opinie

Calamiteiten zijn niet langer uit te sluiten.

In het nieuwe geopolitiek krachtenveld dat met Trump ontstaat, is de ‘window of opportunity’ voor de Europese landen beperkt. Maar laat ons hem van antwoord dienen in dossiers waarin we het niet eens zijn.

David Criekemans docent buitenlands beleid

©wim kempenaers (wkb)

Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog formuleerde de Nederlands-Amerikaanse geopolitieke denker Nicholas Spykman de Rimland-theorie. In plaats van zich opnieuw te isoleren van de buitenwereld, zoals na 1918, diende Washington zich actief te engageren in de buitenlandse politiek. Spykman verwachtte dat de VS relatief ongehavend uit de Tweede Wereldoorlog zouden herrijzen. Dat vormde een unieke kans om het internationale systeem te hertekenen naar Amerikaans beeld en gelijkenis, waarden en normen.

Het betekende wel dat Washington zich actief moest gaan bemoeien met het Rimland, een gigantische zone in Eurazië die het huidige Europa, het Midden-Oosten en de kustgebieden van Azië omvat. De VS moesten zich daar economisch, politiek en militair engageren om zo de Amerikaanse belangen te maximaliseren.

In 1942 had Spykman al door dat de toenmalige vijanden, Duitsland en Japan, de belangrijkste Amerikaanse alliantiepartners voor de nieuwe orde zouden worden. Dé uitdager bleef naar zijn mening het Heartland, dat min of meer samenviel met het territorium van de toenmalige Sovjet-Unie.

Er bestaat een merkwaardige continuïteit in het Amerikaans buitenlands beleid sinds 1945, vooral tegenover Europa. Toegang tot het Amerikaanse Marshallgeld werd door Washington als pasmunt gebruikt om de suprematie van de nieuwe NAVO vanaf 1949 in veiligheidspolitieke dossiers door te drukken. Washington kon zo zijn internationale machtspositie consolideren, institutionaliseren en verder uitbouwen.

Hoewel sommigen tijdens de Koude Oorlog terechte vragen stelden over hoever dat ‘Amerikaanse veiligheidsengagement’ eigenlijk reikte, kon Washington zichzelf toch steeds voorstellen als de ‘leider van de vrije wereld’. De CentraalEuropese volkeren bevrijdden zichzelf in 1989-1991 van het communisme, maar gaven toch veel krediet aan de VS. Een verzwakt Rusland na 1991 was een kans voor Washington om zijn machtspositie uit te breiden. Dat vormt meteen ook de verklaring voor het ‘roll back’-beleid dat Vladimir Poetin nu al een tiental jaren voert.

Grabbelton

Maar eigenlijk zijn de VS het afgelopen decennium zelf al bezig aan een vorm van terugtrekking en op-zichzelf-terugplooien. De NAVO verwaterde tot een grabbelton voor ad-hoc ‘coalitions of the willing’. Economisch was ook Obama al druk in de weer om multinationals buiten de VS met een minder fiscaal gunstig regime te confronteren.

Geschiedenis verloopt soms met horten en stoten. Trump herinnert aan het isolationisme en het protectionisme van de jaren dertig. Wereldpolitiek als een zero sum-game, met enkel winnaars en verliezers. Trumps misprijzen voor de euro als een vehikel voor Duitsland om zijn producten ‘onder de prijs’ aan het buitenland te verkopen, suggereert een openlijke economische strijd tussen de VS en Europa.

Zijn de zeventig jaar oude partners opnieuw economische concurrenten geworden? En wat brengt ons de nakende strategische toenadering tussen Washington en Moskou? Zullen de Centraal-Europese landen, die recentelijk niet zo geloofden in ‘solidariteit’ in het migratiedossier, op tijd beseffen dat de geopolitieke krachtsverhoudingen nu heel anders liggen?

Bij ongewijzigd beleid moet onze conclusie nuchter zijn, maar het is er één met zeer verregaande gevolgen. We staan er voortaan alleen voor. Of zoals de Eurasia Group onlangs betoogde: we bevinden ons voor het eerst sinds 1945 in een ‘geopolitieke recessie’. De langzame Amerikaanse ‘terugtrekking’ uit de wereld heeft een electorale schoktherapie gekregen. De geopolitieke orde die sinds 1945 werd uitgebouwd, wordt ter discussie gesteld.

De regels van het spel lijken ook te veranderen nu de Amerikaanse hegemoon wild om zich heen trapt. Interdependentie, open grenzen, globalisering werden door een deel van het Amerikaanse electoraat opzijgeschoven. De brexit leidt dan weer tot een verdere verbrokkeling en verwarring in Europa. Een FN-overwinning in Frankrijk kan het einde inluiden van de EU zoals we die vandaag kennen.

De EU vormt vandaag samen met onder meer Canada en Japan een kerngroep van landen die de internationale waarden en de multilaterale instituties die ze schragen, moeten verdedigen. Er moet dringend een ‘sociale dimensie van de globalisering’ worden uitgebouwd, Europees en internationaal, als politiek antwoord op de verzuchtingen van een deel van het electoraat dat niet meer mee is.

Europa’s veiligheidsgarantiemacht, Washington, lijkt plots niet meer beschikbaar. Rusland probeert dan weer die rol deels op zich te nemen in bijvoorbeeld het Midden-Oosten. De EU, of haar ‘opvolger’, moet daarom versneld de Europese defensiecapaciteiten integreren en opnieuw uitbouwen.

Er bestaat slechts een beperkte ‘window of opportunity’ voor de Europese landen in dit nieuwe geopolitieke krachtenveld. Laten we Trump van antwoord dienen in die dossiers waar we het oneens zijn. Laten we met China, Mexico en andere landen via sociaal gecorrigeerde handelsakkoorden samenwerking realiseren. Maar laten we niet naïef zijn. Calamiteiten zijn niet langer uit te sluiten. Een VS-China confrontatie? Rusland dat de machtsverhoudingen ‘uittest’? Alleen een verenigd Europa kan verhinderen dat we lijdend voorwerp worden.

David Criekemans doceert buitenlands beleid aan de Universiteit Antwerpen, internationale politiek en veiligheid aan het University College Roosevelt in Middelburg engeopolitiek aan het Geneva Instituteof Geopolitical Studies.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud