onderwijs gaat allereerst over leren, over vorming en ontwikkeling van jongeren. Leren moet op zichzelf belangrijk gevonden worden en mag geen lakei worden in dienst van een of andere meester, ook niet van de arbeidsmarkt. Het onderwijs kan de kloof tussen rijk en arm niet dichten, daar is maatschappelijke moed voor nodig.

2. Stop met alle opvoedingsproblemen naar de school door te schuiven. Opvoeding is belangrijk, maar de balans slaat door. Ouders en de maatschappij schuiven de hete aardappel van de wilstraining of attitudevorming door, soms uit onmacht, dikwijls uit tijdnood. Het kennisonderwijs is het kind van de rekening, omdat te weinig tijd overblijft om doelgericht kennis, vaardigheden en attitudes in te oefenen. Willen we echt een maatschappij die oeverloos palavert over het welbevinden van kinderen en hen daardoor vasthoudt in een wilsarme couveuse?

3. Stop de academisering van het onderwijs. Wetenschappelijk onderzoek is belangrijk, maar de jongste jaren word je als leraar overstelpt met allerlei zogenaamde wetenschappelijke inzichten die in de klas niet werken omdat je er de tijd of de (financiële) middelen niet voor krijgt. Differentiatie, werkplekleren of ander maatwerk werkt alleen in een kleine klasgroep. De realiteit is net omgekeerd: meer en meer moet de leerkracht in een heterogene klas op maat van de leerling werken, zonder dat hij daarvoor de middelen en de tijd krijgt.

4. Stop de vermarkting van het onderwijs. Kwaliteit is belangrijk, maar jammer genoeg verkleurt veel kwaliteitsbewaking tot rendementsdenken. Kwaliteit wordt dan synoniem voor efficiëntie, met een enorme bewijs- of planlast tot gevolg. Hierdoor ontstaat een cultuur van wantrouwen tussen het beleid en de veldwerkers.

5. Stop de vervlakking van het kennisonderwijs. Respect voor ieders mening is belangrijk, maar niet elke mening is even belangrijk of waarheidsgetrouw. Om juistheid op het spoor te komen, heb je net voldoende voorkennis nodig, noem het gerust schoolse kennis. Op school - waar anders? - moet je leren dat kennis hiërarchisch opgebouwd is: informatie is niet gelijk aan kennis, aan dieper weten en aan wijsheid of creatief denken. Deze tijdrovende weg bewandel je niet zonder inspanning, aandacht, feedback en herhaling. De steun en sturing van de expertleraar die de kinderen doelbewust traint, is van ‘lerensbelang’.

6. Stop de mentale overschatting van kinderen. Nieuwsgierigheid is belangrijk. Jongeren schuimen daarom massaal het internet af naar beelden en ervaringen die hen een dopamineshot geven. Dit gaat ten koste van aandacht, beweging en slaap. Moeten ze hiermee leren omgaan? Zeker, maar hoe leer je kleuters omgaan met snoep? Toch niet door ze uren zonder opvolging in een snoepwinkel te droppen? De digitale gulzigheid van jongeren (en sommige ouderen) moet afgeremd worden. Niet uit een paternalistische reflex, maar uit bezorgdheid voor de kennisbubbel waarin ze terechtkomen. Willen we echt een maatschappij die massaal de digitale verstrooiingseconomie promoot (ook in de klas) zonder oog voor de collateral damage van onze aandachtsspier?

Is onze maatschappij bereid zich de verworvenheden van het humanisme en de verlichting te laten ontfutselen? Moeten we ons niet dringend bezinnen over de plaats van het onderwijs, zeker nu de nieuwe topspeler artificiële intelligentie zich aan het opwarmen is? Zonder degelijk onderwijs is de kans groot dat we allemaal naar huis gespeeld worden.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content