opinie

Belgische erkenning van Palestina: een storm in een glas water?

De Belgische regeringspartijen verklaren dat ze Palestina ten gepaste tijde zullen erkennen. In een mum van tijd ging het nieuws rond dat België het voorbeeld van Zweden zou volgen. Al snel bleek dat een erg optimistische inschatting. Minister Reynders benadrukte dat de erkenning moet kaderen in onderhandelingen tussen Israël en Palestina. In tegenstelling tot Zweden, is België niet van plan om Palestina onmiddellijk te erkennen en zo het vredesproces een nieuwe dynamiek te geven. Een storm in een glas water dus?

Door Brigitte Herremans, medewerker Midden-Oosten bij Broederlijk Delen-Pax Christi Vlaanderen

Brigitte Herremans ©rv

Het is positief dat de Belgische regering de tweestatenoplossing wil redden en bereid is Palestina te erkennen. Maar dit kan bezwaarlijk moedig beleid genoemd worden. Al in 1947 beslisten de Verenigde Naties dat er een Palestijnse en een Joodse staat moet komen op het grondgebied van historisch Palestina. Israël werd na een oorlog in 1948 opgericht en al snel door de internationale gemeenschap erkend. De Palestijnen daarentegen wachten nog steeds op hun staat.

Het Oslo-vredesproces moest een einde stellen aan dit wachten. Onder het motto ‘land voor vrede’ ging Israël akkoord met de oprichting van een Palestijnse staat op de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook. Meer dan 20 jaar later is een Palestijnse staat verder weg dan ooit. Dit ten gevolge van de nederzettingen, de Muur, de scheiding tussen Gaza en de Westoever, de annexatie van Oost-Jeruzalem en last but not least Israëls onwil om de bezetting te stoppen.

Symbolisch

Is het dan verwonderlijk dat de Palestijnen het wachten moe zijn en niet meer geloven dat Israël een partner voor vrede is? In 2011 gooide de PLO het daarom over een andere boeg. Sindsdien ijvert het Palestijnse leiderschap voor de erkenning van Palestina, binnen de Verenigde Naties maar ook bilateraal. Een aantal Latijns-Amerikaanse landen haastte zich om Palestina te erkennen. De teller staat ondertussen al op 135 landen. Natuurlijk beseffen ze dat dit vooral een symbolische stap is. De erkenning door Israël is immers de enige die er echt toe doet.

De afgelopen jaren is er iets veranderd. Meer en meer Europese landen vinden dat de maat vol is en dat Israël kleur moet bekennen: wil het een Palestijnse staat of niet?
Brigitte Herremans

Zoals Israël en zijn medestanders terecht opmerken, kan de Palestijnse staat enkel het resultaat zijn van een onderling akkoord via onderhandelingen. De Palestijnen erkenden Israël in 1993, bij monde van de PLO, maar omgekeerd gebeurde dit nog niet. ‘Land voor vrede’ ten spijt, streefde Israël ‘land en vrede’ na. Waarom zou het ook anders? De VS en de Europese Unie legden opeenvolgende Israëlische regeringen geen strobreed in de weg, al veroordeelden ze de nederzettingen. Ook al voerden de VS en de EU in het verleden geen pro-actief beleid om de nederzettingenbouw tegen te gaan, toch blijven ze erbij dat Israël geen aanspraak kan maken op de bezette Palestijnse gebieden. Ze baseren zich op het internationaal recht en het verbod op de annexatie van land door middel van geweld. Concreet veroordelen de leden van de Veiligheidsraad (resolutie 478) bijvoorbeeld Israëls annexatie van Oost-Jeruzalem en beschouwen ze die als ongeldig.

Status quo

De afgelopen jaren is er iets veranderd. Meer en meer Europese landen vinden dat de maat vol is en dat Israël kleur moet bekennen: wil het een Palestijnse staat of niet? De status quo waarbij de EU een groot deel van de Palestijnse staatsopbouw betaalt, naast de kosten van de bezetting, is onhoudbaar. In Europese kringen leeft het gevoel dat Israël een halt moet worden toegeroepen, vooraleer het de Palestijnse staat én zo ook zichzelf in de vernieling rijdt. Zweden expliciteerde dit gevoel van onbehagen op een elegante manier: door de erkenning van Palestina als drukkingsmiddel in te zetten, om zo het vastgelopen vredesproces te revitaliseren, de Palestijnen meer politiek gewicht te verlenen en hoop te geven. Hoop dat Israëli’s en Palestijnen niet gedoemd zijn om eeuwig vijanden te zijn.

Zweden expliciteerde dit gevoel van onbehagen op een elegante manier: door de erkenning van Palestina als drukkingsmiddel in te zetten. Het is een gemiste kans voor België dat het zich niet in deze tendens inschrijft
Brigitte Herremans

Het is een gemiste kans voor België dat het zich niet in deze tendens inschrijft. Dat de regering, de kunst van het Belgische surrealisme getrouw, een resolutie opstelt die volgende week in de Kamer zal worden besproken en waarin de Kamer de regering vraagt om Palestina ten gepaste tijde te erkennen. Ten gepaste tijde? Alle gemiste kansen indachtig, had die erkenning eerder gisteren dan vandaag moeten plaatsvinden.

Had de Belgische regering zich afzijdig moeten houden als ze de moed ontbeert om de erkenning als drukkingsmiddel te gebruiken? Neen, ze moet gebruik maken van alle media-aandacht om een essentieel punt te maken. Druk op beide partijen is nodig. Israël moet zijn verzet tegen de Palestijnse staat opgeven en de Palestijnen hun basisrechten verlenen. Het Palestijnse leiderschap moet zijn verantwoordelijkheden opnemen. Concreet zou de Palestijnse Autoriteit opnieuw de controle over de grensovergang Rafah tussen de Gazastrook en Egypte moeten overnemen. Fatah en Hamas moeten de strijdbijl daadwerkelijk begraven en bewijzen dat ze tot verzoening en eenheid in staat zijn. Zolang die voorwaarden niet vervuld zijn, komt er niets in huis van een Palestijnse staat.

 

Lees verder

Gesponsorde inhoud