opinie

Belastingaangifte vloekt met digitale democratie

De digitalistering van de fiscaliteit is een nakende realiteit. De papieren aangifte dooft langzaam uit. De vraag die nog niet werd gesteld, is of dit geen democratisch deficit creëert. Het antwoord luidt ja, meer dan één zelfs.

Door Jan Tuerlinckx, advocaat-vennoot van Tuerlinckx Fiscale Advocaten

Het eerste democratisch deficit ligt in het gebruik van de Tax-on-web-module, die de overheid erg promoot. De papieren aangifte is een uitdovend systeem. Het staat in de sterren geschreven dat Tax-on-web binnen relatief korte tijd ook echt dwingend wordt. Deze modernisering dient zonder enige twijfel het overheidsbelang. Het vereenvoudigt en bespaart. Is de maatschappij zo ver gevorderd dat de overheid van elke burger mag verwachten dat hij zonder probleem een online aangifte kan indienen? U en ik vinden wellicht van wel, maar we moeten ons ervan bewust zijn dat de lezer van De Tijd niet representatief is voor de hele bevolking.

Doet de overheid er wel voldoende aan om werkelijk iedereen in zowel de feitelijke als de intellectuele mogelijkheid te stellen de aangifte online te verrichten? Mogen we ervan uitgaan dat iedereen over een geschikte computer beschikt? Daar blijft het bovendien niet bij. Voor iemand die niet vertrouwd is met digitale identificatie is alleen al het inloggen een hele calvarie.

©Emy Elleboog

Als de overheid op termijn dan toch het gebruik van Tax-on-web verplicht, rijst meteen de vraag of ze haar deel van de verantwoordelijkheid neemt. De vraag kan ook anders gesteld worden. Mocht Tax-on-web een commercieel product zijn, zou u zich dat aanschaffen? Het antwoord laat zich raden. Meer dan waarschijnlijk niet. Tax-on-web is in wezen niet veel meer dan een digitale brievenbus. Van een moderne overheid mag in het digitale tijdperk toch worden verwacht dat ze de digitale mogelijkheden aanwendt om het invullen van de aangifte te begeleiden en te vergemakkelijken. Niet zo bij Tax-on-web. Dat voorziet geen enkele tool of software daartoe.

Tax-on-web laat werkelijk iedere mogelijkheid liggen om een bijkomende service te bieden aan de burger. In tijden dat een belastingaangifte zonder zin voor overdrijving de moeilijkheidsgraad van een vijfsterrensudoku benadert, was dat een welkome tegemoetkoming geweest. Met de software is zoveel meer te doen inzake klantvriendelijkheid. Het eerste democratisch deficit luidt dan ook dat de overheid de burger wel verplicht digitaal mee te zijn, maar dat ze zichzelf daartoe helemaal niet verplicht.

In tijden dat een belastingaangifte zonder over- drijving de moeilijkheidsgraad van een vijfsterren-sudoku benadert, laat Tax-on-web heel wat hulpmogelijkheden liggen.

Daarnaast trappen we een openstaande deur in als we zeggen dat de fiscale wetgeving uitermate complex, of zelfs te complex, is geworden. De regels met uitzonderingen op uitzonderingen zijn schering en inslag. Wettelijke bepalingen die op verschillende manieren kunnen worden geïnterpreteerd of uitgelegd, zijn helaas gemeengoed. In deze wetenschap, rijst de vraag op welke wijze de personenbelasting wordt vastgesteld. Inderdaad, met een softwareprogramma. Maar welke interpretatie hebben de softwareprogrammeurs aangewend in hun broncode? Joost zal het weten. Daarover wordt niet gecommuniceerd. Het minste wat men kan verwachten in een digitale democratie is dat de broncode voor nazicht toegankelijk is. Dit zou blijk geven van een ‘digitale openbaarheid van bestuur’. Openbaarheid van bestuur is een essen-tieel recht, waarop iedere burger een beroep moet kunnen doen.

Legitimiteit

Men kan er moeilijk omheen dat de burgers het recht hebben om kennis te nemen van de software en de legitimiteit ervan te toetsen. Die software legt een belangrijke verplichting, het betalen van belasting, op. Maak de broncode ervan dus openbaar. Helaas gebeurt dat niet. Het enige geluk dat de belastingbetaler heeft, is dat nog één private firma is overgebleven die ook belastingsoftware ontwikkelt. Zo kan de overheidssoftware indirect worden getoetst. Gelukkig blijft die onderneming zich de inspanningen getroosten, maar kunnen we het erover eens zijn dat een digitale democratie beter verdient? Dat is het tweede democratisch deficit.

De overheid moet zich ervan bewust zijn dat tegenover haar recht om de nieuwe technologieën te integreren ook verplichtingen tegenover de burger staan. Dit is een warme oproep aan de beleidsmakers om stil te staan bij de nieuwe basisrechten die in de digitale maatschappij de burger toekomen. Alleen zo kan het huidige democratische bestel de basis vormen van de digitale democratie die er onvermijdelijk aankomt.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud