opinie

Digitaliseren kan van rechtspraak minder een loterij maken

Advocaat bij het kantoor Eubelius

De werkelijke kracht van de digitalisering van justitie is meten van al wat meetbaar is. Hoe lang duurt een zaak? Wat is doorgaans de eindbeslissing? Wat is de norm, wat is de afwijking? De burger heeft recht op essentiële voorinformatie eer hij klant wordt van justitie, want procederen is nu nog te vaak een loterij.

Door Patrick Hofströssler, advocaat bij Eubelius, het vroegere kantoor van justitieminister Koen Geens

Prachtig nieuws toch. Terwijl u al meer pc’s dan levensgezellen of -gezellinnen hebt versleten en al jaar en dag naarstig bestanden aanlegt, wijzigt, wist en verzendt, zijn de vonnissen die onze rechters produceren nu ook al gedigitaliseerd. Nou moe. We zijn 2017. Informatiseren van Justitie, het is me wat: een ellendig verhaal van vallen en weer opstaan, om toch maar weer te vallen, maar deze keer lukt het wel.

Ook de advocatuur wordt er uiteindelijk beter van. Gedaan met het verkopen van ‘drie-keer-schieten-één keer-prijs’.

Voor de luidruchtigsten met de eer gaan lopen, een woord van lof voor de vele stille krachten van justitie die onverstoorbaar, soms met de moed der wanhoop, veelal zonder dank en altijd zonder budget, elk op hun manier van informatiseren van justitie hun levensdoel maakten.

Vele griffiers, administratieve krachten, rechters - jawel, ook rechters, en niet de minsten - sloegen aan het programmeren, ontwierpen information flows, ontwierpen modellen of stelden databases samen dat het een lieve lust was. Naast hun dagtaak. Tijdens hun vakantie. Met hun spaarcenten.

©rv

Het waren die rechters en griffiers die advocaten vroegen om hun processtukken ook even op usb-stick te zetten. Of te mailen, vaak naar een Telenet- of Gmail-adres. En dan was de advocaat fier dat een vonnis bol stond van de gecopy-pastete citaten uit zijn conclusies. Kon je de cliënt effe moeiteloos mee inpakken. Toch als het vonnis gunstig was.

Wij advocaten snoefden ondertussen als de besten. Wij waren al lang geïnformatiseerd, werkten met de nieuwste programma’s, kochten de nieuwste snufjes, maakten er een erezaak van dat we konden mailen van de andere kant van de wereld, maar verder dan wat meewarig schuddebollen bij justitieel informaticagejammer kwamen we niet.

Meten is weten

En nu moeten we even opletten.

De overheid beent ons bij. En dat is goed. We hebben een goed georganiseerde, professionele en bijdehandse overheid nodig. Hoe beter de overheid, hoe beter de dienstverlening. Maar die stopt natuurlijk niet bij gedigitaliseerde vonnissen. Die je ook met de mail kan krijgen.

Neen, de uitdaging is heel anders. Waar het werkelijk om gaat is het weten door te meten.

Het is en het blijft niet makkelijk om te voorspellen hoe een zaak gaat aflopen.

Een paar jaar terug schopte ik tegen wat zere justitieschenen door in deze krant te zeggen dat procederen nog te vaak een loterij was. Dat is - het spijt me zeer - soms nog steeds zo. Het is en het blijft niet makkelijk om te voorspellen hoe een zaak gaat aflopen.

Ik heb het natuurlijk niet over de karikatuur die u moeiteloos uit uw mouw schudt. Als ik mijn buurman de kop in sla, vlieg ik de bak in. Tuurlijk. De bedrijfsleider die zijn groen geweten boost en voor zijn personeel hybride bedrijfsauto’s aanschaft zal toch twee keer nadenken voor hij de verkoper dagvaardt in schadevergoeding omdat die dingen minder verder rijden dan wat in de glimmende brochure staat.

Voor de ene rechter zal het verhaal er een zijn van eigen schuld, dikke bult, overdrijven hoort er immers bij, je moet er maar niet intrappen. Voor een andere rechter moet het nu eens gedaan zijn met die volksverlakkerij. En kan met de riante schadevergoeding de nieuwste Panamera Turbo S Executive worden besteld. De E-Hybrid, dat spreekt.

Onzekerheid

Welnu, ik denk dat de burger wel recht heeft op essentiële voorinformatie vooraleer hij klant van justitie wordt. Hij mag wel weten hoe waarschijnlijk zijn kans op succes of verlies wel is. Hoe lang hij in onzekerheid zal leven. Wat het grapje hem dreigt te kosten.

Procederen heeft wel meer voeten in de aarde dan een goede advocaat te kiezen

Natuurlijk wordt recht spreken geen exacte wetenschap en spelen alle feiten, ook de meest specifieke of uitzonderlijke, een rol. Laat net dat ene specifieke aspect de weegschaal van Vrouwe Justitia keihard op de kop van een procespartij doorslaan. En maakt een goede advocaat precies daar het verschil. Maar misschien heeft procederen wel meer voeten in de aarde dan een goede advocaat te kiezen (wat is een goed advocaat trouwens en hoe vind je die?), een goed dossier op te bouwen, op Vlaamse wijze ‘zijn best te doen’ en dan te hopen op een goede afloop.

De werkelijke kracht van een gedigitaliseerde justitie is het meten van al wat meetbaar is. Hoe lang duurt een zaak? Wat is doorgaans de eindbeslissing? Wat is de norm, wat is de afwijking?

De burger kan dan beter weten hoe waarschijnlijk of onwaarschijnlijk zijn beoogd succes is en of wat zijn advocaat hem voorspiegelt wel kan worden onderbouwd.

Digitaliseren is dus geen doel op zich en al zeker geen eindstation. Het gaat erom wat je ermee aanvangt. De digitalisering maakt het bestuderen van procesgedrag en casussen uit het leven gegrepen mogelijk, digitalisering vult databases, haalt de statisticus in ons boven, verleidt ons tot bevragingen allerhande en helpt finaal de burger vooruit. Hij kan dan beter weten hoe de samenleving met recht omgaat, wat kan en wat niet kan, hoe waarschijnlijk of onwaarschijnlijk zijn beoogd succes is en of wat zijn advocaat hem voorspiegelt wel kan worden onderbouwd.

En dus wordt de advocatuur er finaal ook beter van. Gedaan met het verkopen van ‘drie-keer-schieten-één keer-prijs’, een betere kwaliteit, een betere dienstverlening, een tevredener klant van justitie en van de advocaat. Dat moet de doelstelling zijn van een gedigitaliseerde justitie.

Gesponsorde inhoud