opinie

Byebye Boris, of toch bijna

Hoogleraar Engelse taalkunde en Britse cultuur aan de KU Leuven Campus Brussel

Ook helemaal in het nauw gedreven is de Britse premier Johnson schijnbaar onbewogen blijven zitten in Downing Street, en wil hij zijn zwanenzang tot het einde rekken. Tijdens zijn carrière heeft hij regels en principes naast zich neergelegd en in zijn eindspel is dat niet anders. Maar de toekomst brengt niet noodzakelijk beterschap.

Echt populair is Boris Johnson nooit geweest in zijn eigen partij. Bij zijn verkiezing als partijleider werd gerekend op een schokeffect na de meer traditionele aanpak van het brexitdossier door Theresa May. Dat werkte. Hij haalde een brexitakkoord binnen en schreef meteen verkiezingen uit. Die brachten hem van een minderheidsregering naar een regering met de grootste meerderheid sinds Margaret Thatcher.

Johnson heeft blijk gegeven van een manifest gebrek aan politieke feeling, aan managementkwaliteiten en aan de gave om zich te omringen met een entourage die zulke gebreken kan compenseren.

Dat is ook waarom Johnson zo lang ongestoord kon aanblijven. Veel nieuwe parlementsleden hadden hun zetel aan zijn succes te danken. Bovendien had hij een grondige schoonmaak in de partij gehouden door zwaargewichten uit te rangeren en te vervangen door politici van tweede garnituur die altijd aan hem schatplichtig zouden blijven.

Verkiezingen winnen is een zaak, de macht verstandig benutten is een heel andere. Johnson heeft een consistent parcours gelopen dat blijk geeft van een manifest gebrek aan politieke feeling, aan managementkwaliteiten en aan de gave om zich te omringen met een entourage die zulke gebreken kan compenseren.

Als premier hield hij zijn imago van vrijbuiter aan, maar dat leverde vooral chaos en wantrouwen op. Iedereen die rond hem cirkelde, kreeg het idee dat de regels niet voor hen golden. Zijn betrokkenheid bij behoorlijk wat dubieuze zaken doet vermoeden dat hij morele oordelen over anderen niet schuwde vanuit een libertair principe maar eerder om te vermijden dat hij zelf aan ethische normen onderworpen zou worden.

De essentie

  • De auteur
  • Lieven Buysse is hoogleraar Engelse taalkunde en Britse cultuur aan de KU Leuven Campus Brussel.
  • De kwestie
  • Boris Johnson vertrekt als premier van het Verenigd Koninkrijk, maar blijft wellicht aan tot oktober.
  • Het voorstel
  • De opvolger van Johnson zal vooral een andere bestuursstijl moeten hanteren, en het is niet zeker dat het land er beter aan toe zal zijn.

Ook internationaal toonde Johnson zich een onbetrouwbare regeringsleider die afspraken en wetten negeert. Het brexitakkoord met de EU, dat hij zelf triomfantelijk had gesloten, blies hij ongegeneerd op. Nadat het Europees Hof voor de Rechten van de Mens het Britse plan gedwarsboomd had om asielzoekers naar Rwanda over te vliegen, stoomde Johnson een alternatief klaar voor de ‘on-Britse’ Europese Verklaring van de Rechten van de Mens. Die was nochtans door Britse juristen opgesteld, maar vooral trok hij zich zo nog verder terug uit de internationale consensus. Bizar voor iemand die het land zijn leidersplaats op het wereldtoneel wou teruggeven.

Cynisme

In zijn afscheidstoespraak schoof Johnson eens te meer alle verantwoordelijkheid van zich af. Niet zijn eigen handelen heeft zijn neergang bewerkstelligd, maar het laffe gedrag van zijn partijgenoten die als een kudde een paar individuen zijn gaan volgen om hem neer te halen. Het is het cynisme ten top: precies het geduld van zijn parlementsfractie heeft hem zo lang in het zadel gehouden. Hij insinueert meteen ook dat hij zich nog wel gesteund voelt door de kiezer, wat hoogst twijfelachtig is als we mogen voortgaan op de Britse pers, doorgaans een uitstekende barometer.

In zijn afscheidstoespraak schoof Johnson eens te meer alle verantwoordelijkheid van zich af.

Het verklaart deels waarom Johnson niet meteen opstapt als premier. Het is gebruikelijk dat de ontslagnemende premier de lopende zaken behartigt tot een opvolger aantreedt. Alleen vallen premiers doorgaans over beleidskwesties, terwijl hier de persoon die het ambt vervult het probleem is. De garantie op continuïteit, stabiliteit en sereniteit die zo’n overgangsperiode moet kenmerken, kan Johnson niet bieden. Het zal zijn partijgenoten ertoe aanzetten om - als hij echt niet wil wijken vooraleer een opvolger verkozen werd - de procedure voor de leiderschapsverkiezingen bijzonder snel in gang te zetten.

Haviksblik

Johnsons opvolger zal niet alleen snel werk moeten maken van enkele dringende dossiers zoals de koopkrachtcrisis, maar zal vooral een andere bestuursstijl moeten hanteren. Ooit werd de onconventionele stijl van Johnson als verfrissend gezien, maar in de praktijk faalde die hopeloos.

Het hele brexitdebat had het vertrouwen van de Britse publieke opinie in de politiek al zwaar geschaad, en het mandaat van Johnson heeft daar - in de bakermat van de moderne parlementaire democratie - vraagtekens aan toegevoegd over de integriteit van politici. Alleen een fundamenteel andere houding van zijn opvolger kan die wonden herstellen.

Velen zullen hun kans wagen, en nogal wat potentiële kandidaten hebben het beleid van Johnson tot voor kort onvoorwaardelijk gesteund of het mee vormgegeven. Een ommezwaai in stijl hoeft dus geen ommezwaai in beleid te betekenen. Als een eurovijandige kandidaat het haalt en als die met dezelfde haviksblik naar mensenrechten kijkt, zal het land (net zomin als zijn partners) er niet noodzakelijk beter aan toe zijn. De Conservatieve partij draagt een zware verantwoordelijkheid om in de komende weken niet alleen haar eigen belang te dienen maar ook dat van de hele natie.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud