opinie

De NAVO is het fundament van een verenigd Europa

Alexander Mattelaer

De NAVO-top doet de vraag rijzen of Brussel zich kan handhaven zonder de historische band met Washington. Maar we hoeven helemaal geen verscheurende keuze te maken tussen onze Europese roeping en die trans-Atlantische band.

Door Alexander Mattelaer, directeur Europese Zaken bij Egmont, het Koninklijk Instituut voor Internationale Betrekkingen. Hij doceert Europese politiek en defensievraagstukken aan de Vrije Universiteit Brussel en aan het Europacollege

Kan de Europese constructie overleven zonder transAtlantische verankering? Dat is de gevoeligste vraag die zich aandient in de marge van de NAVO-top. Bij gebrek aan een historisch precedent ligt het antwoord niet voor de hand. Ook in het verleden waren er vaak spanningen tussen Washington en de Europese hoofdsteden. Maar nooit eerder stelde een Amerikaanse regering de na 1945 zo moeizaam opgebouwde wereldorde in vraag. Tegelijk groeien de intra-Europese spanningen. Niet alleen over migratie, maar ook over het macro-economische model en het buitenlands beleid van de Unie.

De Belgische engagementen in de NAVO zijn belangrijk voor onze positie op het Europese continent.

Daarom is het een misvatting te stellen dat minder Amerikaanse betrokkenheid automatisch tot meer Europese eenheid leidt. Het is van primordiaal belang dat België opnieuw zijn NAVO-engagementen nakomt. Ze zijn de fundamentele pijler onder ons Europabeleid en onze nationale veiligheid.

Hoe ontwrichtend ons tijdvak ook lijkt, het is niet de eerste keer dat we moeten nadenken over de toekomst van de wereldorde. Na 1945 ontwikkelden Belgische regeringen een buitenlandstrategie die op drie pijlers steunde: een keuze voor vrijheid en democratie, het verlaten van de gefaalde neutraliteitspolitiek en het methodisch construeren van multilaterale instellingen. Opeenvolgend werd België een stichtend lid van de Verenigde Naties, de NAVO en wat we nu kennen als de Europese Unie.

Afbrokkelen

Het is een bijna vergeten succesformule, want de voorbije jaren viel het ons land steeds moeilijker aan de lidmaatschapsverplichtingen te voldoen. In die zin hoeft het afbrokkelen van de multilaterale orde niet te verbazen, precies omdat die slechts overeind wordt gehouden door het onafgebroken engagement van de landen die haar hebben opgebouwd.

De brutale wijze waarop de Amerikaanse president Donald Trump aan diplomatie doet, voedt het idee dat Europa maar beter een eigen koers kan varen. Maar in Europa is er geen gemeenschappelijke visie over wat die koers moet zijn. Nu al hebben de Britten besloten hun EU-lidmaatschap te beëindigen en liggen ook landen als Polen - met de impliciete steun van Trump - op aanvaringskoers met de Europese instellingen.

Zelfs in de historische kerngroep stelt zich de vraag op welke manier de Franse-Duitse tandem Europese leiding kan geven.

Zelfs in de historische kerngroep stelt zich de vraag op welke manier de Franse-Duitse tandem Europese leiding kan geven. Parijs wil graag leiden, maar mist economische macht. Berlijn kan misschien leiden, maar besteedt die rol liever uit aan breder gedragen instellingen waarin de groeiende Duitse macht wordt ingebed. Uiteraard is het in het belang van België om een plaats in de Europese cockpit te ambiëren, maar dat geldt ook als de Europese politiek weer meer rivaliserende trekjes krijgt.

Het goede nieuws is dat we helemaal geen verscheurende keuze hoeven te maken tussen onze Europese roeping en de trans-Atlantische band. De opgave is om onze eigen buitenlandstrategie te herijken met aandacht voor zowel Europa als de wijdere wereld. Ons tijdelijk lidmaatschap van de VN-Veiligheidsraad is een eerste stap.

De moeite waard

De Europese veiligheid valt met de VS goedkoper en doeltreffender te organiseren dan op eigen kracht. De NAVO behoudt daarom een enorme toegevoegde waarde voor alle Europese bondgenoten, niet alleen in een onwaarschijnlijk maar niet ondenkbaar conflict met Rusland, maar ook als stabiliserende factor in de intra-Europese geopolitieke dynamiek. De Belgische engagementen in de NAVO zijn belangrijk voor onze positie op het Europese continent.

Als we Europa verenigd willen houden, moeten we onze verplichtingen als bondgenoot onverminderd nakomen. Wat houdt dat in? Er zijn drie minimumcriteria. Een: al in 2014 werd op het allerhoogste niveau afgesproken de defensieuitgaven weer te verhogen, na niet minder dan drie decennia besparingen. Inmiddels is die afspraak ook verankerd in een Raadsbeslissing van de EU. Het traject dat de Belgische regering heeft uitgestippeld - een groei naar 1,3 procent van het bruto binnenlands product - is een belangrijke stap, maar hij is ook onvoldoende.

België speelt een bijzondere rol in de delicate evenwichtsoefening tussen nucleaire afschrikking en wapenbeheersing. In het licht van de Russische sabelslijperij moet ook die rol met de grootste omzichtigheid behandeld worden.

Twee: ons defensiebudget dient om gevechtscapaciteit te verwerven voor de collectieve verdediging van het Europese continent. Zo helpt de Belgische deelname aan de NAVO-aanwezigheid in de Baltische staten rechtstreeks de intra-Europese cohesie te bestendigen. Maar de geloofwaardigheid van die militaire struikeldraad staat of valt met de paraatheid van de versterkingen bij een conflict. Daar heeft de Belgische defensie nog een hele weg af te leggen: naast de F-16 vervanging dient zich de heropbouw van de landgevechtscapaciteit aan.

Tot slot speelt België een bijzondere rol in de delicate evenwichtsoefening tussen nucleaire afschrikking en wapenbeheersing. In het licht van de Russische sabelslijperij moet ook die rol met de grootste omzichtigheid behandeld worden. Bij elkaar opgeteld zijn die engagementen niet licht om dragen. Maar als de multilaterale orde ons lief is, dan is de inspanning de moeite waard.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content