opinie

Een Amerikaans-Chinese handelsoorlog? Misschien toch niet helemaal

Voorzitter Asia-Pacific van Rheinzink, een Duitse multinational

Vanuit China bekeken lijkt de dreigende handelsoorlog met de Verenigde Staten nog wel mee te vallen.

Gisteren deelde het Witte Huis mee dat het voor een totaal van 60 miljard dollar aan strafmaatregelen tegen China uitvaardigt. Het zou gaan om heffingen op de invoer van Chinese producten die als 'compensatie moeten dienen voor de winsten die de Chinezen behalen via oneerlijke handelspraktijken'. De Chinese ambassadeur in Washington verklaarde sterk teleurgesteld te zijn. 'We willen geen handelsoorlog, maar we zijn er niet bang voor', zei ambassadeur Cui Tiankai.

Op het eerste zicht lijken de Verenigde Staten en China lijnrecht tegenover elkaar te staan. Zoals alle populistische politici moet de Amerikaanse president stoere uitspraken en acties ondernemen die zijn kiezers paaien en aantonen hoe sterk hij wel is. Langetermijnbeleid en bijhorende gevolgen komen voor hem niet op de eerste plaats.

Dat is in de relatie met China, de grote economische rivaal, niet anders. Bovendien zijn er begin november verkiezingen voor het Amerikaanse Congres, die voor de Republikeinse partij  moeilijk beloven te worden. Een sterke stellingname tegenover China is koren op de molen voor een groot deel van de Republikeinse achterban en leidt de aandacht af van andere thema´s zoals het afschaffen van Obamacare. Daarom heeft Trump een overwinning tegen China nodig.

China daarentegen heeft een langetermijnvisie. De Chinese machthebbers worden niet gehinderd door jaarlijkse verkiezingen. Ze kunnen dan ook een beleid uitstippelen dat focust op de ontwikkeling voor de volgende 40 jaar. En terwijl de Verenigde Staten zich meer en meer protectionistisch opstellen, heeft China zich opgeworpen als de nieuwe verdediger en voortrekker van globalisering. Dat werd vooral duidelijk tijdens het World Economic Forum vorig jaar in Davos, toen president Xi Jinping een speech gaf die de Chinese ambities bij de globalisering in de verf zette. China wil dus in principe niet weten van een handelsoorlog.

Fabriek van de wereld

Toch kan het allemaal nog wel meevallen. China is nog altijd de fabriek van de wereld: 24 procent van alle goederen ter wereld worden in China geproduceerd. Daarvan wordt maar 15 procent naar het buitenland geëxporteerd. De Chinese economie groeit nog altijd met meer dan 6 procent, meer dan de helft van die groei komt van de snel groeiende Chinese middenklasse.

Een staalarbeider in een Chinese fabriek. ©REUTERS

Netto-export is maar goed voor 9 procent van de Chinese groei. Van al het staal dat de Verenigde Staten importeren, komt amper 2,9 procent uit China. Voor aluminum ligt dat een beetje anders: van de Chinese export gaat 14 procent naar de VS. De Chinese groei hangt zeker niet helemaal af van export, zoals in het verleden wel het geval was.

Daarnaast zijn er ook hervormingen aan Chinese kant. Omdat de economie in verschillende sectoren met een overproductie kampte, werd in bepaalde sectoren productiecapaciteit weggenomen, met als doel ze weer gezond te maken.

Zo sloten sinds 2015 in Tangshan, een stad waar ik drie jaar heb gewoond en waar 10 procent van al het Chinese staal geproduceerd wordt, meerdere staalbedrijven de deuren. Dat heeft de winsten van de staalbedrijven enorm omhooggedreven, waarbij tegelijk een grotere focus lag op de productie van staal van hogere kwaliteit. Met andere woorden, de Chinese overheid zet in op minder volume, hogere kwaliteit en hogere marges, met een grotere afzetmarkt in China zelf in plaats van te vertrouwen op export.

Onervaren Amerikaanse onderhandelaars

Eigenlijk liggen de Chinese en Amerikaanse belangen niet zo ver van elkaar verwijderd. Trump wil minder Chinese producten en China wil meer verkopen op de eigen markt. Daarom bestaat de kans dat China enkele toegevingen doet, waarbij het Trump zijn overwinning gunt. China heeft het grotere plaatje voor ogen. Het moet vooral maken dat de binnenlandse consumptie blijft groeien en dat het rustig kan voortwerken aan zijn gestage opmars op het wereldtoneel.

Trump is slecht voorbereid op een handelsoorlog. Terwijl het Amerikaanse departement Buitenlandse Zaken door budgetbeperkingen zo goed als leeggelopen is, verhoogt Beijing zijn budget hiervoor jaarlijks met 15 procent. De ervaren Chinese diplomaten, die al tientallen jaren met de Verenigde Staten handelen en weten waar de gevoeligheden liggen, worden nu geconfronteerd met onervaren Amerikaanse onderhandelaars.

Het valt zelfs niet uit te sluiten dat de Amerikaanse diplomaten helemaal nog geen Chinastrategie hebben. We krijgen dus een verhaal van de Chinese kat die met een Amerikaanse muis speelt. En Trump? Die wordt simpelweg bespeeld door China. Xi Jingping gunt hem alles wat hij wil zolang het de langetermijnstrategie van China maar niet in de weg staat.

Lees verder

Gesponsorde inhoud