opinie

CD&V schept geen duidelijkheid met voorzittersverkiezingen

Met nog twee kandidaten voor het voorzitterschap van CD&V is de keuze voor de partijleden nog steeds niet duidelijker geworden. De overblijvende kandidaten blijven hun karretje aan de N-VA hangen en daarmee drijft de partij verder af van haar waarden.

Zeven kandidaten hebben zich in de voorzittersverkiezingen van CD&V geworpen. Naargelang het perspectief werd gewag gemaakt van ‘The Magnificent Seven’ of de ‘zeven dwergen’. Na de eerste ronde blijven twee kandidaten in de running. Een heldere keuze hebben de partijleden nog steeds niet in een kiesstrijd waarin het met een vergrootglas zoeken was naar inhoudelijke verschillen tussen de kandidaten. Joachim Coens en Sammy Mahdi pleiten allebei voor een herwaardering van de C en de personalistische waarden die de partij vooropstelt. Nochtans blijven beide kandidaten een voorkeur uitspreken voor een coalitievorming met de N-VA. Daarmee houden ze vast aan een strategie die de partij vooralsnog steeds verder van die waarden laat afdrijven.

Toen CD&V in 2014 in de Zweedse coalities stapte, pareerde voorzitter Wouter Beke de kritiek. ‘Geen ruk naar rechts, maar de blik vooruit’, was zijn antwoord op de bekommernissen over de indexsprong, de besparingen op subsidies voor het middenveld en andere controversiële maatregelen. Ondertussen zijn we vijf jaar verder en kunnen we die vooruitziendheid evalueren. Bij de verkiezingen bleek het oranje schip op zinken te staan. Bovendien zijn de christendemocraten wel degelijk naar rechts afgedreven. Het nieuwe Vlaamse regeerakkoord staat - veel meer dan het vorige - haaks op de christendemocratische waarden die de kandidaat-voorzitters zo enthousiast omarmen.

Het is vreemd is dat de voorzittersverkiezingen vooralsnog geen duidelijke optie voortbrengen om het karretje los te haken van de N-VA.

De kandidaten hebben de mond vol van het personalistische credo ‘Elke mens telt’. Dat valt moeilijk te rijmen met het beleid van de regering-Jambon. Nieuwkomers tellen daarin niet mee. Het zijn met name de kwetsbaarsten onder hen, kinderen en zorgbehoevenden, die het regeerakkoord jarenlang uitsluit van de toegang tot kinderbijslag en zorgbudgetten. De solidariteit is niet alleen tegenover nieuwkomers ver te zoeken. De verplichte gemeenschapsdienst voor langdurig werklozen ligt opnieuw op tafel. Nochtans vinden werklozen daarmee niet sneller een nieuwe job. Meer nog, jobs dreigen verloren te gaan door de gratis uitvoering van taken door uitkeringsgerechtigden.

Ook het middenveld krijgt heel wat lippendienst van de kandidaten. Niet alleen Beweging.net, Unizo en de Boerenbond, maar ook het bredere middenveld willen ze geregeld uitnodigen op de koffie. Heel wat middenveldorganisaties zullen die koffie kunnen gebruiken als de Vlaamse regering hen heeft drooggelegd. Het christendemocratische subsidiariteitsbeginsel geeft de diversiteit aan gemeenschappen in de samenleving ruimte en ondersteuning, tenzij die gemeenschappen de verbondenheid in de bredere samenleving bedreigen. Het nieuwe sociaal-culturele beleid draait die redenering om en wil verenigingen enkel nog subsidiëren als die verenigingen in functie staan van de bovenliggende samenleving. Ook de drastische besparing bij SAM, het steunpunt voor sociaal werk, staat erg veraf van het christendemocratische discours.

Ten slotte hechten de kandidaten ook aan het rentmeesterschap, de christendemocratische noemer voor een verantwoordelijk en duurzaam beheer van de ons toevertrouwde leefomgeving. Mahdi stelde in dat verband dat de opkomst van Groen een smet op het blazoen van de christendemocraten is. CD&V had de aanpak van de klimaatproblematiek moeten claimen. Nochtans stapten ze allemaal alweer mee in een Vlaams regeerakkoord dat op dat vlak ruim onvoldoende concrete ambitie toont.

Het blijft met een vergrootglas zoeken naar inhoudelijke verschillen tussen de kandidaten.

De kandidaat-voorzitters houden met recht en reden vast aan de klassieke christendemocratische waarden. We leven, ten eerste, in een tijdperk waarin we voortdurend botsen op allerlei problemen die voortkomen uit individualisme en materialisme. Het personalisme, dat de menselijke samenhorigheid en spiritualiteit benadrukt, vormt daarop een duidelijk antwoord. De angst voor stijgende diversiteit in de samenleving vindt, ten tweede, ook een tegengif in een denkkader dat de uniekheid van elke mens en de mogelijkheid van veellagige verbondenheid vooropstelt. De klimaatcrisis, ten slotte, roept om de pragmatische benadering van het rentmeesterschap, dat resultaten door gedragen oplossingen vooropstelt, eerder dan ideologische idee-fixen. Relevant is de christendemocratie dus zeker wel.

Daarom is het des te vreemder dat de voorzittersverkiezingen vooralsnog geen duidelijke optie voortbrengen om het karretje los te haken van de N-VA. Termen als personalisme en rentmeesterschap klinken vandaag nog holler dan vijf jaar geleden, althans als ze door CD&V’ers in de mond worden genomen. De keuze om zich vast te klampen aan de N-VA om dan af en toe het meer sociale (of minder asociale) blok aan het been van de regering te zijn, heeft de geloofwaardigheid van de christendemocratie geen goed gedaan. Toch propageren de twee overgebleven kandidaat-voorzitters die strategie. Ze willen het Vlaamse regeerakkoord ‘en cours de route’ bijsturen en verkiezen in een federale regering te stappen mét de N-VA. Tenzij een van de twee toch nog besluit het eens over een andere boeg te gooien.

Lees verder

Tijd Connect

Gesponsorde berichten

n