opinie

België moet met overtuigende investeringsprojecten komen

Om van het investeringsplan-Juncker een succes te maken moet Europa zijn barrières slechten en middelen zoeken, zonder de groei en de innovatie te hypothekeren. De lidstaten staan voor een grotere uitdaging. In plaats van de laden met verkiezingsbeloften leeg te maken, moeten ze in breed overleg investeringsprojecten klaarstomen die investeerders kunnen verleiden. Daar slaagt België nog niet in.

Door Patrick Dewael en Philippe De Backer, respectievelijk Kamerfractieleider en Europees Parlementslid voor Open VLD.

Sinds de financiële crisis kampt de EU met een pijnlijk laag investeringstempo, waardoor we een economische doorstart en duurzame groei op het spel zetten. De economie moet vertrouwen herwinnen. Begrotingsdiscipline en structurele hervormingen, een soepel monetair beleid en een heus investeringsplan van de Commissie Juncker moeten daarbij helpen. Maar enkele maanden na de lancering van het plan-Juncker is het duidelijk dat de EU en haar lidstaten uit hun pijp moeten komen om dat plan te doen slagen.

Patrick Dewael ©BELGA

Iedereen is het erover eens dat Europese landen moeten investeren in toekomstgerichte sectoren en belangrijke infrastructuurprojecten. Voorwaarde één is dan dat de EU de barrières in bijvoorbeeld de digitale, de kapitaal-, de transport- en de energiemarkt wegwerkt. Zo zijn er nog steeds 28 afzonderlijke telecommarkten - roaming, anyone?-, is investeren in het buitenland nog altijd te complex en staat de connectiviteit tussen landen op de energiemarkt nog steeds in de kinderschoenen. Als Europa niet voort integreert, willen bedrijven niet investeren in ons onaantrekkelijke lappendeken.

Daarnaast moet de Commissie voor haar investeringsplan een werkbaar kader en een financiering uittekenen. Het is in deze tijden positief dat Juncker naar middelen uit de bestaande begroting kijkt om het waarborgfonds van 21 miljard te vullen. Maar je kan geld niet simpelweg weghalen bij projecten die gelijkaardige toekomstgerichte doelen ondersteunen. Horizon2020 maakt baan- brekend onderzoek en innovatie mogelijk, terwijl Connecting Europe Facility grensoverschrijdende connectiviteit in energie, transport en digitale markten stimuleert. Juncker moet elders in de Europese begroting middelen zoeken. Met de niet-gebruikte euro’s uit goed gespekte cohesie- en landbouwfondsen komt hij al een heel eind.

Philippe De Backer ©Service photo du Parlement Européen

Voor elke euro die Europa op tafel legt, verwacht het 15 private euro’s los te weken. Voluntarisme is een deugd, maar er zal minstens evenveel overtuigingskracht nodig zijn. Duidelijke en gestroomlijnde regels inzake publiek-private samenwerkingen zijn onontbeerlijk. Investeerders verwachten van Europa ook rechtszekerheid, duidelijke criteria, een objectieve selectieprocedure en nauwe betrokkenheid. Alleen zo kunnen we verzekeren dat overheidsgeld en vooral privaat geld naar economische springplanken vloeit, in plaats van naar onhaalbare verkiezingsbeloften die witte olifanten worden.

Realiteitszin

Het is aan de lidstaten om projecten voor te leggen die een duidelijke meerwaarde bieden voor de samenleving, de economie en de investeerder. België slaagt daar nog niet in. De federale en de gewestregeringen hebben al hun laden leeggemaakt. 77 miljard euro aan projecten, of een kwart van het hele fonds! Opnieuw, voluntarisme is een deugd, maar realiteitszin evenzeer. Premier Charles Michel beloofde in de Kamer op onze expliciete vraag alvast een nieuwe lijst op te stellen met de deelstaten.

Een lijst opstellen met investeringsprojecten die de samenleving, de economie en investeerders een duidelijke meerwaarde bieden, is minstens even belangrijk als de begrotingscontrole.

Voor de toekomst van ons land is die oefening minstens even belangrijk als pakweg een begrotingscontrole. We vragen dan ook dat ze grondig gebeurt. Bottom-up. Onze regeringen moeten een lijst opstellen in intensieve dialoog met potentiële investeerders, met innovatieve bedrijven en onderzoekers, met burgerplatformen, met de parlementen, en uiteraard ook met elkaar, bij voorkeur in het Overlegcomité. Alleen zo kunnen we een goede lijst voorleggen met prioritaire, noodzakelijke, baanbrekende, maar ook goed voorbereide projecten met een draagvlak en een meerwaarde voor ons land, voor Europa en voor investeerders.

Die projecten kunnen concreet zijn, zoals de bouw van de Oosterweel, met eventuele overkapping, om onze logistieke ambities, vlotte mobiliteit en leefbaarheid te verzoenen. Ze kunnen internationaal zijn, zoals de uitbreiding van de energie-interconnecties. Zodat Britse wind onze oven kan warmen. Die projecten moeten vernieuwend zijn, want echte vooruitgang in wetenschap en innovatie, boek je per definitie met trial & error. Dat weet een land als België, dat ooit aanvoerder was van de Europese innovatie-index. Instituten als het VIB, IMEC, Vito en EnergyVille spelen vandaag mee aan de Europese en in de wereldtop. Laten we hen helpen hun uitvindingen sneller naar de markt en de consument te brengen.

Het plan-Juncker heeft potentieel om een hefboom te worden die onze Europese samenleving en economie zal verbinden, innoveren en doen groeien. Maar dan moeten Europa en de lidstaten eerst zelf aan de bak. There is no such thing as a free lunch.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud