opinie

Is er ruimte voor loonstijging bovenop een foute indexkoppeling?

De inkomens van de werknemers zijn sterker gestegen dan goed is voor onze economie en de concurrentiepositie van de bedrijven. Een indexsprong kan zoals enkele jaren geleden een sociaal verantwoorde correctie zijn op de indexkoppeling.

Door Stefan Kesenne, emeritus professor UA

De vakbonden hebben de loononderhandelingen met patronaat en overheid verlaten en dreigen met een nationale staking omdat de bestaande loonwet slechts een loonstijging van 0,8 % zou toestaan om de concurrentiepositie van de Belgische bedrijven ten opzichte van hun voornaamste handelspartners veilig te stellen.

Het behoud van de koopkracht van de bevolking is uiteraard belangrijk voor de tewerkstelling en gezondheid van de economie, maar even belangrijk is de beperking van de loonkosten van de bedrijven in een internationale concurrentiële omgeving. Het is bijgevolg aangewezen dat de indexkoppeling de koopkracht beschermt zonder de loonkost van de bedrijven te verhogen.

Er is niets mis met de automatische koppeling van de lonen aan de index, maar de Belgische indexkoppeling zit fundamenteel fout. Ze overcompenseert de koopkracht van de werknemers en verhoogt zo de arbeidskost van de bedrijven en tast hun concurrentiepositie aan.

De foute indexkoppeling veroorzaakt een ongewenste inkomensherverdeling tussen loontrekkenden en kleine zelfstandigen en vrije beroepen, want hun inkomens zijn niet aan de prijsindex gekoppeld

De lonen zijn immers gekoppeld aan de index van de kleinhandelsprijzen (of de consumptieprijsindex). Deze prijsindex wordt in de zeer open Belgische economie in hoge mate beïnvloed door importprijzen of buitenlandse prijsstijgingen. Een buitenlandse prijsstijging, zoals van olie of grondstoffen, betekent een globale verarming van de Belgische bevolking. Indien deze buitenlandse prijsstijgingen correct worden doorgerekend in de Belgische consumptieprijzen, wordt daar niet één Belgisch consument of bedrijf beter van. Integendeel, de Belgische bevolking levert globaal in.

Solidaire inkomensverdeling

Niettemin worden de inkomens van de loontrekkenden, en dus ook deze van royaal betaalde ambtenaren, via de bestaande indexkoppeling verhoogd, zodat alle niet-geïndexeerde inkomens noodzakelijkerwijs inleveren. Deze foute indexkoppeling veroorzaakt bijgevolg een ongewenste inkomensherverdeling tussen loontrekkenden en kleine zelfstandigen en vrije beroepen, want hun inkomens zijn niet aan de prijsindex gekoppeld. Voor een betere en meer solidaire inkomensverdeling tussen lage en hoge inkomens is de progressiviteit van de inkomensbelasting het gepaste instrument, en niet de indexkoppeling.

Het protest van de vakbonden tegen een indexsprong is grotesk

Een noodzakelijke correctie op deze foute indexkoppeling is om de stijging van de importprijzen weg te halen uit de consumptieprijsindex. Dit is echter een vrij complexe oefening. Een eenvoudiger maar verantwoord alternatief zou kunnen zijn om de lonen jaarlijks aan te passen aan de bbp-deflator (de prijsindex van het bruto binnenlands product), waarin de buitenlandse prijsstijgingen zijn weggecijferd. Een eerder beperkt nadeel is wel dat de bbp-deflator naast de consumptieprijzen ook de prijzen van investeringen omvat.

Deze bbp-deflator is de voorbije vijf jaar gestegen met ongeveer 2,7%, terwijl de consumptieprijsindex met 8,2% omhoog ging. Het verschil is vooral te wijten aan gestegen importprijzen. De inkomens van de werknemers zijn bijgevolg, via de koppeling aan de consumptieprijsindex, sterker gestegen dan goed is voor de Belgische economie en de concurrentiepositie van de Belgische bedrijven. Bovenop een correcte indexering genoten de werknemers dus al een loonstijging van ongeveer 5%. Ook via een indexsprong, zoals enkele jaren geleden, kan een sociaal verantwoorde correctie op de indexkoppeling worden toegepast, ondanks het groteske protest hiertegen vanwege de vakbonden.

Op langere termijn komt een correcte loonaanpassing de arbeidskosten en de concurrentiepositie van de Belgische bedrijven ten goede, en dus ook de werkgelegenheid en de koopkracht van de bevolking.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud