opinie

Het zwaard van Alexander

Alexander De Grote vond in Gordium een oplossing voor de befaamde onontwarbare knoop toen hij die simpelweg met zijn zwaard doorhakte. Kan Alexander De Croo hetzelfde in het loonconflict tussen vakbonden en werkgevers?

Bij de ‘slechts’ 0,4 procent loonopslag vergeten de vakbonden bewust in hun communicatie dat daar de inflatie moet worden bijgeteld. Als een Nederlander, Duitser of andere wereldburger die 0,4 procent zou uitspreken, komt er niets bovenop. De vakbonden doen alsof de inflatie volgen ‘nul’ betekent. Koopkrachtbehoud is in België in alle omstandigheden een evidentie, prijsverhogingen zijn dat voor de bedrijven niet. Die ingebedde constructie met daarnaast heel wat vastgelegde loonbarema’s en anciënniteitsregelingen maakt dat het overgrote deel van de opslag voor de Belgische werknemer op voorhand is gebetonneerd en weinig te maken heeft met zijn individuele verdienste en al evenmin met de bedrijfsprestaties.

De essentie

  • De auteur: Ignace Van Doorselaere is zaakvoerder van 4F.
  • De kwestie: het loondebat wordt op de verkeerde manier gevoerd.
  • Het voorstel: verminder de lasten op het loon en de staatsuitgaven.

Die collectivisering van de loonsverhogingen laat nauwelijks ruimte voor onderscheid tussen wie echt opslag verdient en wie gewoon meerijdt in het peloton. We zitten vast aan nationale akkoorden, terwijl we eerder behoefte hebben aan sector- of zelfs bedrijfsakkoorden, aan decentralisatie en flexibiliteit. Ik heb meer vertrouwen in de relatie tussen de bedrijfsleiding en lokale vakbondsleden dan in het nationale overleg. Uiteraard wens ik de globale koopkracht van mijn medewerkers te verhogen, weliswaar met meer flexibiliteit rond hoe en voor wie. Laat ons meer betalen voor individuele of teamverdienste en bedrijfsgroei, eerder dan voor aanwezigheid.  De spreidstand tussen werkgevers en vakbonden is op dat vlak dermate groot dat dit opiniestuk daar geen millimeter beweging in krijgt.

Ik heb meer vertrouwen in de relatie tussen de bedrijfsleiding en lokale vakbondsleden dan in het nationale overleg.

De suggestie van Vooruit-voorzitter Conner Rousseau om als tegenzet voor de patstelling in het loonoverleg dividenden te blokkeren, getuigt van naïviteit. Loon is de vergoeding voor zweet, rente voor schuld, facturen voor leveranciers, dividend voor aandeelhoudersrisico. Suggereert hij ook dat bij gebrek aan een loonakkoord de kredietverschaffers hun rente niet mogen krijgen of dat leveranciers hun facturen met 10 procent moeten verminderen voor bedrijven die het minder goed doen?  Niemand wil immers het basisloon van de werknemers laten eroderen. We gunnen mensen het behoud van hun nettokoopkracht. Het zou even absurd klinken om verlieslatende bedrijven loondalingen op te leggen.

Als Rousseau niet begrijpt dat een aandeelhouder recht heeft op een dividend - dat is het basisloon voor het nemen van risico - net zoals een arbeider recht heeft op loon voor het geleverde zweet, moet hij zich informeren hoe een bedrijf werkt, meer bepaald over het belang van een gemotiveerde en ambitieuze aandeelhouder. Die laatste is fundamenteel voor de toekomst van een land en zijn tewerkstelling, inclusief de job en het loon van zijn kassierster in Nieuwpoort.  Zijn mediastunt loopt dood in een niemandsland.

Blauw zwaard

Wat ons brengt bij het - hopelijk blauwe - zwaard van Alexander. Uiteraard is koopkrachtgroei belangrijk. Wie is hier de grote slokop?  Niet de arbeider of bediende, evenmin het bedrijf, maar de overheid. Een laag geschoolde arbeider bij Neuhaus krijgt minder dan de helft op zijn rekening van wat hij aan het bedrijf kost. Bij een hoger kaderlid stijgt die bruto-nettospanning verder. Daarenboven gaat het leeuwendeel van elke euro opslag, ook die van Conners kassierster, naar de overheid omdat opslag nu eenmaal in relatief hogere loonschalen zit. We zitten gevangen in een communistisch gedachtegoed. Pakweg driekwart van de loonopslag is collectief en daarvan gaat meer dan 60 procent naar de overheid. Het is dus eerder de overheid die opslag krijgt, niet u. De echte koopkrachtverhoging bestaat erin systematisch het netto-inkomen te verhogen zonder de kosten voor het bedrijf te laten toenemen. Laat de overheidsbijdrage geleidelijk dalen, jaar na jaar, in het voordeel van de werknemer. Dat is het zwaard dat een liberale premier moet hanteren.

We zitten gevangen in een communistisch gedachtegoed. Pakweg driekwart van de loonopslag is collectief en daarvan gaat meer dan 60 procent naar de overheid.

Wie moet bijdragen om het extra gat in de begroting te vullen? Niet een andere belastingplichtige, wel de reductie van de verspilzucht. Ooit vroeg ik om een minister van Verspilfraude. Zeven maand later bestaat de job nog altijd niet. We blijven geld weggooien aan structuren die niets toevoegen, aan versnippering en inefficiëntie, subsidies voor bedrijven die zonder kunnen en te hoge pensioenen voor mensen die miljoenen opzij konden zetten. Van zodra die verspilstroom is opgedroogd, kunnen we overwegen lasten te verschuiven naar andere schouders. Het wordt tijd voor creativiteit en lef? 'Spend entrepreneurship before you spend money.' Win-win-win: hoger netto voor werknemers, stabiele bedrijfskosten, minder overheidsverspilling. 

Als dat geen blauw zwaard is.  Nu aan Alexander om het te hanteren.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud