opinie

Kritisch leren denken wapent tegen totalitair dogmatisme

De oorzaak van de moordaanslag op de redactie van Charlie Hebdo is het onvermogen van een kleine maar groeiende minderheid moslimradicalen om zich als kritische burgers in onze pluralistische samenleving te bewegen. De moeilijke taak wacht om hen duidelijk te maken dat hun dogmatisch denkkader, dat geen kritiek duldt, geen plaats heeft in onze maatschappij. Kunnen we onze jongeren opleiden tot kritische burgers die immuun zijn voor dogmatisch gedachtengoed? Onderwijs is alvast een belangrijk deel van het antwoord.

Door Jean-Jacques De Gucht, Vlaams Parlementslid (Open VLD)

Bij de aanslag op het hoofdkwartier van het weekblad Charlie Hebdo lieten twaalf mensen het leven, onder wie ‘Charb’, ‘Cabu’, Tignous’ en ‘Wolinski’. Het zijn de befaamde geuzennamen van vier van de tekenaars van het satirische magazine die gebruik makend van hun messcherpe pen geen enkel heilig huisje ontzagen. Ze kleurden hun recht op vrije meningsuiting, waarvan de vrijheid van pers een inherent deel uitmaakt, maximaal in.

©BELGA

Met de aanslag op de vrijheid van meningsuiting is een hoeksteen van onze democratie zelf aangevallen. Die vrijheid garandeert dat bij het verkondigen van een mening angst voor repercussie onnodig is, en schept zo het noodzakelijke kader om binnen de publieke ruimte met elkaar het debat aan te gaan. Enkel zo krijgen we inzicht in elkaars opvattingen en achtergrond. Zeker in onze hyperdiverse samenleving die een groeiende verscheidenheid aan standpunten met zich meebrengt, is dit nodig willen we verdraagzaamheid en begrip laten triomferen over angst en vervreemding.

Onaantastbaar

Een even belangrijk aspect van de vrijheid van meningsuiting is dat ze ervoor zorgt dat niets of niemand onaantastbaar is. Alles en iedereen kan in vraag gesteld worden, en dus ook bespot worden. Dit kenmerk is vaak onderbelicht. Elke autoriteit, of dit nu een politieke partij, een staatshoofd of een geloof is, moet kunnen geridiculiseerd worden. Wanneer dit niet langer kan en de kritische stem van een pen monddood wordt gemaakt - in het beste geval figuurlijk via censuur- begraven we de democratie en belanden we in een dictatuur of in een islamitisch kalifaat.

We moeten populistische simplismen vermijden. We leven immers in een complexe en geglobaliseerde samenleving, waarin Ahmed net zo goed als Charlie zijn plaats heeft

Het onvermijdelijk effect van humor om een persoon of een instituut te bespotten is dat de stelling die erin vervat zit als een belediging kan worden opgevat door diegene die zich aangesproken voelt. Dit is zeker het geval bij de gemaskerde mannen die de pennenstreken van ‘Charb’, ‘Cabu’, Tignous’ en ‘Wolinski’ beantwoordden met kogels. Zij voelden zich schijnbaar onherstelbaar gekwetst door de satire waarmee hun geloof en profeet beschimpt werd. Maar geen enkele grap of grol - over kleuren en smaken valt te twisten - rechtvaardigt geweld. Geweld is altijd de grens in onze samenleving van het vrije woord.

In hun gekwetstheid zijn deze drie mannen bovendien allesbehalve alleen. Iederéén in onze maatschappij wordt geconfronteerd met meningen, al dan niet humoristisch verpakt, die kunnen kwetsen. Dit is onvermijdelijk in een samenleving waarin het iedereen vrij staat zijn of haar mening te ventileren. Maar net daarom is het een essentiële eigenschap van een burger in onze vrije samenleving dat hij of zij zich wapent tegen mogelijk affronterende meningen. Het valt op dat vooral mensen die uitgaan van een strikt dogmatisch denkkader zich sneller aangevallen voelen, doordat zij minder beslagen zijn in het kritisch reflecteren over zichzelf en de wereld waarin ze leven. Een tekening volstaat dan blijkbaar om tot in het diepst van je overtuiging geraakt te worden.

Meer dan waar ook moeten we in onze scholen, waar Ahmed en Charlie dezelfde schoolbank bevolken, onze jongeren voorbereiden op hun actieve participatie aan onze samenleving en haar hyperdiverse bevolking die een amalgaam aan meningen spuit

Voor een passend antwoord op deze problematiek moeten we populistische simplismen vermijden. We leven immers in een complexe en geglobaliseerde samenleving, waarin Ahmed net zo goed als Charlie zijn plaats heeft. Dat onderwijs een belangrijk deel is van dit antwoord staat echter buiten kijf. Meer dan waar ook moeten we in onze scholen, waar Ahmed en Charlie dezelfde schoolbank bevolken, onze jongeren voorbereiden op hun actieve participatie aan onze samenleving en haar hyperdiverse bevolking die een amalgaam aan meningen spuit.

Dit door hen bij te brengen dat het recht op vrije meningsuiting de dialoog in onze pluralistische samenleving mogelijk maakt en er voor zorgt dat geen enkele instantie, ideologie of religie verheven is boven alle kritiek. En dus ook dat dit betekent dat ze moeten aanvaarden dat ook hun eigen overtuiging het voorwerp van spot kan zijn. Onderricht in Voltaire lijkt mij alvast een goed startpunt. Enkel zo vormen we onze jongeren tot kritische burgers waarop een dogmatisch gedachtengoed geen vat heeft.

 

 

 

 

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud