opinie

Je kan ook te veel vaccinatiecentra hebben

Door te veel vaccinatiecentra in te richten dreigt men dezelfde fout te maken als vroeger, met de inplanting van te kleine treinstations. Zes centraal gecoördineerde en professioneel gerunde vaccinatiecentra per provincie is logischer, veiliger en sneller.

Uit onze berekeningen komt duidelijk naar voren dat het optimale aantal vaccinatiecentra -  maatschappelijke kosten, baten, efficiëntie en effectiviteit in acht genomen - voor heel België rond 70 à 75 (zoals het aantal huisartsenwachtposten) ligt. Dit betekent vier à zes vaccinatiecentra per provincie, één per 150 à 250.000 inwoners. Dat staat haaks op de intussen door de overheid voorgestelde fijnmazige vaccinatiestrategie, waarin geopteerd wordt voor één vaccinatiecentrum per 50.000 inwoners.

Het goedbedoelde, maar nefaste gemeentelijk opbod van burgemeesters om een lokaal vaccinatiecentrum te mogen organiseren lijkt ons niet de juiste strategie.

Eerder concludeerden we al dat het logisch is dat de eerstelijnsgezondheidswerkers, het ziekenhuis- en woon-zorgpersoneel, én de inwoners van woon-zorgcentra lokaal in hun werk- of woonomgeving prioritair kunnen worden ingeënt. 65-plussers met een onderliggende medische aandoening kunnen hun vaccinaties het beste krijgen via hun huisarts. De overheid is daar intussen mee begonnen en is van plan die prioritaire doelgroepen voor eind maart te vaccineren.

Voor de verdere uitrol van de vaccinaties, toch voor zo’n 8 miljoen inwoners, is vanuit maatschappelijk oogpunt een volledig centrale aanpak praktisch onhaalbaar. Iedereen twee keer (de meeste vaccins vereisen twee dosissen met tijdsinterval) naar Brussel of de provinciehoofstad laten reizen, is geen optie. Eerdere studies toonden aan dat de vaccinatiegraad stijgt naarmate het vaccinatiecentrum dichter bij huis ligt.

Vanuit logistiek en organisatorisch standpunt is het echter niet aangewezen te kiezen voor een sterk decentrale distributie tot op het niveau van de lokale postbode of de huisarts. Virologen beogen een vaccinatiegraad van minimaal 70 procent om de nodige groepsimmuniteit te creëren. De beleidsoptie met meer dan 200 vaccinatiecentra zal ongetwijfeld helpen om dat te bereiken.

Buurlanden

Het berekende optimum vanuit logistiek, mobiliteits- en organisatorisch haalbaarheidsoogpunt is echter een verdeling van het vaccin in goed georganiseerde vaccinatiecentra, opgezet per arrondissement of huisartsenwachtpost. In onze buurlanden wordt die aanpak ook gehanteerd.

Onze berekeningen tonen aan dat het opzetten van 40 à 73 vaccinatiecentra uitdagend maar haalbaar is. Door zijn ervaring met zulke events is de evenementensector perfect geplaatst om die centra snel, praktisch en veilig op te zetten en te ondersteunen.

Een te fijnmazig netwerk van vaccinatiecentra kan door een te complexe logistiek fouten en inefficiënties in de hand werken.

Een te fijnmazig netwerk van vaccinatiecentra kan door een te complexe logistiek fouten en inefficiënties in de hand werken. Binnenkort zal de federale overheid via de Europese aankopen vier of vijf vaccins met verschillende bewaar- en manipulatiecondities verdelen. Vijf verschillende types vaccins op structurele basis verdelen over potentieel meer dan 200 centra in België vergt een erg complexe planning. Alleen al door die combinatie zullen er enorm veel verschillende ‘shipment-combinaties’ zijn.

In logistiek is natuurlijk alles haalbaar - retailers doen dit soort zaken al jaren - maar omdat het op zo'n korte termijn moet gebeuren, lijkt een beperking van het aantal centra het te verkiezen scenario. En last but not least: hoe meer centra, hoe meer potentieel verlies van vaccin op het einde van de dag, door niet alle flesjes te kunnen opgebruiken.

Treinstations

We begrijpen dat vele burgemeesters van gemeenten ijveren voor een eigen vaccinatiecentrum. Dat is niet alleen voor de eigen inwoners interessant, ook voor de service die de gemeenten hun inwoners geven. Wij vrezen alleen dat er nu een opbod is tussen gemeentebesturen, waardoor niet altijd de optimale locaties worden gekozen. We willen daarbij de vergelijking maken met de eeuwige discussie over de inplanting van te kleine treinstations.

Veel zulke stations werden decennia geleden soms geopend in zeer kleine dorpen en gehuchten, waarbij vaak niet het aantal reizigers, maar de politieke banden die burgemeesters onderhielden de aanleiding waren voor het openen van een station.

Wij vrezen dat door een opbod tussen de gemeentebesturen niet altijd de optimale locaties worden gekozen.

Vaak moesten treinen stoppen voor weinig reizigers, waardoor hoofdlijnen soms kampten met te weinig beschikbare capaciteit en die kleinere stationslijnen een laag kwalitatief aanbod kregen. De onderhouds- en logistieke kosten van die kleine stations stonden ook niet in verhouding tot het aantal reizigers. En als de stationschef ziek was, rees meteen een groot probleem. 

We zouden willen waarschuwen deze fout niet te maken bij de keuze van de vaccinatiecentra, en de locaties zo veel mogelijk te objectiveren. De universiteiten UAntwerpen, UGent en UHasselt hebben een geschiktheidskaart gemaakt op basis van objectieve parameters, met de optimale locaties per provincie. De overheid kan die raadplegen en zo de discussie tussen de gemeentebesturen objectiveren.  

We raden aan om te focussen op een goede balans tussen nabijheid en mobiliteit versus logistiek en organisatie. Het goedbedoelde, maar nefaste gemeentelijk opbod van burgemeesters om een lokaal vaccinatiecentrum te mogen organiseren lijkt ons niet de juiste strategie. Een fijnmazig netwerk van vaccinatiecentra in België komt ongetwijfeld de vaccinatiegraad van de bevolking ten goede, maar grotere, centraal gecoördineerde en professioneel gerunde vaccinatiecentra zijn logischer, veiliger en sneller.

Denktank Vaccine Logistics

Joris Beckers, economisch geograaf UAntwerpen, Wouter Dewulf, transporteconoom UAntwerpen, Lars De Sloover, geograaf UGent, Roel Gevaers, transporteconoom UAntwerpen, Nico Van de Weghe, geograaf UGent.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud