opinie

Baas boven baas schept communautaire onrust

Masterstudent Rechten KU Leuven

Gelijkwaardigheid tussen de verschillende overheden met respect voor elkaars autonomie moet het uitgangspunt zijn en blijven bij een volgende staatshervorming.

Almaar meer stemmen gaan op om in het Belgische federalisme een hiërarchie der normen in te voeren. Peter Wouters, de topman van Beweging.net, (her)lanceerde het voorstel in deze krant en ook Egbert Lachaert (Open VLD) pleitte daar in de aanloop naar zijn verkiezing tot voorzitter al voor.

©rv

De essentie van het idee is simpel: de federale overheid en de deelstaten zouden voor een aantal zaken concurrerend bevoegd worden, waarbij een federale wet voorgaat op een deelstatelijk decreet. Voorstanders beweren dat dat blokkering zou vermijden omdat onderling gekibbel van deelstaten tot het verleden zou behoren. Het federale niveau kan namelijk aan de noodrem trekken en met een federale wet een einde maken aan de discussie.

Het is aanlokkelijk om daarom te pleiten voor concurrerende bevoegdheden met een hiërarchie der normen. Dat is echter een klassiek fausse bonne idée. We voeren zo’n hiërarchie beter niet in.

Het is ironisch dat precies de politici die voor communautaire rust pleiten, met een hiërarchie der normen een permanent conflict zouden organiseren tussen het federale en het deelstatelijke niveau.

Meer conflicten

In de eerste plaats zou zo’n hiërarchie in ons land eerder conflicten scheppen dan oplossen. Stel je voor dat een Vlaams decreet inzake pakweg mobiliteit wordt overruled door een federale wet. Dat de Vlaamse meerderheid dan door de federale, paritaire regering wordt gedwarsboomd, is niets minder dan een communautaire splijtbom. Het publieke debat gaat dan niet meer tussen voor- en tegenstanders van het Vlaamse decreet, maar tussen Vlaanderen en België.

Het federale niveau kan zich bij elke concurrerende bevoegdheid met een simpele meerderheid exclusief bevoegd maken en de autonomie van de deelstaten op dat gebied afnemen. Wie denkt dat dat in de huidige politieke constellatie geruisloos zal passeren, dwaalt. Het is ironisch dat precies de politici die voor communautaire rust pleiten met een hiërarchie der normen een permanent conflict zouden organiseren tussen het federale en het deelstatelijke niveau.

De essentie

  • De auteur: Quinten Jacobs, masterstudent publiekrecht aan de KU Leuven.
  • De kwestie: Concurrerende bevoegdheden installeren in het Belgische federalisme is een slecht idee.
  • Het voorstel: Gelijkwaardigheid tussen de verschillende overheden met respect voor elkaars autonomie moet het uitgangspunt zijn en blijven bij een volgende staatshervorming.

De onderliggende reden waarom zo’n hiërarchie in België als storend zal worden ervaren en niet in andere landen, is de centrifugale dynamiek van ons federalisme. De vergelijking met de centripetale federaties Duitsland en Zwitserland, waar zo’n hiërarchie der normen bestaat, gaat daarom niet op. Een hiërarchie in ons land is alsof een ouder zijn volwassen geworden kinderen plots weer wil bevelen te gehoorzamen.

Efficiëntie

Ten tweede creëert zo’n hiërarchie der normen ook niet meer efficiëntie. Het is behoorlijk absurd te veronderstellen dat de federale meerderheidspartijen - met momenteel zeven (!) partijen - sneller en efficiënter zouden beslissen dan de deelstatelijke, homogene regeringen. Het omgekeerde lijkt eerder waar: in moeilijke dossiers zoals de hervorming van de kinderbijslag werden in het verleden de knopen pas doorgehakt nadat ze overgedragen waren aan de deelstaten. De beperkte vormen van hiërarchie ten voordele van het federale niveau die er nu zijn, zoals het klimaatsubstitutiemechanisme, werken dan ook niet.

Als efficiëntie echt de inzet van de volgende staatshervorming wordt, behoudt men beter het huidige principe van de exclusieve bevoegdheden.

Bovendien impliceren concurrerende bevoegdheden (met hiërarchie) een duplicatie van regelgeving, wat in Duitsland en Australië al tot verwarring en kritiek heeft geleid. Als efficiëntie echt de inzet van de volgende staatshervorming wordt, behoudt men dus beter het huidige principe van de exclusieve bevoegdheden.

Exclusieve bevoegdheden sluiten overigens niet uit dat er wel degelijk samenwerking en overleg kan zijn tussen de deelstaten als een beleidsinitiatief van het ene gewest een significante impact heeft op het andere gewest. Samenwerkingsakkoorden en wederzijdse informatieverplichtingen zijn daarbij flexibeler dan een nogal botte hiërarchie der normen.

Transparantie

Ten derde wordt ons democratische bestel bij concurrerende bevoegdheden minder transparant. In een volwassen federale staat weet de kiezer welke regering hij voor het beleid van welk beleidsniveau kan belonen of afstraffen. Bij exclusieve bevoegdheden is dat relatief eenvoudig: de Vlaamse regering wordt beoordeeld op haar uitoefening van deelstatelijke bevoegdheden, de federale regering wordt geëvalueerd voor de federale bevoegdheden.

Een gebrek aan democratische transparantie is niet gezond voor een Belgisch federalisme waarin een kat haar jongen sowieso al niet terugvindt.

Bij concurrerende bevoegdheden wordt dat veel moeilijker. De federale en de deelstatelijke overheid hebben overlappende regelgeving over een bepaald domein, en plots zullen federale regeringspartijen zich in de verkiezingsstudio’s moeten verantwoorden waarom ze een omstreden Vlaams decreet wel of niet hebben overruled. Moet de kiezer dan de Vlaamse regeringspartijen of de federale regeringspartijen beoordelen voor de Vlaamse verkiezingen? Het gebrek aan zo’n democratische transparantie is niet gezond voor een Belgisch federalisme waarin een kat haar jongen sowieso al niet terugvindt.

Concurrerende bevoegdheden installeren in het Belgische federalisme is dus een slecht idee. De boutade dat er ‘eenheid van commando’ moet zijn, klinkt logisch, maar leidt in de Belgische context niet tot meer efficiëntie en transparantie.

Quinten Jacobs

Masterstudent publiekrecht aan de KU Leuven

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud