De machtshonger van Big Tech

Democratische kandidate Elizabeth Warren op campagneposter 'Break up big tech' ©Photo News

Hoewel we de schadelijke effecten van internetplatforms nog maar beginnen te begrijpen, stelt Big Tech ons weldra voor een nog veel fundamentelere dreiging. Nu de democratische instellingen al zwak zijn, bieden Google, Facebook, Amazon en Microsoft hun eigen diensten als alternatief aan.

Twintig jaar geleden hadden de Amerikaanse technologiebedrijven weinig interactie met de federale overheid, tenzij om belastingen te betalen. Technici creëerden producten die klanten macht gaven, en de overheid juichte dat toe.

Na de terreuraanvallen van 11 september 2001 veranderden de VS hun houding tegenover surveillance. De Amerikaanse inlichtingendiensten werkten samen met digitale platforms om enorme hoeveelheden persoonsgegevens te verzamelen die konden dienen om toekomstige aanvallen te voorkomen. Bovendien werden Google, Facebook en andere platforms vanaf 2008 onmisbare instrumenten voor politici. De nauwe relaties tussen de techsector en de regering van president Barack Obama beschermden de sector tegen pottenkijkers, en wat Shoshana Zuboff van Harvard Business School het ‘surveillance-kapitalisme’ noemt, werd geperfectioneerd.

Het surveillancekapitalisme manipuleert het menselijk gedrag. De beoefenaars zetten ervaringen om in data, creëren digitale voodoopoppen (dossiers) van elk individu en gebruiken die virtuele representaties dan om gedragsvoorspellende producten te maken en te verkopen.

Deze bedrijven domineren nu onze levens, dikwijls op manieren die wij niet eens beseffen.

Die producten hebben de marketing en de reclamewereld veranderd, door de demografische targeting aan te vullen met specifieke voorspellingen over iedere potentiële klant. De toonaangevende surveillancekapitalisten - Google, Facebook, Amazon en Microsoft - gebruiken de data die zij verzamelen ook om zoekresultaten te manipuleren, de beschikbare keuzes voor consumenten te beperken en de kans te vergroten dat ze zich zoals voorspeld zullen gedragen. Zoals Zuboff betoogt, bedreigt het surveillancekapitalisme zowel onze autonomie als de open samenleving.

Het eerste bewijs dat internetplatforms een heuse impact op hele landen en niet alleen op individuen kunnen hebben kwam in 2016, toen onlinedesinformatiecampagnes een prominente rol speelden bij het brexitreferendum en bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen.

Als Facebook zijn beleid verandert om valse advertenties toe te laten tijdens politieke campagnes, lokt het in wezen verdere aanvallen uit op onze verkiezingen - en dus op de democratie.

Eerste golf

Erger nog: de open samenlevingen moeten nog steeds grip zien te krijgen op de eerste golf van schadelijke effecten van de internetplatforms. De inventiefste initiatieven, de General Data Protection Regulation van de Europese Unie en de Consumer Privacy Act van Californië, pakken slechts een deel van het probleem aan. Beleidsmakers begrijpen amper hoe het surveillancekapitalisme werkt. Er is zelfs geen consensus over het inzicht dat dit nieuwe economische model een bedreiging is, en nog minder is er sprake van een plan om de schadelijke effecten te neutraliseren.

Intussen zitten Google, Facebook, Amazon en Microsoft al in de volgende fase. Ze kunnen nu initiatieven lanceren om diensten te vervangen die van oudsher door de overheid werden aangeboden. Ze zijn niet de eerste - denk aan privégevangenissen - maar ze hebben grotere ambities en veel meer middelen.

Controle

Elk platform heeft een duidelijke doelstelling. Sommige zijn expliciet, zoals Google dat ‘de informatie in de wereld wil organiseren’ of Facebook dat de wereld bijeen wil brengen in één enkel netwerk. Andere doelen kunnen worden afgeleid uit het gedrag. Amazon wil duidelijk de ruggengraat van de economie worden en Microsoft de technologiepartner van bedrijven en overheden. De onuitgesproken doelstelling is telkens controle. Niet voldaan met de voordelen van het surveillancekapitalisme, die worden beperkt door de omvang van de advertentiemarkt, begeven de platformbedrijven zich agressief op nieuwe markten.

Sidewalk Labs, een dochteronderneming van Alphabet, het moederbedrijf van Google, biedt aan om de dienstverlening van lokale overheden over te nemen, in ruil voor controle over de publieke data en besluitvormingsmacht. Bedoeld of onbedoeld kan dat bedrijfsmodel persoonlijke keuzes geleidelijk aan irrelevant maken en de lokale democratie vervangen door algoritmen.

Op dezelfde manier probeert Facebook met de geplande lancering van zijn cryptomunt libra te concurreren met reservemunten als de dollar en de euro. Hoewel de libra aanvankelijk de steun genoot van veel toonaangevende firma’s op het gebied van de financiële dienstverlening, heeft het onthullen ervan geleid tot een mondiale reactie, en veel van die partners hebben zich teruggetrokken.

Een zusterbedrijf van Google biedt aan de dienstverlening van lokale overheden over te nemen, in ruil voor controle over de publieke data en de beslissingsmacht.

Op zijn beurt heeft Amazon zich op agressieve wijze op de markt voor overheidsopdrachten gestort, door een brede reeks informatiediensten te verstrekken aan federale en lokale agentschappen. Het bedrijf heeft gezichtsherkenningssoftware aangeboden aan wetshandhavingsorganen als de Immigrations and Customs Enforcement (ICE), ook al kampt de software met impliciete vooroordelen tegen ‘mensen met een kleur’.

De nieuwe initiatieven van Microsoft zijn minder brutaal, maar daarom nog niet minder problematisch. Zijn werk op het gebied van de kunstmatige intelligentie omvat toepassingen die de ordehandhaving automatiseren. Net als met gezichtsherkenning worden vroege, op AI gebaseerde, apps voor de ordehandhaving geplaagd door impliciete vooroordelen. Los van de vraag of dat het gevolg is van een slecht ontwerp of van klantvoorkeuren, is het een feit dat niemand al een oplossing heeft gevonden voor dat probleem.

De afgelopen twee decennia hebben de toonaangevende internetplatforms de deregulering en de mazen in de wet gebruikt om mondiale bedrijven op te bouwen en enorme rijkdom te vergaren. De successen hebben tot arrogantie geleid, met name bij Facebook en Google, die beleidsmakers hebben getrotseerd in contexten waarin andere bedrijven dat niet hebben gedaan. Deze bedrijven domineren nu onze levens, dikwijls op manieren die wij niet eens beseffen. Zij zijn niet gekozen en hoeven geen verantwoording af te leggen, en ze vervangen zelfbeschikking en democratische besluitvorming door algoritmische processen. Open samenlevingen kunnen bedrijven niet toestaan zich op die manier te gedragen. Als burgers moeten we eisen dat onze regeringen hen tot de orde roepen zolang ze daartoe nog in staat zijn.

Roger McNamee is medeoprichter van Elevation Partners en een investeerder van het eerste uur in Facebook, Google en Amazon.

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud