opinie

De kernuitstap is een onverantwoorde waardevernietiging

Ex-directeur van energiewaakhond CREG

In het debat over de kernuitstap is de intellectuele eerlijkheid ver zoek. De kostprijs van de sluiting van de kerncentrales is veel groter dan sommigen willen doen geloven.

Onder de paraplu van de FOD Economie dicteert de stroomnetbeheerder Elia hoeveel bijkomende gascentrales gebouwd worden, en waar. De extra CO2-uitstoot zal schommelen tussen 6 tot 9 miljoen ton per jaar, met daarnaast bijkomende luchtvervuiling.

Volgens een Elia-studie uit 2017 blijft na de bouw van 3,6 GW aan gascentrales nog een structurele importbehoefte van 25 procent van de totale elektriciteitsbehoefte. In de Kamer werd een resolutie goedgekeurd die de investeringssubsidies aftopt op 350 miljoen euro per jaar. Zodoende zal elke productietechnologie in de productiemix zijn eigen subsidiemanna bezitten.

In het Nederlandse Borssele, op enkele kilometers van Doel, blijft een kerncentrale, met een tot 60 jaar verlengde levensduur, tot 2033 draaien. De uitbater van Borsele maakte onlangs bekend twee bijkomende reactoren te willen bouwen.

Dat is in een notendop de toestand van onze energiemix anno 2025, met een verwijzing naar Nederland om het verschil in effectiviteit van het klimaatbeleid aan te tonen.

Uitstootrechten

De komst van extra gascentrales zal de vraag naar CO2-uitstootrechten in het Europese emissiehandelsysteem ETS verhogen, waardoor die rechten duurder worden. Dat leidt tot collateral damage bij andere gegadigden, zoals de staalreus ArcelorMittal. Het zal de verhuizing naar het buitenland van dergelijke industrieën versnellen.

Vermeende profeten houden de mythe in stand dat via het ETS-systeem de nieuwe gascentrales meer vervuilende steenkoolcentrales zullen dwingen te sluiten. De afgeschreven kerncentrales zijn per MWh echter de properste en goedkoopste productietechnologie. Het valt niet in te zien hoe vuilere en duurdere gascentrales iets zouden bewerkstelligen dat de kerncentrales niet kunnen. Het roept de vraag op naar wat intellectuele eerlijkheid in het debat.

Verleng de levensduur van de kerncentrales zolang de nucleaire waakhond FANC de uitbating veilig acht, en hef een redelijke taks op de nucleaire superwinsten.

Een studie van Energyville zou aantonen dat het langer openhouden of sluiten van twee kerncentrales (2GW) slechts een prijsverschil van 100 tot 150 miljoen euro per jaar veroorzaakt. De voorspellingswaarde van dergelijke studies is echter nagenoeg nihil. Ze gaan uit van een hypothetische vraag- en aanbodcurve over een periode van 20 jaar en langer, en moeten waardeparameters invullen voor de toekomstige productiemiddelen (zon, wind, gas, import en export, …). Ze moeten dat ook doen voor toekomstige vraagsituaties (koude versus zachte winter, graad van elektrificatie, piek- en dalvragen, …). Dat alles moeten ze aanvullen met cijfers over gasprijzen, prijzen voor CO2-emissierechten, import- en exportprijzen, uitgesmeerd over 20 jaar en langer.

Realitycheck

Je hoeft geen Nobelprijswinnaar economie te zijn om de resultaten van dergelijke studies in de een of andere richting te beïnvloeden. Een eenvoudige realitycheck kan erin bestaan de groothandelsprijzen van de winter 2018/2019, toen slechts één kerncentrale draaide, en die 70 euro per MWh bedroegen, te vergelijken met normale groothandelsprijzen, die schommelen rond 50 euro. Wetende dat de jaarproductie momenteel schommelt rond 89,9 TWh geeft dat potentiële meerkosten van maar liefst 1,8 miljard euro per jaar.

Het zou veel wijzer zijn de kosten en opbrengsten van de energietransitie toch enigszins te optimaliseren. Verleng de levensduur van de kerncentrales zolang de nucleaire waakhond FANC de uitbating veilig acht, en hef een redelijke taks op de nucleaire superwinsten die kan dienen voor de versnelde uitbouw van hernieuwbare energie. Die superwinsten zullen er ook nog zijn na de noodzakelijke investeringen voor de levensduurverlenging.

Groene investeringen zoals batterijopslag, slimme meters, warmtepompen en vraagsturing hebben misschien een positieve weerslag op de bevoorradingszekerheid van enkele honderden MW, maar de kerncentrales zijn samen goed voor 6.000 MW.

CRM

Om de wind en zonne-energie aan te vullen hebben we inderdaad gascentrales nodig. Die zijn er al, en de vervanging of niet-vervanging van die oudere gascentrales is een zorg voor de uitbaters, niet voor de politici.

Maar, beweren sommigen, die hoge investeringen zijn toch geen kosten? Dat klopt, maar de afschrijvingen van die investeringen zijn wel kosten, en die belasten de rentabiliteit van de operaties, Trouwens, net die afschrijvingen moeten worden gesubsidieerd via het uitgekiende capaciteitsremuneratiemechanisme (CRM).

De enige manoeuvreerruimte van de regering is de btw-aanslagvoet. Dat zal echter zwaar doorwegen in de begroting, naast de vergoeding voor het CRM-mechanisme.

Nog anderen vergelijken zelfs de kostprijs van een zonnecentrale met die van een nieuwe kerncentrale. Ze vermelden echter niet dat zelfs in de zonnigste streken op aarde ongeveer 40 procent van de tijd zonne-energie voorhanden is, en dat dus voor de resterende uren een back-upsysteem moet worden gebouwd.

Om iedereen gerust te stellen belooft de federale regering de evolutie van de factuur in het oog te houden en in te grijpen als die de hoogte ingaat. Maar ingrijpen in wat? De enige manoeuvreerruimte van de regering is de btw-aanslagvoet. Dat zal zwaar doorwegen in de begroting, naast de vergoeding voor het CRM-mechanisme.

Guido Camps

Voormalig directeur van de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas (CREG)

Lees verder

Gesponsorde inhoud